16-11-12

De doos van Pandora

De doos van Pandora

 

 

 

Wat zich aankondigde als een perfecte herfstdag, sloeg op een paar seconden helemaal om.

 

Het begon allemaal zo:

 

 

Seg, nu dat ge toch gekwetst zijt en ni kunt lopen, zou je toch wat kunnen kuisen? 

 

Of denkte dat da allemaal vanzelf gaat...

 

 

Het was te laat om geruisloos de aftocht te blazen.  Iemand had bloed geroken...

 

 

Mijn vrouw keek me verwachtingsvol aan, met een priemende blik.

 

 

De priemende blik waarvan ik na 26 jaar goede en kwade tijden wist dat het nu niet het moment was om een schampere opmerking te maken over bijvoorbeeld een bepaalde periode van de maand, of iets van die strekking.

 

Met scha en schande had ik geleerd dat zo een opmerking volstond om in een totale uitzichtloze stellingenoorlog te verzanden, waarbij de tweede slag om Ieper hoogstens een vermakelijk uitstapje zou lijken, en een mens verdorie verlangend uitkijkt naar een fikse overdosis mosterdgas...

 

 

Ruzie hing in de lucht.

 

 

Toen ik nog jong en onbezonnen was, kwam er na ruzie altijd wiedergutmachungssex, tegenwoordig is het meestal wiedergutmachungsstofzuigen, helaas...

 

 

Heren, u kent dat wel, u bent bijvoorbeeld naar een voetbalmatch geweest met een paar slechte vrienden van vroeger.  Van het ene pintje kwam de andere Duvel, van je hela hola zet er de beuk maar in, na de rust geen bal meer gezien van voetbal, enfin, daags nadien kwam je thuis en prijs je je gelukkig dat er zoiets als teletekst bestaat,  zodat je toch nog tenminste de uitslag van de match kan opzoeken...  u begrijpt waar ik naar toe wil...

 

 

In dat soort situaties is er maar één weg terug, en die loopt via de stofzuiger ...

 

 

*****

 

 

Mijn vrouw had verplichtingen buitenshuis , dus ik had het kot vrij.

 

 

Ik zou natuurlijk wat kunnen kuisen.

 

 

Maar de verlokkingen van het internet zijn wat ze zijn.  Dus heb ik eerst alle nieuwssites leeggeplukt, dan nog wat bevriende blogs afgeschuimd, enkele sites rond lopen platgelezen, enfin, voor je het weet is de voormiddag de nek omgewrongen.

 

 

Dan toch maar met lange tanden een stofzuiger gepakt.

 

 

Want je kan, terwijl je in de zetel zit, toch redelijk wat stofzuigen in je directe omgeving.  Toch nadat ik had ontdekt dat de voorste buis van de stofzuiger nog verder uitgeschoven kon worden.  De eerste maal had ik gestofzuigd zonder te weten dat die buis ingeschoven stond; toen ik klaagde dat mijn rug pijn deed van gebukt te staan stofzuigen, heeft mijn vrouw me getoond hoe dat ding uiteen schuift (zelden heb ik me zo lomp gevoeld als toen, en de concurrentie op dat vlak is alleszins moordend....).

 

 

Enfin, dus wat rondstofzuigen.

 

Maar daar kom je niet mee weg.

 

 

*****

 

 

Het geheim van kuisen, mijne heren, is nochtans vrij simpel.

 

 

Het is, net zoals de coalitievorming in Antwerpen, allemaal een kwestie van perceptie.

 

 

Hoe ga je te werk?

 

 

Opruimen, stof afnemen, stofzuigen, vlekken camoufleren en dweilen.

 

 

 

Hoofdstuk 1: Opruimen.

 

Een mens verzamelt wat rotzooi in zijn leven.  En al die rotzooi slingert in het rond en verzamelt stof. 

 

Enkele vuistregels:

 

1. Alles wat in een straal van 1 armlengte naast een schuif of kast ligt, flikker je in die schuif of kast.

 

2. Maak van je hart een steen: dingen die niet van jou zijn, kunnen weggegooid worden.

 

3. Dingen die vlak naast een mat liggen, moet je er onder schuiven.  Dit is enkel geldig voor vuil en platte dingen (of dingen die je met de rechterhiel relatief plat kunt stampen).

 

4. De dikste (en bijgevolg meest in het oog springende) stofpluizen raap je manueel op en flikker je bij de kamerplanten.

 

 

Daarmee is het meeste werk al achter de rug.

 

Proficiat!

 

 

 

Hoofdstuk 2: Stof afnemen.

 

De meeste mensen nemen stof af met een stofdoek of een vochtige doek of zo.

 

Ik ben niet de meeste mensen.

 

 

Stof afnemen van voorwerpen doe ik met de stofzuiger (de kleinste voorwerpen zitten daarna meestal in de stofzuigzak; dat heeft een naam: collateral damage).

 

Bericht aan mijn vrouw: dat kleine borsteltje waarmee je je ogen schminkt en andere oorlogskleuren mee aanbrengt, jep, zit sinds vandaag in de stofzuigzak - me know nothing, I'm from Barcelona).

 

 

Het is trouwens fascinerend om zien hoe een bol breiwol stelselmatig opgezogen kan worden, bijna zo bevredigend als het opzuigen van kleingeld, levende kuikentjes en USB-sticks.

 

 

Oppervlaktes waar je niet tussengeraakt met je stofzuigkop, vragen een alternatieve aanpak.

 

Stofzuiger afzetten, diep ademhalen en....      ....krachtig blazen.

 

Zo zit er achter de DVD-speler inmiddels een enorme laag stof, vermoed ik. Niet dat dat erg is, want als student op kot heb ik proefondervindelijk kunnen vaststellen dat stoflagen na verloop van tijd niet meer dikker worden, maar hoogstens aan densiteit winnen. Door de druk van de zich opstapelende lagen stof, is de onderste laag stof al quasi versteend (via hetzelfde procédé ontstaan diamanten, meen ik eens ergens gelezen te hebben).

Trouwens op kot heb ik geweldig interessante proeven kunnen uitvoeren op het gebied van schimmelvorming op etensresten, maar dat valt niet onder de materie die we vandaag behandelen, vrees ik.

 

 

Waar was ik?

 

Blazen dus.

 

Geen stofdoek nodig, gewoon longinhoud (er is altijd een sportief kantje aan, niet?).

 

 

 

Hoofdstuk 3: Stofzuigen.

 

Na het opruimen en stof afnemen, volgt het stofzuigen. 

 

Daarvoor gelden volgende strikte regels:

 

 

3.1. Less is more

 

Stofzuig énkel de zones die je ziet.  Begin niet te zeulen met meubels en stoelen, je zal enkel nog meer stof vinden. Zoekt (niet) en gij zult (niet) vinden.

Bij stofzuigen geldt de ijzeren wet: fanatisme heeft nog nooit iets goeds voortgebracht (uitzondering gemaakt voor de marathon).

 

 

3.2 Zuigkracht en solidariteit

 

Hou rekening met de zuigkracht van uw toestel. 

 

Stel uzelf in vraag. 

 

Moet elke vierkante centimeter zo nodig worden gestofzuigd? Is dat de richting waarin u uw leven wil sturen?

 

Neen, gij, vertrouw er op dat het stof tot u zal komen. Verdeel de kamer in drie zones, stofzuig het middelste deel, en geloof mij: het stof van de twee zijkanten zal door de zuigkracht van het toestel naar binnen gezogen worden (het moet uiteindelijk van twee kanten komen, dacht ik zo, solidarnosc als het ware). 

Als dit niet lukt, dan is dat meestal een gevolg van het feit dat u niet genoeg zelfvertrouwen hebt.

 

 

3.3 Fauna en flora

 

Kamerplanten stofzuig je met het gleufje op de stofzuigbuis open, zodat je ze niet helemaal ontbladert.

 

Katten worden extra fluffy, mits gebruik van het juiste opzetstuk. 

 

Opgepast met het stofzuigen van pasgeboren katjes; wanneer je de stofzuiger op het achterwerk zet (anale suctie), kan het katje binnenstebuiten worden gezogen (en dat valt achteraf moeilijk uit te leggen aan schoolgaande kinderen).

 

 

 3.4. Vocht

 

Mag er vocht worden opgezogen met de stofzuiger?

 

Natuurlijk mag dat.

 

Weliswaar maximum 1 liter (bij kots moet er rekening gehouden worden met de dikte van de brokken).

 

Opgelet: de stofzuigerzak kan nadien beginnen rotten.  De geurhinder (wat doet denken aan een triootje van fermenterende kabeljauw, ontbindende kadavers en diarree) kan u maskeren door een lavendelstaafje op te zuigen (verkrijgbaar in de handel).

 

 

 3.5 Blind blijven voor details

 

Zoals gezegd gaat het hem bij stofzuigen om de grote lijnen. 

 

Verlies u niet in details. 

 

Stofzuig tot besluit nog even wat spinnenrag weg rond de lampen en in hoeken en dan kan je over naar de volgende fase van het rampenplan.

 

 

 

Hoofdstuk 4: Vlekken verwijderen.

 

 

Goed, de kloteherrie van de stofzuiger is voorbij.   Zet een muziekje op.

 

 

U kan fier terugblikken op een ordentelijk gestofzuigde kamer.

 

 

En toch, en toch, hier en daar is er nog een vlek, op de vloer, op tafeltjes, op glazen oppervlaktes.

 

 

Vervelend is dat. 

 

Een smet. 

 

Een schandvlek. 

 

 

Je hebt er die dan zweren bij spuitbusjes van Mr Proper in combinatie met antipluizende doekjes (wonderdoekjes).

 

 

Dat kan een stuk eenvoudiger.

 

 

Neem een zakdoek. 

 

Zoek een relatief proper stukje, vrij van neuskeutels. 

 

Bevochtig die plek naar keuze met spuug, of voor de hygiënefreaks onder ons desnoods met wat water uit het schaaltje onder de kamerplant. 

 

Wrijf.

 

Klaar.

 

 

Op glazen oppervlakten durft dit procedé wel eens vervelende strepen achter te laten.  Die kan je wegboenen met de mouw van je overhemd (katoen, lukt perfect).

 

Zo heb ik bijvoorbeeld deze ochtend het glazen nachtkastje van mijn vrouw opgeboend met haar katoenen slaapkleed.  Niemand die dat weet.

 

 

 

Hoofdstuk 5: Dweilen: de doos van pandora.

 

 

Na al dat gezwoeg, zou je desnoods ook nog kunnen overwegen om eventueel te dweilen.

 

Ik hoop echt, uit de grond van mijn hart, dat u de voorwaardelijkheid aanvoelt in vorige zin.

 

 

Want met dweilen kan je volgens mij de doos van Pandora openen. 

 

 

Je weet waar je begint, maar waar hou je op?

 

 

Stel dat je een stukje dweilt en het is zo proper dat het opvalt tegen de rest, dan ben je wel verplicht om de ganse zooi te doen. 

 

 

Ik blijf erbij: kuisen is in feite het strategisch herschikken van het vuil, zodat het niet meer opvalt.

 

 

In feite is kuisen een begoocheling van de zintuigen. 

 

Vuil verspreiden zodat het op het eerste zicht (zintuig 1) niet meer opvalt.

 

 

Dweilen is de autosuggestie van kuisen.

 

 

Ik verklaar me nader.

 

 

Je  zou kunnen  dweilen , maar laat ons wel wezen:   ziet   iemand het verschil of er gedweild is of niet?

 

 

Neen, vrouwen    ruiken   dat er gedweild is. 

 

Dat heeft naar het schijnt iets te maken met het verzamelen van bessen en vruchten in de prehistorie en dat daarom vrouwen een kleinere neus hebben dan mannen die dan weer een grote neus hebben om reeds van ver de beesten te kunnen ruiken om er op te jagen.  Of was het omgekeerd?   Nu begin ik plots te twijfelen.  Enfin, u kan het desnoods even googelen.

 

 

Vrouwen ruiken dus dat er gedweild is.

 

 

Haha! 

 

 

In die wetenschap is het verstandiger en alleszins minder arbeidsintensief om er voor te zorgen dat het ruikt alsof er gedweild is. 

 

Dus giet je een bij voorkeur fel ruikende detergent (ik gebruik altijd Carolin - met Marseillezeep) in een paar hoeken van de kamer.

 

Giet het niet bij de kamerplanten, ik herhaal: niet bij de planten (ze slaan er eerst geel van uit en gaan daarna kapot).

 

Giet bij voorkeur onder de verwarming; de opstijgende warme lucht neemt de geur mee rond.

 

En op die manier ruikt het alsof er gedweild is (begoocheling zintuig nummer 2: reukzin).  

 

Het gaat hem om de suggestie. 

 

Net hetzelfde als volgende redenering:

 

Als het regent, is de straat nat.

De straat is nat.

Dus het heeft geregend. 

 

Maar met een tuinslang kom je ook al een eind.

 

 

Dus  dweilen is hoogstens een suggestieve begoocheling van de zintuigen, waarbij met een wijde boog omheen de doos van Pandora moet gedweild worden.

 

 

Een woonkamer van 40 m² kuisen volgens de principes van het evangelie van Marcus, kost ongeveer 12 minuten (dat is ongeveer de tijd die ik nodig heb om de rubriek voetbal te lezen op de website van Sporza).  En tijd dat een mens zich kan besparen op die manier, onwaarschijnlijk.

 

 

Want je moet wreed uitkijken met dat kuisen; stel dat je een perfecte job aflevert, dan hang je er aan voor de rest van je leven. 

 

 

Neen, ik kijk wel uit....

 

 

*****

 

   

 

Amai, wat heb jij allemaal uitgestoken?

 

 

Kiné Tom kijkt naar mijn voet.  

 

Een voet die een weekje gips heeft gekregen na verzwikking en lichte inscheuring van de gewrichtsbanden. 

 

Een voet die er uit ziet alsof hij een pakje slaag heeft gekregen van Mike Tyson (moest mijn voet een oor hebben, dan was er een stukje uit).

 

Bont en blauw van de bloeduitstortingen.

 

 

En, je wil waarschijnlijk zo snel mogelijk weer lopen?

 

 

Mijn waarde vriend kiné kent de aard van het beestje.

 

 

Wel, ik heb goed en slecht nieuws.

 

 

 Ik lach een beetje groen...

 

 

Het goede nieuws is dat het hoogstens een paar weken zal duren, het slechte nieuws is dat ik je héél véél pijn ga doen....


 

Nog groener...


 

 

 

Na gebruik van het machientje dat op het einde van de behandeling PING zegt, begint Tom mijn enkel te masseren.

 

 

Massacreren eerder.

 

 

Het doet zo verduveld veel pijn dat het koude zweet mij uitbreekt.

 

 

Maar hoewel ik van binnen jank, is er uiterlijk niks te merken; uitzondering gemaakt voor een flegmatisch opgetrokken linkerwenkbrauw.

 

 

Om maar een idee te geven van de impact van de massage: enkele uren na de massage was ik de fiere eigenaar van een nieuwe bloeduitstorting op de rechtervoet (er was nog een beetje plaats).

 

 

De behandelingen volgen elkaar op, de zwelling trekt weg, de bloeduitstortingen beginnen te verkleuren van donkerblauw over schijtgroen naar pisgeel (pardon my french).

 

 

En zodra ik opnieuw stabiliserende oefeningen mag doen voor de rechterenkel, weet ik dat het einde van de lijdensweg in zicht is, dat het niet meer zo vreselijk lang zal duren vooraleer het licht op groen gaat voor een eerste looptest.

 

 

 

*****

 

En dan volgen de verlossende woorden:

 

 

Mark, ik stel voor dat je eens een looptest onderneemt.  Begin al eens met 1 kilometer.  Let goed op bij de landing, want als je je voet opnieuw verzwikt, dan staan we weer helemaal terug bij af.

 

Wees vooral voorz....

 

 

 

Ik vermoed dat hij voorzichtig bedoelde. 

 

Ik heb de rest van de zin niet gehoord, want ik zat al op mijn fiets, op weg naar huis. 

 

 

23 seconden en 56 honderdsten later heb ik loopschoenen aan de voeten.

 

 

Klaar voor de opdracht.

 

 

*****

 

 

De opdracht.

 

 

Een kilometer lopen. 

 

Even kijken, dat is rond mijn huis en dan nog eens naar de brievenbus en terug.

 

 

Een kilometer lopen.

 

Ik kan mijn adem waarschijnlijk heel die afstand lang inhouden.

 

 

 

Maar goed, 1 kilometer zal het zijn.

 

 

Het is een mooie herfstdag.  Zo eentje die je wel eens in kalenders ziet.  Goudkleurige bladeren dwarrelen fotogeniek neer.  Schuin invallende zonnestralen trekken lange schaduwen.

 

 

Ik loop.

 

 

Maar elke landing geeft een helse pijnscheut.  Hoe frustrerend is dat.  En de bovenrand van mijn schoen hakt bij elke landing ook nog eens op de plaats waar de gewrichtsbanden licht ingescheurd waren. 

 

 

LEKKER!

 

 

Ik heb geen flauw idee wat een kilometer is.  Een kilometer is niet iets wat je loopt.  Dat is iets wat je zwemt of zo.  En om zeker te zijn dat ik niet te weinig loop, doe ik er voor alle zekerheid ietsje bij (denk ik). 

 

Enfin, na 17 minuten sta ik terug aan de voordeur (moest het dan toch een kilometer zijn, dan is het wellicht de traagste kilometer ooit afgelegd op Brooks Ravenna loopschoenen).

 

De eerste tien minuten waren hels, maar nadien ebde de pijn wat weg, waardoor ik eigenlijk helemaal niet meer wou stoppen.

 

 

Maar goed.  De eerste test was redelijk ok.  Wel terug wat zwelling op de enkel, maar dat was relatief snel weg met wat ijs.

 

 

Nu zal u zeggen:

 

Dju, gij se stomme kloot, wat had de kiné gezegd?

 

Eén kilometer, maximum!

 

En meneer denkt dan weer dat hij onmiddellijk er een stuk of drie van moet maken?

 

 

 

En dan zal ik zeggen:

 

Het is enkel en alleen maar te danken aan mijn ongelooflijk sterk karakter dat ik niet meteen een volle anderhalf uur heb gelopen. 

 

 

 

*****

 

 

 

Kiné Tom had ook nog gezegd dat zodra die kilometer goed ging, ik de volgende keer de afstand mocht verdubbelen.

 

 

Nu had ik geen idee wat de afstand was die ik had gelopen, en hoe verdubbel je geen idee.

 

 

Dus heb ik die 17 minuten maar verdubbeld.

 

 

En afgerond naar boven.

 

 

35 minuten.

 

 

En de keer daarop 1 uur 10.

 

 

Telkens had ik wat opstartpijn en wat zwelling achteraf, maar zoals gezegd, allemaal goed te behappen.

 

 

En exact 4 weken en twee dagen na de blessure, sta ik terug op training bij atletiekclub AVN.  En doe al vlotjes mee met oefeningen en versnellingen. 

 

 

De koning van de revalidatie rijdt weer uit!

 

 

Weliswaar vier dagen spierpijnen gehad na de eerste clubtraining....

 

 

*****

 

 

Gisteren tweede donderdagse training met atletiekclub AVN.

 

De blessure verdwijnt langzaam naar de achtergrond.  Ik hoef me in elk geval voor niets meer in te houden (behalve hinkelen op de rechtervoet, dat laat ik nog achterwege).

 

Iemand vroeg me wat mijn ambities waren voor 2013.

 

Ambities?  Volop!  En wel deze:

 

Eind mei wil ik de 20 km door Brussel voor de 20ste keer betwisten, ergens in april wil ik de schandvlek van 1 uur en 9 minuten op de Antwerp Ten Miles wegvegen met een sublieme tijd, maar dit jaar zou ik graag eens het ganse criterium van de Challenge Delhalle lopen.

 

Maar vooral beter en sneller worden. 

 

De combinatie lopen-fietsen moet in het voorjaar zorgen voor een bredere basis.  De kwaliteitsvolle (maar ook slopende) intervaltrainingen op donderdag met de atletiekclub zouden me ook nog wat sterker moeten maken.

 

Eigenlijk wil ik vooral blessurevrij blijven deze winter. 

 

Dan komt de rest misschien wel vanzelf. 

20:09 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |

Commentaren

Potverdorie zeg, heb ik deze namiddag mijn hele huis onder handen genomen en lees ik nu pas jouw blog. Ik had nog wat kunnen bijleren.
Wat het tweede deel van jouw blog betreft: ik zeg niks. Helemaal niks. ;-)

Gepost door: sandy | 21-11-12

Reageren op dit commentaar

Zie je wel dat het werkt, die stofzuigtraining! :-)

Gepost door: Geertje | 25-11-12

Reageren op dit commentaar

Heb jij nog genoeg kleingeld voor de parkeermeter? Je blog staat intussen ook al een tijdje gestationeerd, nietwaar?

Gepost door: navidad | 22-12-12

Reageren op dit commentaar

Een gelukkig, gezond en sportief succesvol nieuw jaar, Mark!

Gepost door: navidad | 12-01-13

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.