27-07-12

De mier en de Galibier

 

De mier en de Galibier

 

 

Vrijdag 27 juli.

 

 

Het is smoorheet in de Kempen.

 

Het zindert.

 

De hitte doet de lucht trillen boven de zwarte daken.

 

De mussen vallen dood uit de goot.

 

 

Ik lig op mijn rug in de tuin.

 

Onder mijn boom.

 

Te niksen.

 

En tel de blaadjes.  Zodat ik straks, in de herfst, kan controleren of ik ze allemaal heb bijeen geharkt.

 

 

Naast mij ligt mijn vrouw.

 

Op een ligzetel.

 

Ik lig op een handdoek.

 

Er moet verschil zijn.

 

 

*****

 

 

Mijn vrouw heeft deze ochtend een kop hete thee over haar linkerbeen laten vallen, godzijdank had ze een broek aan. 

 

Nu ik vorige zin even herlees, wek ik de indruk dat mijn vrouw altijd in haar ondergoed door het huis dartelt. Helaas, waarde lezer, zoveel geluk valt mij niet dikwijls te beurt.

 

 

Enfin, dus een kop hete thee over haar bil.

 

 

Met toch wat brandwonden tot gevolg. 

 

 

Omdat mijn vrouw een medische opleiding heeft genoten, moest daar flamazine en een verband rond gedrapeerd worden. 

 

 

Ze verbeet de pijn.  Manmoedig.  En merkte op dat vrouwen toch beter getraind zijn om pijn te verdragen.  Waarop ik niet kon nalaten op te merken dat het toch maar een kleine brandwond was, en dat ze in deze een voorbeeld moest nemen aan Jeanne d' Arc.

 

IJskoude blik. 

 

Erg verkoelend.

 

 

 *****

 

 

Ik lig dus onder mijn boom, op mijn rug, blaadjes te tellen.

 

En te mijmeren.

 

 

Kind 2 heeft inmiddels officieel zijn rijbewijs gehaald.  Dus weg met het voorlopig rijbewijs.  Nu is het voor echt.  En dus raast Kind 2 over Vlaamse asfaltwegen met een volle tank, betaald met de creditcard van de man die op zijn rug in de tuin ligt, onder de boom, blaadjes tellend.

 

 

*****

 

 

Deze ochtend zat er een schrijven van de Politie in onze bus.

 

 

Eerste reactie vroeger was dan: Shit, de vrouw heeft weer maar eens een té zware voet gehad.

 

Eerste reactie nu is: Shit, Kind 2 of de vrouw heeft weer maar eens een té zware voet gehad.

 

Ja, met de verkeersboetes die wij al hebben gescoord, hebben ze een nieuwe asfaltlaag kunnen leggen op de E-19 tussen Meer en Merksem.

 

 

Enfin, dus een schrijven van de politie.

 

We rukken gefrustreerd de enveloppe open en tot onze verbazing dwarrelt het rijbewijs van Kind 2 op de tafel.  Was klaarblijkelijk door de politie gevonden in Malle.  We wisten niet eens dat Kind 2 zijn rijbewijs verloren was.

 

 

De brief heeft ons bereikt op vrijdag 27 juli.

 

Nu mag u eens raden hoe lang Kind 2 dat rijbewijs op zak had.

 

 

Neen, fout.

 

Denk vooral niet in weken.

 

 

Neen, ook fout.

 

Denk ook niet in dagen.

 

 

Nope, weer eens fout.

 

 

Inderdaad, binnen de 24 uur.

 

 

Dinsdag 24 juli heeft Kind 2 zijn rijbewijs afgehaald op het stadhuis, op woensdag was hij het kleinood al kwijt.

 

Daar moet ergens een wereldrecord in zitten.

 

Ja, een wereldrecord, papa is zo fier als een pauw, of neen, doe maar een gieter (met die warmte).

 

 

Maar zoals gezegd, Kind 2 is mobieler dan ooit, en dus quasi nooit thuis. 

 

Wat soms een verademing kan genoemd worden  (zeker bij dit soort weer).

 

 

*****

 

 

Kind 1 is ook niet thuis.  Is bij een vriend bamboe gaan snoeien.  Gratis. 

 

Ja, zijn kamer ziet er uit alsof er een bom ontploft is, maar opruimen, ho maar.  Liever nog op een ander gaan werken, gratis bovendien. 

 

Wanneer wij Kind 1 vragen om een handje toe te steken, bijvoorbeeld blaadjes van een bepaalde boom in de tuin bijeen scharrelen, dan verschijnen er €urotekens in zijn ogen.  En dient de overvolle agenda geraadpleegd te worden, op zoek naar wat schaarse vrije tijd.

 

Maar goed, er zijn verzachtende omstandigheden: de bamboevriend heeft een zwembad in de tuin.  En het argument ten gronde is wel dat er deze namiddag twee deernes in bikini (of erger) wafels kwamen bakken voor de bamboetijgers.

 

 

 

*****

 

 

Het is heet in de Kempen.  De kaap van de 30° werd gehaald.

 

En omdat het toch té heet ging worden om iets zinvols te doen, zoals bijvoorbeeld goten uitkuisen, ben ik woensdag gaan fietsen.

 

 

De racefiets op!

 

 

Natuurlijk is het op de fiets ook heet.  Maar dan trap je maar wat harder, dan maak je vanzelf wind.

 

 

 

***** 

 

 

Het plan is ambitieus.  In St-Jozef Rijkevorsel het Kanaal Dessel-Schoten volgen (Rijkevorsel, Sint-Lenaarts, Brecht, Sint-Job tot het eindpunt Schoten), vervolgens het Alberkanaal volgen tot in Grobbendonk en dan via een rits Kempense dorpjes (Vorselaar, Poederlee, Lille, Wechelderzande, Vlimmeren, opnieuw St-Jozef, Achtel) terug thuis aan te landen.

 

 

Ik vul mijn drinkbus met 1 liter Pidpa-water en vertrek.

 

 

Mijn bandjes zoemen speels over het asfalt.  7 à 8 bar in de tubes.   Ik rij ongeveer 30 km per uur, met een erg bevredigende 123 tellen op de hartslagmeter. 

 

 

De zomer kleurt nog zomerser door de donkere glazen van mijn zonnebril.

 

 

Het asfalt vertoont hier en daar zweetplekken, wat doet denken aan Zuid-Franse wegeltjes.  Een krekel zou hier niet misstaan. 

 

En zonnebloemen. 

 

Tournesols.

 

 

Gek hoe de hitte toch weer aparte geuren opwekt.  Een windvlaag draagt de geur van warm gras met zich mee.  Zelfs zand heeft een geur.

 

In de berm felblauwe korenbloemen, karmijnrode klaprozen en statige berenklauwen.

 

 

Kanaal.  Ik draai het jaagpad op. 

 

Nu is het van bruggetje naar bruggetje fietsen.  Elk bruggetje wordt omsingeld door een paar bunkers, betongrijze relicten van grauwe wereldse conflicten.

 

 

Het jaagpad is geliefd onder fietsers.  Van trage bompa tot pezige wielerfanaat.

 

 

*****

 

 

Sinds kort heb ik een bel op mijn racefiets.  Ja, de investeringen in de fietssport gaan maar door: 4,95 euro!

 

 

Moest ik voordien hardhorige bejaarden uit de weg roepen, dan kan ik nu pingen dat het een lieve lust is.

 

 

Niet dat het ook maar iets helpt.

 

 

Situatieschets.

 

Voor mij twee oude heren op een fiets.

 

Ik heb geleerd dat je niet moet bellen op 50 meter afstand.  Horen ze toch niet.  Maar omdat ik 30 km per uur rij, en zij ongeveer 12 km per uur, nader ik als een sneltrein op een stilgevallen auto midden op een onbewaakte overweg.

 

Wanneer ik denk binnen gehoorsafstand te zijn voor het betere hoorapparaat, geef ik een keiharde PING.  Een PING waarmee je een bende hardhorige waterbuffels mee op de vlucht kan jagen, ik zweer het u.

 

 

De heren reageren niet eens.

 

Om de ziekenkas niet op te zadelen met hospitalisatiekosten voor een gebroken heup of twee, zit er niets anders op dan de remmen dicht te knijpen en nogmaals keihard te PINGEN.

 

 

Nu horen ze het wél.

 

 

Het zou verdorie nog moeten mankeren.

 

Zelfs de fietsers 30 meter voor hen hebben die PING  gehoord en rijden al gedisciplineerd achter mekaar.

 

 

Maar vooraleer opzij te gaan, moet de linkse heer toch eerst nog eens erg traagjes omkijken om te zien wat er aan de hand is.  In plaats van gewoon opzij te gaan.

 

 

Ik bedoel maar.

 

 

Wat Pingt er zoal in de wilde natuur op een fietspad.

 

Een eend op een driewieler?

 

Ik dacht het niet.

 

Enfin, ik rij dus 12 per uur, moet een tandwiel of veertig terugschakelen om vervolgens en danseuse de snelheid weer op te trekken tot bij het volgende koppel halfdove....

 

 

*****

 

 

Enkele witte eenden waggelen tussen de oever en het fietspad.  Wanneer ik ze voorbij rij, blazen ze naar mij.

 

Ik blaas terug.

 

Wat denken ze wel!

 

 

*****

 

 

Het is lekker peddelen op het vernieuwde asfalt naast het kanaal. En de nabijheid van het water geeft toch de illusie van verkoeling.

 

Traag dobberen de bootjes op het kanaal.  Exotische namen op boten, verweerde vlaggen wapperen verveeld op het lome briesje.

 

Traag is mooi.

 

Licht hellende bakstenen schoorstenen zijn de stille getuigen van teloorgegane steenbakkerijen, de kleiputten en hun kleipikkers.

 

Het bladerdek levert ook wel wat schaduw.

 

 

Een visser zit voor zich uit te staren, ze bijten niet...

 

 

*****

 

 

Kruispuntje aan een brug.

 

Vlak achter mij schiet een wielrenner het jaagpad op. 

 

Ik rij nog steeds iets boven de 30 km per uur.  Af en toe zip ik van mijn drinkbus, waarin het water inmiddels lauw is geworden.  Getver, dat smaakt naar thee zonder zakje.

 

 

De wielrenner komt knal in mijn wiel hangen. 

 

 

In mijn hoofd spreekt een duiveltje.  Hij maant me aan om sneller te gaan rijden.  Ja, alles is competitie, vrees ik.

 

 

Na een dikke kilometer pakt hij de kop over. 

 

In sappig antwerps dialect zegt hij:

 

 

'kzal woek is wa kop doeng!'

 

 

Fiets van Merckx.  Supergebronseerde kuiten, waar de spierbundels heel wat kilometers verraden.  Het tempo schuift omhoog naar 35 per uur.  Maar als je in het wiel mag hangen, dan is dat met de vingers in de neus.

 

 

Mijn compagnon de route is een speelvogel.  Af en toe zwaar doortrekken, waardoor ik een gaatje moet laten vallen (het duiveltje in mijn hoofd kan zijn enthousiasme niet op), knokken om het gat terug te dichten, waarbij de teller vlot de 40 per uur haalt.

 

 

Sint-Job-in't-Goor.  Het jaagpad is daar even onderbroken en in erg slechte staat.  Maar mijn gezel weet een kleine alternatieve route die ons via het volgende brugje weer op het jaagpad zal brengen.  We rijden naast mekaar, keuvelen wat, het tempo is opnieuw wat gezakt, terug rond de dertig km per uur..

 

 

Wanneer we aan het brugje komen, is de brug net open om een boot door te laten. 

 

En ik voel dat er iets niet klopt.

 

Lekke achterband. 

 

Alweer!

 

Het toeval wil dat ik de eerste keer ook in gezelschap reed toen ik lek reed. 

 

Ik denk dat mijn Cannondale een jaloers vrouwtje is.  Zodra ik aandacht besteed aan andere renners of fietsen, dan wordt ze bokkig en neemt ze wraak met een lekke tube.

 

Stilstaan.  Rem open.  Wiel los.  Wiel er uit.  Band er af.  Kapotte tube er uit.  Buitenband controleren op scherpe voorwerpen.  Nieuwe tube lichtjes oppompen (met zijn pomp) en tussen band en velg steken.  Band er op wrikken.  CO2-bom aansluiten op ventiel.  Indrukken.  Band keihard.  Wiel er in frullen.  Vastzetten.  Controleren op vlot draaien.  Rem terug dicht. 

 

Handen afkuisen aan graskant.

 

En weer op weg.

 

Tussen haakjes, wat is lopen een leuke sport, vergeleken met dit gedoe....

 

 

*****

 

 

Omdat we nu wat op adem zijn gekomen, worden alle registers weer opengetrokken.  Ik doe een aantal kilometers kop aan 35 km per uur (en voel me beetje bij beetje sterven), waarna hij overpakt en we vlotjes weer de 38 km per uur halen.

 

Ik had me voorgenomen om kalm aan te doen, maar mijn gemiddelde zit boven de 30 km per uur.

 

Maar helaas, mijn gezel van de hoge vlucht volgt een andere route; onze wegen scheiden zich.

 

 

*****

 

Schoten.

 

 

Ik zweet als een beest.  En het water in mijn drinkbus heeft de omgevingstemperatuur (31 graden) aangenomen.

 

Onbezonnen jongelui springen joelend in het kanaal.

 

Een zomers tafereel waar ik jaloers op ben. 

 

 

***** 

 

 

Schoten.

 

Wat zoeken naar het jaagpad naast het Albertkanaal.

 

Ha, gevonden.

 

Het beetje wind dat er staat blaast zwak in het voordeel.  Maar het is hete wind, haize hego.

 

En geen sprake meer van schaduw.  Allemaal open ruimte.

 

Het Albertkanaal is een transportweg.  Scheepsladingen zand en grind varen af en aan.

 

De kilometerteller blijft mooi rond de 32 km per uur, de hartslag is wel wat gestegen, maar gezien de weinige zuurstof en de ozon in de lucht, lag dat wel in de lijn der verwachtingen.

 

Breed jaagpad, erg luxueus om hier te rijden.  Plaats zat.

 

De jeugd klit samen op handdoeken en parasols naast het kanaal.  Drinken wat, luisteren naar teringherrie, enfin, zijn druk bezig met jong en verliefd zijn.

 

 

*****

 

Wijnegem, Oelegem.

 

Iets voorbij de brug onder de E34, is er een draaikom in het kanaal. 

 

Jetski's razen over het water.

 

Ik heb dorst.

 

 

*****

 

 

Vierselheide.

 

Grobbendonk.

 

Hier neem ik afscheid van het kanaal.

 

Ik verga van de dorst.  En kook zowat onder mijn zwarte helm.

 

Ik drink van het hete water uit mijn drinkbus.

 

Jekkes.

 

 

Op weg naar Vorselaar voel ik me misselijk worden.  Mijn maag protesteert.

 

Ik besluit even halt te houden.

 

Tot tweemaal toe sta ik te kokhalzen langs de kant van de weg.

 

En ik ben nog een roteind van huis.

 

Overal zoutringen van het zweet op mijn trui en broek.

 

En natuurlijk genoeg gerief mee om de fiets te herstellen, maar drank, suikers, kleingeld voor drank of een GSM voor hulp in te roepen, dat niet natuurlijk.

 

Ik ben namelijk een loper, weet u wel, gemaakt van staal.  Roestvrij.

 

Maar dorst dat ik heb. 

 

Ik geef mijn linkerpink voor een ijskoude cola.

 

 

Doorrijden.

 

Want anders geraken we nooit thuis.

 

En het tempo is compleet weg.  Met moeite 23 km per uur. 

 

Neen, dit is afzien.

 

De dorpjes volgen mekaar op.  Afschuwelijke trein der traagheid.

 

 

Brug over de autostrade. 

 

Net voor Wechelderzande. 

 

De brug lijkt hoger dan de Galibier.  Ik kruip er tegen aan als een mier. 

 

 

Als ik het water niet meer kan drinken, dan kieper ik het maar over mijn hoofd.

 

De douche is heet en laat het zout van mijn zweet in mijn ogen lopen. 

 

 

*****

 

Vlimmeren.

 

Het tempo zakt schrikbarend.  Ik zit helemaal stuk. 

 

Rijkevorsel.

 

Dorst.  Honger.  Misselijk.  Duizelig.  Fringale.

 

 

*****

 

 

Thuis.

 

Ben blij als een kind dat ik thuis ben geraakt.

 

Geraak met moeite uit mijn pedalen geklikt.

 

Handschoenen uit, schoenen uit, helm af, zonnebril weg.

 

Stort neer op mijn gazon.

 

 

Onder een boom.

 

Waaraan blaadjes hangen.

 

 

_______________________________________

Voor de titel ben ik schatplichtig aan mijn kompaan Navidad, wiens blog ik u van harte kan aanbevelen; klik: de Mieren van de Galibier

 

 

16:18 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |

09-07-12

Brothers in arms

 

Brothers in arms

 

 

 

 Zaterdag 7 juli.

 

De ochtend houdt een onvervulde belofte in.  

 

Een onvervulde belofte van zomer.

 

Het is koel, het is stil. 

 

De stilte wordt enkel verstoord door het statige geluid van de kerkklokken. 

 

Het is zaterdag, het leven komt iets langzamer op gang.

 

 

*****

 

 

Naarmate de voormiddag verder kabbelt, raapt de wereld de draad weer op.

 

 

Auto's rijden af en aan, fietsbellen rinkelen, knoestige buurmannen zijn in de weer met verwarde verlengsnoeren, zeurende snoeischaren en gonzende grasmaaiers, een haan kraait te laat victorie, een radio blèrt popdeuntjes, het truweel van de bouwvakker tikt aritmisch, een hond snuffelt en heft een poot en nijvere bekrulspelde huisvrouwen spelden wapperend witter dan wit wasgoed aan waslijnen, een tastbare ode aan de vluchtige schaapjeswolken in het azuurblauwe zwerk.

 

 

Ik sta erbij en ik kijk er naar.

 

 

*****

 

 

Rijkevorsel is het brandpunt vandaag. 

 

Hier brandt de lamp!

 

Rijkevorsel leeft. 

 

 

Vandaag staat er een belangrijke confrontatie op de agenda.  De marathon der Noorderkempen (individueel of in estafette), halve marathon en stratenloop.

 

 

Uw dienaar loopt vandaag de estafettemarathon, als roestig onderdeeltje in het grote raderwerk van atletiekclub AVN. 

 

 

Onze club vaardigt maar liefst 4 teams af, met wisselende ambities.

 

 

In een vlaag van roekeloosheid had ik toegezegd om mee te lopen in een team van AVN.  Blijkt nu dat ik slotloper ben van het snelste team.  

 

De verantwoordelijkheid weegt zwaar, ik voel me als die kerel op dat briefje van 1000 frank, maar dan met een groter vijgenblad...

 

 

1000_Mercator_achter2.jpg

 

Ik draag het gewicht van de wereld. 

 

 

Was het Atlas? 

 

Ik dacht het wel.

 

 

1000 doemscenario's spoken door mijn hoofd. 

 

 

Hoe ik er als slotloper in slaag om het voor het team feestelijk te verbrodden. 

 

Denk maar aan verrekkingen, spierletsels, of voorbij gelopen worden door een ploeg of 20...

 

 

Verloren lopen kan niet; ik heb het traject dat ik moet lopen (gemeenteschool Sint-Lenaarts naar de finish in Rijkevorsel) minstens een keer of 7 met de racefiets verkend. 

 

Elk bochtje waar ik meters kan winnen staat op mijn netvlies gebrand, het jaagpad naast het Kempens Kanaal heeft geen geheimen meer voor mij.

 

 

Google maps, map my run, enfin, het hele internet heb ik kaalgeplukt op zoek naar randinfo. 

 

De wind blaast zwak tot matig uit het zuiden tot zuidwesten, dus voornamelijk zijwind licht in het voordeel en de laatste twee kilometer volle bak in de rug, jihaaa!

 

 

 

*****

 

 

 

Vroeg verzamelen. 

 

15u45.  

 

Nodige administratieve afwikkelingen en ploegfoto's. 

 

Zenuwachtig gegiechel en gekakel.

 

 

Mag ik u de galerij der atleten voorstellen:

 

563556_4303045819994_1459488481_n.jpg

 

De AVN Ladies

 

482087_4303041499886_347253681_n.jpg

 

AVN - Iets rustiger.  Gert R. ontbreekt op de foto.

 

582691_4303040379858_1899105854_n.jpg

 

AVN Tempo

 

488067_4303042259905_1036937845_n.jpg

 

AVN Speedy

 

 

Ik bespaar u de grafieken wie waar op welk moment welke kleur bus moest nemen om tijdig op welk wisselpunt te geraken. 

 

Ik heb de papieren met die schema's vastgehad en op welke manier ik ze ook draaide, ik snapte er de ballen van. Had ik de lopers naar de diverse wisselpunten moeten sturen, dan hadden we nu ongetwijfeld al een opsporingsbericht of 6 op TV gehad (wel gemakkelijk natuurlijk: de vermiste is atletisch gebouwd, draagt een zwart singlet met witte letters AVN en heeft dringend medicatie nodig).

 

Het feit dat iedereen er geraakt is, mag beschouwd worden als het meest verbluffende mirakel sinds iemand te Lourdes dacht een flauw schijnsel gezien te hebben, waarna er water in plastieken Mariaflessen verkocht werd.

 

 

 

*****

 

 

 

17u. 

 

Start van de individuele marathon, de estafetteloop (aflossing atletiekclubs) en bedrijvenloop (aflossing bedrijven). 

 

 

Het spel zit op de wagen.

 

 

We moedigen onze vier startlopers aan.

 

 

Pat (308- Speedy) en Koen (333 - Tempo) zitten vlak bij mekaar.

563312_421094647942067_85388571_n.jpg

 

De eerste lopers brengen de stick (het rode borstnummer) van Rijkevorsel naar Hoogstraten.

 

HB610355-L.jpg

 

Eens de groep uit het zicht is verdwenen, valt er een onwerkelijke stilte over de startzone.  De aflossers in Hoogstraten zijn al ter plaatse, de aflossers in Merksplas en Beerse zijn onderweg met de bus.

 

 

Enkel de aflossers voor Malle en Sint-Lenaarts zijn nog in Rijkevorsel; onze bussen vertrekken nog later.

 

 

 

*****

 

 

 

Het wordt donker boven Rijkevorsel.  Er dreigt onweer in de lucht.  Donkergrijze wolken, zwanger van regenbuien pakken samen. 

 

 

En enkele tellen later is het zover.  Het begint te regenen.  Eerst malse regen, dan regent het zachtjes, dan blaasjes, dan oude wijven, pijpestelen, vervolgens met bakken en ten slotte stortregent het.  Iedereen slaat op de vlucht, op zoek naar beschutting.

 

 

We zijn in gedachten bij onze lopers van de vier teams, die gegeseld worden door de elementen.  Ergens ver weg van hier, knokkend in alle anonimiteit voor hun plaats in de wedstrijd, terwijl de wind beukt en de regen striemt. 

 

 

We zijn nu nog met vier musketiers. 

 

 

Slotlopers Frank (Tempo), Hild (Iets rustiger), Liesbeth (Ladies) en uw dienaar (Speedy). 

 

 

 

*****

 

 

 

18u.

 

De stratenloop (5 km en 10 km) start.  We moedigen bekenden aan, en merken dat Jef S. (1148) als een vuurpijl start.  Hij dirigeert de kop van de wedstrijd. 

HB610674-XL.jpg

 

 

18u10. 

 

We gaan nog een laatste keer naar de kleedkamer voor de laatste schikkingen, want om 18u30 start onze bus richting Sint-Lenaarts, waar we slotlopers zijn voor onze 4 teams.

 

 

De spanning begint op te lopen.

 

 

Op de bus zijn we getuige van de 2de doortocht van Jef, die vlot naar de overwinning loopt op de 10 km.  In een indrukwekkende 33 minuten en 54 seconden!!!!!

HB610891-L.jpg

 

 

18u35. 

 

Onze bus vertrekt. 

 

 

Er is geen weg terug. 

 

 

Al die tijd zijn we in het ongewisse gebleven van wat er zich in de wedstrijd afspeelt. 

 

 

Wie zit waar? 

 

 

 

*****

 

 

18u55. 

 

Sint-Lenaarts.

 

 

Ik verga van de stress.  Ik heb het niet meer. 

 

 

Een karavaan marathonlopers en halve marathonlopers trekt aan ons voorbij. 

 

 

Geen spoor van estafettelopers of bedrijvenlopers (beiden doen een aflossingsmarathon, estafette is voor atletiekclubs, bedrijvenloop is voor, jawel, bedrijven).

 

 

Plots vang ik een gerucht op.  De twee eerste plaatsen in de wedstrijd zijn bedrijvenlopers (Reyns advocaten en SD Worx), daarna volgt er een atletiekclub.

 

 

Maar welke?

 

 

Ik vraag met een bang hart of het AVN is. 

 

Hij dacht het wel. 

 

En voegt er onmiddellijk aan toe dat het een oranje shirt is.

 

 

GAV!

 

Gooreind atletiek vereniging.

 

 

Ik ben bijna gelukkig. 

 

Stel dat we eerst lopen, dan wordt de druk wel héél groot om die plaats vast te houden.  Nu we niet eerst lopen bij de atletiekclubs, voel ik iets minder druk.  Anderzijds, stel dat we op de tweede stek lopen, dan moet er alles aan gedaan worden om je naar de eerste plaats te knokken.  Ik heb het gevoel dat ik enkel kan verliezen.

 

 

Maar mijn bron zegt wel dat het bericht behoorlijk oud is, en dat er misschien wel al wat veranderd is.

 

 

En ik besef maar al te goed dat de twee lopers die voor mij de fakkel dragen van AVN Speedy, Jan en Guy H., bloedsnelle lopers zijn.

 

 

Voor alle zekerheid ga ik de concurrentie monsteren.  Ik sla een praatje met de jongeman van GAV. 

 

19 jaar, blakend van zelfvertrouwen. 

19 jaar, één brok dynamiet. 

19 jaar, explosief als de pest.

19 jaar, ik kon zijn (erg oude) vader zijn.

 

 

De moed zinkt me nog dieper in de loopschoenen.

 

 

 

*****

 

 

19u10.

 

Ik sla door.  Begin finaal te flippen.

 

 

Frank probeert me te kalmeren.  Ik ijsbeer rond, probeer vervolgens wat op te warmen. 

 

 

Ik heb er geen zin in.  Moest ik nu stiekem kunnen verdwijnen, ik deed het.

 

 

Frank stelt voor om een 100 meter terug te wandelen op het parcours.  Daar kunnen we in de verte de lopers zien aankomen.

 

 

Ik zeur de oren van Frank zijn kop. 

 

 

Dat ik dit niet kan,

dat ik het ga verknallen,

dat hij in mijn plaats moet lopen,

dat ik naar huis wil,

dat ik de Lotto wil winnen,

dat ik de dag vervloek dat ik geboren ben,

dat ik meer zou moeten trainen,

dat mijn hiel pijn doet,

dat het te warm is,

dat ik evenveel kilo's had moeten afvallen als Bart De Wever,

dat er wind is,

dat ik nog naar het toilet moet,

dat ik honger heb,

moe ben,

dat Guy niet zo hard mag lopen,

dat we niet op de eerste plaats mogen lopen,

dat ik liefst zou hebben dat we zestiende zouden zijn,

dat de wereld nu, en wel nu, mag vergaan.

 

 

Het is een wonder dat Frank mij daar niet ter plekke de schedel heeft ingeklopt. 

 

 

Hoewel ik hem een keer of twaalf op mijn blote knieën gesmeekt heb om het te doen.

 

 

Frank is de kalmte zelf.  En dat maakt mij nog zo mogelijk nog zenuwachtiger. 

 

 

Ik bedoel maar, Frank bestond het om in Rijkevorsel nog een smoske Martino binnen te spelen.  

 

 

Smoske Martino, dat is toch rauwe gemalen baviaan met pikante saus en wat verslenste rauwkost! 

 

 

Dat opeten vlak voor een wedstrijd is vragen naar scheefspuitende schijterij, als je het mij vraagt....

 

 

 

*****

 

 

De eerste aflossingsploeg komt aan gelopen.  Het zijn de advocaten.  Telt niet voor ons klassement.

 

De tweede aflossingsploeg: SD Worx.  Ook niet van tel.

 

 

Nu kan elk moment, nu moet elk moment.....

 

 

......neeeeeeen, ik wil er niet aan denken. 

 

 

 

Ik laat Frank mijn hartslag meten.  Schrikbarend hoog, en ik sta verdorie gewoon stil.

 

 

Eric B., marathonloper, plaats drie in de wedstrijd, komt er aan.

 

 

En dan, o rampspoed, komt Guy H. in de verte aangevlogen.  Die soepele loopstijl herken ik uit duizend.

 

 

Ik vloek en jammer.  We hangen op plaats 1 van de estafette voor clubs.

 

 

 

Godvermiljaardenondedju!!!!

 

 

 

Frank begeleidt me naar het wisselpunt, maant me tevergeefs aan tot kalmte, raadt me aan niet als een speer te vertrekken, maar in te delen. 

 

 

En roept me toe dat ik het kan.

 

 

Ik hoor het, maar registreer het niet.

 

 

Guy stuift de bocht om, reikt me het heilige borstnummer 308 aan en roept me na: 

 

 

 

 En nu alles geven!

 

 

 

Ik vertrek als een zot. 

 

Ik vlieg weg, terwijl ik het borstnummer omgesp.  Ik knal los door de geluidsmuur.  Moest Jonathon Borlée naast me lopen, hij zou niet kunnen volgen.  Kevin ook niet.

 

Ik vlieg als een gek door de straatjes van Sint-Lenaarts.  En haal de stervende zwanen van de halve marathon op volle snelheid in.  Remonteer marathonlopers.

 

 

En kijk geregeld om, op zoek naar het oranje shirt van GAV.

 

 

Na enkele honderden meters kom ik aan het bord km 36 van de marathon.  Ik moet nog meer dan 6 km. 

 

 

Ik voel dat ik al serieus op het gaspedaal heb gestaan.

 

 

Mijn ademhaling jaagt.

 

 

Vaartkant Links, het jaagpad naast het Kanaal Dessel-Schoten. 

 

Kilometers lang kaarsrecht eenzaam asfalt.  Je kan eindeloos ver voor je uit kijken.  Nog steeds vlieg ik lopers en loopsters voorbij. 

 

 

Ik mag hier niet vertragen. 

 

 

Omkijken.

 

Oranje shirt?

 

Neen.

 

Voortjakkeren.

 

 

Komaan, komaan.

 

De ploeg rekent op jou.

 

Breng dat nummer thuis!

 

Koste wat het kost.

 

 

Mijn ademhaling schrijnt.

 

In de verte zie ik het felgele shirt van Eric B.  Ik loop op hem in.  En een soort van geruststelling komt over me heen.  Ik loop in op Eric.  Straffe gast die op zijn beurt dan ook nog eens op mij inloopt.

 

 

Ik voel dat ik dit waanzinnige tempo niet kan aanhouden en besluit wat gas terug te nemen en wat te doseren. 

 

Alles wat achter me ligt, heb ik de voorbije kilometers ingehaald. 

 

Voorlopig nog geen kapers op de kust.

 

 

Maar toch, blijven strak houden dat tempo. 

 

 

Het moet pijn doen.

 

Geen comfort.

 

Sneller.

 

Sneller.

 

 

*****

 

 

Eindelijk draaien we weg van het jaagpad, linksaf Meerblok.

 

Oef, nu ben ik uit het blikveld voor eventuele concurrentie.

 

 

Nog een dikke twee kilometer.

 

Breng dat nummer thuis!

 

Meters lijken kilometers.

 

Seconden lijken minuten.

 

 

Ik haal Eric B. in.  We kennen mekaar van zovele stratenlopen.  Hij zegt dat hij even gaat aanpikken om zijn tempo weer wat op te schroeven.  Hazen voor Eric.  Wie had dit ooit gedacht?

 

 

Enkele honderden meters later moet hij me laten gaan. 

 

 

Helhoekweg.  Hoe traag gaan de kilometers.

 

 

Mijn rechterhiel begint serieus pijn te doen.  Waar ik voor vreesde, is dus bittere realiteit. 

 

 

Het hielspoor spookt weer!

 

 

Tanden bijten, nu. 

 

Die hiel mag aan flarden. 

 

Moet aan flarden.

 

Niet aan toegeven. 

 

 

Pijn is tijdelijk, nederlagen eeuwig.

 

Breng dat nummer thuis!

 

 

Ik loop in een soort van trance. 

 

Tunnelvisie. 

 

Vooruit. 

 

En verbijt de pijn. 

 

De pijn van de inspanning. 

 

De pijn van de hiel. 

 

De heerlijke pijn van het lopen.

 

 

Breng dat nummer thuis!

 

Loop, Mark, loop.

 

 

Maak het werk van Pat, Katleen, Chris, Jan en Guy af.

 

Breng dat nummer thuis!

 

 

De laatste honderden meters.

 

Jef staat langs de kant en moedigt me aan.

 

 

En finish.

 

 

Het nummer is thuis.

 

 

De klok stopt na 2 uur 46 minuten en 37 seconden. 

 

 

Ik liep het laatste stukje, 6 km 770 meter, net onder de 26 minuten. 

 

 

HB611311-L.jpg

 

Maar voor dat laatste stukje hebben 5 andere lopers het beste van zichzelf gegeven, ver weg van de finish, ver weg van het applaus aan de finish.

 

Vooral zij brachten het nummer thuis.

 

Nogmaals bedankt allemaal voor de geleverde prestatie, en bedankt AVN dat ik mocht finishen; het was een eer en een genoegen! 

 

 

Nu ik toch bezig ben. 

 

Heum, Frank, sorry dat ik je dag grondig verpest heb met mijn gezeur, gestress en gejammer. 

 

Ik zal het nooit meer doen. 

 

Toch deze week niet meer...

 

 

*****

 

 

Sinds 2009 wordt de estafette gelopen.  Nooit eerder won AVN. 

 

Het is ook de scherpste tijd die AVN hier ooit liep:

 

2009: 2u 50m 51s

2010: 2u 49m 14s

2011: 2u 51m 25s

2012: 2u 46m 37s

 

 

 

*****

 

 

HB611387-L.jpg

 

Frank bracht het nummer van AVN (Tempo) thuis in een scherpe 3u 9m 53s, goed voor positie 4.

 

HB611434-XL.jpg

 

Hild bracht het nummer van AVN (Iets rustiger) thuis in 3u 29m 10s (pos.: 9). 

Hild, hier goed omringd door Gert en Jos.

 

HB611568-L.jpg

Liesbeth bracht het nummer van AVN (Ladies) thuis in 3u 51m en 11s, pos.: 14.

 
 
 
 
En het feestje was compleet. 
 
 
Jos Van Bavel liep te Rijkevorsel zijn 80ste marathon in 4u 14m 18s!

HB611724-L.jpg

 

 

 *****

 

De avond valt.

  

Tafels en stoelen hamsteren. 

 

We zitten met een man of twintig te babbelen over de wedstrijd. 

 

En het begint te regenen.

 

Opnieuw slaan we op de vlucht.

 

 

 

*****

 

 

We zoeken een bruine kroeg op.

 

 

Waar de gesprekken rustig verder kabbelen.

 

Waar de Tripel Westmalle koud geschonken en warm onthaald wordt.

 

Waar chips een rare vervaldatum heeft.

 

Waar heroïsche verhalen de ronde doen.

 

Waar wilde plannen gesmeed worden.

 

Waar nagekaart wordt.

 

Wonden gelikt.

 

 

Bloedbroeders in de strijd.

 

 

Brothers in arms.

 

Sisters in arms.

 

428889_4303039259830_731510732_n.jpg

 

18:43 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

01-07-12

Van Fifi, Brutus, de 90% van Georges Leekens, Cicero, een occasionele Schweinhund, De Bello Gallico en het maken van een omelet...

 

Van Fifi, Brutus, de 90% van Georges Leekens, Cicero, een occasionele Schweinhund, De Bello Gallico en het maken van een omelet...

 

 

Vrienden, Romeinen, lopers, amici, zoals u kon lezen in een vorige bijdrage, ben ik toegetreden tot de cohorten van atletiekclub AVN, de Atletiekvereniging Noorderkempen.

 

 

Vanaf heden verdedig ik de kleuren van AVN, te weten, heum...    .... stemmig zwart.

 

 

Mijn eerste loopopdracht voor de club wordt een marathon.

 

Ja, ik wou nog enkele seconden achterover leunen en nog wat nagenieten van de vorige zin, maar helaas betreft het hier enkel de estafettemarathon in Rijkevorsel.  Zes lopers die mekaar aflossen en zo de afstand van een marathon overbruggen.

 

Marathon-2012-Affiche.jpg

 

 

Men heeft me gevraagd mee te lopen met de snelste ploeg van AVN.

 

 

Ik kreeg al meteen een paniekaanval.

 

 

Even de ploegsamenstelling overlopen:

 

  • looplegende Jan H.: Jan heeft het lopen uitgevonden, staat jaarlijks in de elitebox op de 20 Km door Brussel,

 

  • zijn broer Guy H.: wint aan de lopende band stratenlopen, loopt sneller dan zijn schaduw,

 

  • Chris B.:  versloeg me met een vinger in de neus op de Descente de la Lesse van 2011,

 

  • Pat M.: heeft me op de Stratenloop van Hoogstraten 7 kilometer laten beulen om terug in zijn spoor te  komen,

 

  • Katleen B.: de ranke gazelle, heeft me al ontelbare keren in de vernieling gelopen en grossiert in eerste plaatsen bij de dames. 

 

 

En, ja dus, nummer 6 in de pikorde ben ik, uw halfkreupele dienaar, die ongeveer drie keer per week een nieuwe blessure probeert te verzinnen. 

 

 

 

Wat zijn mijn grootste sportieve exploten? 

 

 

Even vréselijk diep nadenken. 

 

 

Ach ja, op de 10 mijl van Merksem ben ik er ooit in geslaagd om            verloren  te lopen. 

 

 

En tijdens de Valentijnjogging ben ik ooit eens relatief sierlijk      gevallen

 

 

 

Of wacht eens even, God, neen, ik zou het bijna vergeten.

 

 

 

Ik ben ooit    wél eens als eerste  aangekomen.....

 

 

 

....... in de Rode Kruistent, met gescheurde gewrichtsbanden, ook al op de stratenloop van Rijkevorsel. 

 

 

 

 

Onze ploeg in een paar woorden samengevat: 5 afgetrainde atleten en één lapzwans.

 

 

 

***** 

 

 

 

Goed, dan maar andere capaciteiten in de strijd gegooid. 

 

 

Volgens wijlen mijn vader beschik ik over een aantal talenten, helaas allemaal even nutteloos in het echte leven. 

 

 

Toen ik mijn vrouw vroeg wat mijn talenten zijn, antwoordde ze:

 

 

"Onnozel doen, zeveren, in de weg lopen, overdrijven en mensen beledigen." 

 

 

 

En dat kwam er verdacht vlotjes uit, moet ik zeggen.

 

 

Ach, de zegeningen van het huwelijk.....

 

 

 

 

*****

 

 

En dan nu, de hamvraag!

 

 

Hoe presteren we maximaal op de aflossingsmarathon te Rijkevorsel?

 

 

Hoe gaan we de andere ploegen van de Noorderkempen in de pan hakken? 

 

 

Uiteindelijk is dit de ultieme clash tussen de atletiek- en loopclubs van de Kempen, met enige zin voor overdrijving zou je dit de Bello Gallico kunnen noemen, de Gallische oorlogen.

 

 

Hoe pakken we dit aan?

 

 

 

Beste lezers, beste vrienden van AVN, ik heb wat denkwerk verricht en kom daarbij tot volgende dwingende conclusies.

 

 

 

Ten eerste is er de fysieke voorbereiding. 

  

 

Het strekt tot aanbeveling dat we een beetje trainen op dat lopen. 

 

Daar heb ik niet zoveel kaas van gegeten en een mens wordt van dat eindeloos geloop ook nog eens zo verschrikkelijk moe, dus dat deel van de opdracht laat ik met plezier over aan de vijf eerder vermelde atleten. 

 

 

Trainen is 90 % van de opdracht, en als we iéts van Georges Leekens hebben geleerd, dan is het wel....

 

 

 

Ten tweede is er de psychologische oorlogsvoering. 

 

 

Goed voor, even kijken, de resterende 60 %, hoewel wiskunde nooit mijn sterk punt is geweest...

 

 

De psychologische oorlogsvoering.

 

Nu heb ik in een ver verleden naar het schijnt een paar twijfelachtige diploma's behaald; 100 meter schoolslag, dactylo én zelfs iets in de psychologische sfeer, dus stel ik voor dat ik me op de psychologische oorlogsvoering zal storten.

 

 

Het is de bedoeling dat de andere ploegen geïntimideerd worden door onze verschijning. 

 

 

Dat ze meteen inzien dat er met ons niet te sollen valt.

 

 

Dat wij, en alleen wij, de krijgers van de weg zijn.

 

 

Dat ze er letterlijk bijlopen voor spek en bonen.

 

 

 

*****

 

 

 

Ik geef een voorbeeld, dan wordt alles meteen duidelijk.

 

 

Stel, u bent aan het lopen.

 

 

Plots keft  er iets achter u.

 

 

Meer bepaald  FIFI .

 

 

imagesCAF6OULW.jpg

 

Geef toe.

 

 

Eerst krijgt u een lachkramp....

 

 

....vervolgens geeft u één  snoeiharde penalty....

 

 

.....gevolgd door wat  gekajieeet   van FIFI tijdens een parabolische vlucht...

 

 

...en u kan meteen uw duurloopje welgezind verder zetten tegen een hartslag van, pakweg, 135.

 

 

 

 

 

Maar wat zou u doen als dit uw pad zou kruisen?

 

 

hond.png

 

 

Braaf, zit, lig, pootje, koppie krauw. 

 

Helpt waarschijnlijk niet.

 

 

En de kans dat u  BRUTUS uitschakelt met een penalty is ook eerder beperkt (en daarvoor hoeft u niet eens Robben te heten).

 

 

Weglopen is al minstens zo zinloos.  

 

 

Vluchten kan niet meer.  Ik zou niet weten hoe...

Vluchten kan niet meer.  Ik zou niet weten waar naartoe...

 

 

U valt ten prooi aan verlamming, waarna u wordt opgepeuzeld, met huid en haar, inclusief loopschoenen Saucony, fraai shirt, drankgordeltje, Polar hartslagmeter, Garmin GPS en huissleutel.

 

 

Wel, het is dàt effect dat ik wil scoren op de tegenstand tijdens de aflossingsmarathon te Rijkevorsel.

 

 

 

*****

 

 

 

Goed.

 

 

Wat hebben we allemaal nodig?

 

 

Naar mijn gevoel vergt een aanpak ten gronde drie dingen:

 

 

Eerst en vooral een pakkende en begeesterende strijdkreet.

 

 

Wat denken jullie hiervan?

 

 

 

Hup, hup, hup,

 

AVN pakt de cup!

 

 

 

Mja, bwa,  ik vind het niet slecht.

 

 

Er blijkt ambitie uit, een rake en kernachtige boodschap,  het heeft een bezwerend ritme, zelfs een rijmvorm waar Herman Van Rompuy enkel van kan dromen, maar....

 

 

Dit is overduidelijk een geval van  FIFI.

 

 

 

En wat zoeken we?

 

 

We zoeken een  BRUTUS.

 

  

 

Daarom stel ik volgende strijdkreet voor:

 

 

 

 

Sie verrückte Schweinhunden,

 

sie gehen allen sterben!!!

 

 

 

 

Voilà, dat noem ik pas brandende ambitie, geen doekjes er om, man én paard noemen, gewoon zeggen waar het op staat, eerlijk duurt het langst.

 

 

Ik zou dat zelfs achteraan op onze shirts durven zetten; het bekt toch net dat tikje beter dan die eenzame drie letters AVN, vindt u ook niet?

 

 

Qua gallische sfeer kan het alleszins al tellen.  Heeft toch dat snuifje Vergincetorix, neen??

 

 

Ok, de strijdkreet is er, maar het kan nog altijd een tikje beter. 

 

 

We moeten dat extra stapje durven zetten.

 

 

 

***** 

 

Ten tweede:  de outfit!

 

 

Hoe ziet de gemiddelde AVN-loper er uit?

 

 

HPIM0869.JPG

 

 

Zo dus.

 

 

Let u even niet op het gestommel dat u op de achtergrond hoort, dat is het geluid van in katzwijm vallende dames....       .... een volstrekt normaal fenomeen...

 

 

Nu ik die foto nog eens goed bekijk, komt er spontaan een citaat van Cicero opwellen:

 

 

Simia quam similis, turpissimus bestia, nobis! 

 

 

Ongetwijfeld heel leerzaam allemaal, maar ik heb geen flauw idéé wat dat citaat wil zeggen....

 

 

 

Waar waren we gebleven?

 

 

Ach ja,  hoe ziet de gemiddelde AVN-loper er uit.

 

 

 

 

HPIM0870.JPG

 

 

Zo dus.

 

Laat u nu even niet afleiden door die intelligente blik, door dat gespierde edoch gestroomlijnde lichaam dat gemaakt is voor een doodzonde of twaalf, een borstkas als gehouwen uit het zuiverste marmer van Carrara, spieren als kabels waaraan men een oceaanstomer kan afmeren. 

 

 

Dit lichaam leunt zo dicht aan bij perfectie, dat het zelfs een juten zak met stijl weet te dragen. 

 

 

Ik bedoel maar, moest Michelangelo een breedband internetaansluiting hebben gehad, dan zou de David er hélemàààààl anders uit gezien hebben en zou het beeld ongetwijfeld de naam Mark meegekregen hebben. 

 

 

 

Ik stel het maar vast.

 

 

Het is wat het is, ik kan er verder ook niets aan doen.

 

 

Maar daar gaat het nu even niet om.

 

 

Kunnen we asjeblieft een beetje focus behouden? 

 

 

 

Dames, kom....

 

 

 

De outfit, daar gaat het om.

 

 

Is dit de outfit van een FIFI?

 

 

Neen, dat nu ook weer niet. 

 

 

Maar het is toch ook geen Brutus. 

 

 

 

Daarom dacht ik het als volgt aan te pakken:

 

 

HPIM0903.jpg

 

 

Dit, dames en heren,  is een BRUTUS  pur sang

 

 

I rest my case. 

 

 

Als we zo aan de start verschijnen, dan slaat blinde paniek toe in de rangen van de tegenstanders, zullen ze sidderen en beven, ja dan loopt het bij de concurrenten dunnetjes door de broek, zoveel is zeker.

 

  

 

En dan gaan we lopen.

 

 

Een startschot is voor FIFIS.

 

 

Ons startschot is iets virieler: namelijk iemand van AVN die door een megafoon brult:

 

 

At my signal,

 

unleash hell.

 

 

 

Ja, alle troeven moeten gebruikt worden, tenslotte was het beleg van Alesia ook niet bepaald een picknick....

 

 

 

*****

 

 

 

En dan komt de derde pijler van onze psychologische oorlogsvoering: de wedstrijdtactiek.

 

 

Hiervoor heb ik niets aan het toeval overgelaten. 

 

Ik heb speciaal voor u, beste lezer en/of teamgenoot, een brainstormsessie op poten gezet met drie van mijn beste vrienden, om de te volgen wedstrijdtactiek eens nauwgezet en tot in het allerkleinste detail op papier te zetten.

 

 

Waarlijk niets werd aan het toeval over gelaten.

 

 

Helaas had iemand het iets minder briljante idee opgevat om die brainstormsessie in Café De Gelmel te houden, enfin, om het in drie woorden samen te vatten:

 

 

Schijtezat, koppijn, bierkaartje.

 

 

 

 

M en het danseresje (S).jpg

 

Op dit bierkaartje staan wellicht briljante plannen uitgetekend over hoe we de aflossingsmarathon in Rijkevorsel tactisch succesvol én winnend gaan afronden, maar als u het kan ontcijferen, dan hoor ik dat graag van u.  Het enige dat ik er uit op kan maken is: drie Duvels en een Trappist Westmalle...

 

 

 

Dan maar de saaie manier.

 

 

In 1993 heb ik een handboek over lopen cadeau gekregen, ik haal het er even bij. 

 

 

Secondje, even de plastic verpakking er af halen...

 

 

Godverdomme, dat boek staat bomvol lettertjes.

 

 

Saai, saai, saai.

 

 

Hola, hier staat dan toch iets interessant.

 

 

Vergeef me, want nu wordt het zwaar academisch....

 

 

 

Om te winnen, moet je als eerste over de finishlijn lopen.

 

 

 

Ja, ik pluk er meteen het moeilijkste hoofdstuk uit.

 

 

Dus eerst aan de finish.

 

 

Dat lukt enkel, zo staat te lezen op pagina 256 van dat boek, als niemand ons voorbij steekt. 

 

 

Volgt u nog?

 

 

Nu moet ik tot mijn scha en schande toegeven, dat ik dàt niet eens wist.  Dat je dus als eerste over de finish moet komen om te winnen. 

 

 

Niemand vertelt mij ook iets. 

 

 

Had ik dat geweten, dan hadden ze op de 20 Km door Brussel een héél andere erelijst gehad.

 

 

 

Enfin, dus we moeten als eerste over de finishlijn komen.

 

 

Ja, dan zit er volgens mijn bescheiden mening maar één ding op!

 

 

 

Ik stel voor dat we niet toestaan dat iemand ons voorbij steekt.

 

 

We kunnen bijvoorbeeld de tegenstand lichtelijk ontmoedigen door, telkens iemand ons voorbij wil steken, een lichaamsdeel van die loper af te hakken.

 

 

 

Dat vind ik nu wel niet meteen terug in dat boek over lopen, maar het blijft wél een strak plan.

 

 

 

 

Om lichaamsdelen af te hakken, hebben we iets scherps nodig.

 

 

Een mes of zo.

 

 

HPIM0904.jpg

 

 

Neen, een mes.

 

 

 

 

HPIM0883.JPG

 

 

Néén, ik bedoel een écht mes.

 

 

HPIM0906.jpg

 

 

Dat trekt er al wat beter op.

 

 

 

Goed, maar wat hakken we af? 

 

 

Wel, wel, wel, dat is nu eens een intelligente vraag.

 

 

Onthoofden, bwa,  ik ben door zo niet voor, dat maakt vervelende vlekken die er niet uitgaan op 60 graden, zelfs niet met Vanish Gel

 

 

Neen, onthoofden vind ik er misschien een beetje over...

 

 

Wat denkt u van een hand?  

 

 

HPIM0888.JPG

 

Symbolisch voor diefstal. 

 

Ze pakken ons een plaats af, dat is diefstal. 

 

Af die hand.

 

Wat voor Leopold II werkte in Congo, kan voor ons werken in Rijkevorsel, dacht ik zo....

 

 En die Polar RS 300 die nog aan de pols hangt, is puur winst....

 

 

 

 

Wat zegt u?

 

God, ja, inderdaad.  

 

U heeft overschot van gelijk. 

 

Met een afgehakt hand kan een tegenstander, mits voldoende motivatie, nog altijd doorlopen.

 

 

 

Wel, wel wel, opnieuw overtreft u zich met uw intelligente opmerking.

 

  

Dan doen we het zo.

 

 

HPIM0930.jpg

 

 

Een been, dat is véél beter.  Echt, véél beter....

 

 

 

En als we ons goed hart nu eens tonen, en ons beperken tot maximum één afgehakt been per loper, dan kan het nog spannend huppelen worden voor de tweede plaats, toch?

 

 

Je moet ook een beetje denken aan de spankracht van de wedstrijd....

 

 

  

Barbaars zegt u?

 

Wel, je kan geen omelet maken zonder eieren te breken.

 

 

 

Signati:

Marcus "Idéfix" Peetrix

Anno MMXII

 

 

HPIM0901.jpg

 

 

___________________________

Voor deze column werden geen dieren mishandeld, uitgezonderd FIFI.

11:10 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |