31-05-11

Marce, Marce, Tervurenlaan non amas, sed tamen in Tervurenlaan ire debes...

 

 

Marce, Marce, Tervurenlaan non ames, sed tamem in Tervurenlaan ire debes...*

  

* Markje, Markje, je houdt niet van de Tervurenlaan,

maar toch moet je naar de Tervurenlaan gaan...

 

 

 

 

Maandag 30 mei 2010

 

Er is een vrachttrein over mij heen gereden. 

 

Gedenderd, moet dat zijn. 

 

Ik ben geradbraakt. 

 

Compleet gesloopt.

 

En toch ook weer niet.

 

Ik heb zelfs geen spierpijnen.

 

Maar moe!

 

Hondsmoe.

 

 

Maar dit verhaal begint op zondagochtend.

 

 

*****

 

 

 

Zondag 29 mei 2011.

 

De dag der dagen.  

 

 De 20 km door Brussel. 

 

De moeder aller loopwedstrijden! 

 

 

 

Voor de twaalfendertigste keer kijk ik mijn rugzak na.

 

Schoenen?

Check.

Geluks-looponderbroek?

Check.

Loopbroekje?

Check.

Loopshirt?

Check.

Kousen?

Check.

Compressiekousen?

Check.

Inschrijfformulier?

Check.

Appel, fles water, losse euro's voor desnoods een kakka of drie?

Check, check en nog eens check.

 

Ik word gek!

 

 

***** 

 

 

 

Ben ik er klaar voor?

 

Hierop kan ik enkel hysterisch lachen. 

 

Hahahahahahahah.  Enzoverder.

 

 

Zullen we even de kans op een geslaagde 20 Km door Brussel op een apothekersweegschaaltje afwegen?

 

De argumenten contra:

  • een manke voorbereiding, bijna zo mank als het baasje zelf,
  • een pijnlijke rechterwreef,
  • anderhalve achilles die ik maar matig vertrouw,
  • geen snelle kilometers gemaakt, alleen slaapverwekkend trage,
  • geen wedstrijden gelopen sinds begin maart, behalve vorig weekend ééntje en dat was matig, zééééér matig,
  • de warmte,
  • de wind,
  • de eerste 5 kilometers met de verdomde tunnels,
  • de volgende 6 kilometers stijgen belachelijk,
  • de volgende 2 kilometers dalen (maar véél te kort),
  • de volgende 4 kilometers zijn vals plat,
  • de volgende 1,5 kilometer: de Tervurenlaan,
  • de laatste 1,5 kilometer dalen, maar dan érg teleurstellend.

 

 

Gelukkig zijn er ook  argumenten pro, ik som ze even voor u op:

 

 

  • ik heb een borstnummer.

 

 

Goed.

 

Bon.

 

We zijn er dus helemaal klaar voor.

 

Want als we iets geleerd hebben in dit leven, dan is het dat trainen voor niets goed is.  Je krijgt er alleen maar vervelende blessures van.

 

Hoe minder ik loop, hoe beter ik word. 

 

2012 kom ik mijn bed niet meer uit.

 

 

*****

 

 

11 uur

 

Ik zit voor mijn bord pasta. 

 

Ook hier blijven de moeilijke beslissingen mekaar in razende vaart opvolgen. 

 

Hoeveel moet je eten? 

Hoeveel saus?

Met of zonder kaas op?

Veel water drinken, of niet?

 

 

Als je teveel vreet, dan is de kans niet onbestaande dat je maag straks opspeelt.  Eet je te weinig, dan kan je honger krijgen.

 

Ik eet te veel.

 

Tijdens het eten kijk ik 12 keer op mijn horloge.  Telkens is het acht over elf.  Cool!  De tijd staat stil.  Wie weet zit er op die manier straks nog wel een matig goede tijd in.

 

 

Ik laat de afwas staan voor zij die achter mij komen.  Après moi le déluge, en de afwas natuurlijk....

 

 

*****

 

 

 De fiets op en op pad naar de eerste halte van de dag.  Bushalte.

 

IMG_3592.JPG

 

Alle usual suspects zijn er weer.  Elk jaar dezelfde gezichten.  Gespannen gezichten.  Want de opdracht die ons wacht, is niet van de poes.

 

 

Mag ik even?

 

Bij een wedstrijd zijn er een paar factoren belangrijk om een goede prestatie neer te zetten:

1.  een goede conditie

2. een juiste wedstrijdindeling

3. klimaat

4. het vormpeil van de dag

5. varia (juiste kleding, schoenen, veters, voldoende gegeten, drinken onderweg, ...)

6. parcours

 

Als 1 ding tegenzit, dan kan je het al schudden. 

 

Het wordt dramatisch als meerdere dingen tegen zitten. 

 

Als alles tegenzit, dan is het waarschijnlijk de laatste zondag van mei.

 

 

Bij de meeste wedstrijden is het parcours elk jaar hetzelfde.  Dat is in Brussel niet anders.  En toch lijken de tunnels soms langer en steiler en die ploert van een Tervurenlaan verdenk ik ervan om zich jaarlijks een paar procenten op te krikken (misschien is dat een minder bekend gevolg van de opwarming van de planeet...  wie zal het zeggen?).

 

 

*****

 

 

Op de bus zit de sfeer er al meteen in. 

 

Er wordt gelachen, gezongen, gedichten gedeclameerd en sporadisch werd er een wind gelaten, wat toch een extra pigment geeft bij het eten van een spie rijstvla, we moeten daar niet onnozel om doen.

  

 

Brussel lag nog op dezelfde plaats als vorig jaar, dat viel dus niet tegen.

 

 

Met de bus beklimmen we de Tervurenlaan, stijgingspercentage gemiddeld rond de 37 %, met pieken die met de gemiddelde Westerse apparatuur niet te meten vallen, maar ruw geschat ongeveer 88% benaderen.  Een eitje voor de getrainde loper, maar op de bus hadden we er zo maar eentje: looplegende Jan H.

 

 

Enfin.

 

 

De bus geparkeerd.  Ik moest pissen als een rund, dus het eerste het beste beschermde gebouw moest er aan geloven.

 

Dan richting tent waar de borstnummers opgehaald moesten worden; nummer 624 lag er voor mij gereserveerd. 

 

Dit borstnummer geeft recht tot start vanuit de elitebox, de box der Spartanen, de Snakepit, de box der Gladiatoren, de box der Titanen, de box der Hoogvliegende Laagvliegers,...

 

 

Nu zal u zeggen: elitebox, elitebox. 

 

Zal het een beetje gaan met uw gestoef? 

 

Staan de echte absolute toppers niet geposteerd voor de elitebox? 

 

Ja, dat klopt. 

 

Maar dat heet niet de elitebox. 

 

Dat is de box van de negers en looplegende Jan H.

 

 

*****

 

 

Na het ophalen van mijn borstnummer slenter ik richting kleedkamer, al kraampjes kijkend.   

 

De startzone ligt er nog verlaten bij.

 

IMG_3621.JPG

 

Dat is geruststellend.  Dan weet je dat je nog een zee van tijd hebt, zodat de mentale opbouw naar het startschot in alle rust kan gebeuren.

 

Mijn kleedkamer: het luchtvaartmuseum.  Na de reorganisatie is er veel minder plaats, zodat het al redelijk zoeken is naar een vrije stoel. 

 

In de loop der jaren is ons vaste groepje lopers dat zich in het museum gaat omkleden behoorlijk uitgedund.  Waren we in den beginne nog met een handvol lopers hier, dan resten nu enkel nog uw dienaar en Eddy K.

 

Velen zijn afgevallen omwille van chronisch blessureleed.  Gevallen op het veld van eer...

 

 

Ik kleed me om. 

 

Daarbij worden schijnbaar futiele details van levensbelang. 

 

De voeten nauwgezet ontdoen van elk korreltje zand, de kousen zorgvuldig aantrekken zodat er zeker geen plooien kunnen ontstaan.  De schoenen een keer of twaalf strikken en herstrikken, om de juiste druk op de wreef te krijgen.

 

De chip bevestigen zodat die perfect vastzit. 

 

Borstnummer perfect hangen. 

 

Edele delen een aantal keren grondig herschikken in de geluks-looponderbroek...

 

 

*****

 

 

 

Drankbusje bij de hand, begeef ik me, in gezelschap van Eddy K., naar buiten.

 

 

Nogmaals plassen.

 

 

We wandelen nog eens over de esplanade, waar het inmiddels een drukte van belang is.

 

Naar het park aan de zijkant.  Omdat het nog meer dan een uur wachten is, besluiten we in de zon te gaan liggen.

 

Opwarmen heeft weinig zin, er rest ons nog teveel tijd tot aan de start.  Maar toch wil ik testen hoe mijn rechterwreef aanvoelt.  Er zit namelijk een pijnlijke plaats bovenaan mijn wreef.  Mijn veters heb ik een paar gaatjes laten overslaan, om zo die zone wat te ontlasten.  Ik vrees dat het niet zal volstaan en dat mijn schoen nu niet vast genoeg aan mijn rechtervoet zal zitten.

 

Lopen lukt aardig, maar ja, ik loop hier hoogstens enkele honderden meters, en dan nog eens kalmpjes aan.

 

En dan durf ik niet eens te denken aan mijn achillespezen; hoe zouden die reageren op de grote afdalingen, waar hoge snelheden (en dito impacten) moesten worden doorstaan? 

 

Ja, stress was er weer genoeg.

 

En dan is het plots vijf voor half drie en kan ik het niet meer houden en vertrek naar de kleine box, vooraan Wave 1.

 

 

 

***** 

 

 

 

Wanneer ik in het kleine boxje vooraan Wave 1 binnenstap, bots ik op Frank T. en Axel A.  Snelle heren zijn dat. 

 

Ik merk dat ze gespannen zijn, en meteen komt de bezorgde huisvader in mij boven.

 

Ik steek ze een hart onder de riem, met volgende troostende woorden:

 

 

 

 

Sidder en beef, lopershorden uit alle windstreken van het oude continent!

Gij zult het hoofd nederig buigen, gij zult een Weesgegroetje bidden, gij zult de goden tevergeefs om bijstand smeken, gij zult deemoedig op de knieën zinken en prevelen om gespaard te blijven van leed aan de verloederde achilles, gij zult een opstoot van spuitende schijterij vrezen.

 

 

 

 

Neen, het is nog niet gedaan.

 

 

 

 

Gij hoopt gespaard te blijven van spetterende broekhoest, kinkhoest, haperende longblaasbalgen en korte asem, gij zult janken van ellende in de donkere tunnels in de zompige moederbuik van de Brusselse Louisalaan, gij zult met schrik in het pompend hart het duistere Terkamerenbos betreden, gij zult uw moeder aanroepen in de woeste afdalingen, gij zult bleekgroen wegtrekken bij het aanschouwen van de Tervurenlaan, de wulpse vuige hoer der asfaltbeklimmingen...

Zij zal u in uw knoesels bijten, uw pezen doen knappen, uw spieren doen scheuren...

 

 

 

 

Neen, ik herhaal het,  het is nog niet gedaan....

 

 

 

 

Maar vreest niet, gewone stervelingen, want ik, het Godenkind,  sta aan uw zijde...

 

Vlij u aan mijn borst, zondaars!

 

Laat mij uw gids zijn, door troebel water (Spa).

 

 

 

 

Nu is het bijna gedaan...

 

 

 

 

Volg mij, ik weet hier namelijk de weg,

 

schuil achter mijn brede schouderpartij,

 

zoek de luwte op, volg mij.

 

 

 Maar durft me godverdomme niet voorbij te steken!

 

 

Samen zullen we, schouder aan schouder, op zoek gaan naar eeuwige roem en tijdloze glorie, want straks wacht ons de zoete, hemelse wederopstanding op de Esplanade van het Jubelpark, een medaille, een reep Mars, een crême-glace, een banaan, cola en een Leffe (of drie, daar mag ik van af zijn)...

 

 

 

 

 

Daarmee waren Frank T. en Axel A. al meteen in de juiste stemming gekomen, wat compleet begrijpelijk is.

 

 

Trouwens, nu ik er aan denk, ik had toch een sollicitatiebrief gestuurd naar de organisatie met de vraag of ik na mijn loopbaan als loper eventueel de kans zou kunnen krijgen om tijdens de startprocedure van de 20 Km door Brussel achter de micro te mogen staan. 

 

 

Wat plaatjes draaien voor 30.000 man, keigezellig!

 

 

En dan zou ik bijvoorbeeld het bovenstaande tekstje kunnen aflezen in een taal of 10. 

 

Wedden dat er hoogstens nog een man of 30 start?

 

Trouwens 2: geen reactie gekregen op die sollicitatie; dat begrijpt een mens toch niet....

 

 

 

******

 

 

 

En toen was het tijd voor de Bolero. 

 

De klok tikt verder. 

 

Mijn hart klopt sneller dan de seconden wegtikken. 

 

Stress, dus.

 

IMG_3622.JPG

 De Wetstraat vlak voor de start.

 

 

De Brabançonne galmt over de 30.000 hoofden.

 

 

Nu is het een kwestie van seconden. 

 

Het wordt bittere ernst. 

 

En ik denk nog even aan alle bekenden die, verspreid over de drie waves, nu ook gespannen staan te wachten op het startschot. 

 

Juriaan, Jo (en gezin), Geertje, Hild, Lut, Inge, Els, Jos, Leo, Jan, Gunther, Benny, Johan, Koen, Danielle, Gert, Ineke, Chris, Paul, Joke.  Ik vergeet er wellicht een aantal...   ... ook jullie waren in mijn gedachten.

 

 

We (Frank, Axel en uw scribent)  wensen mekaar geluk toe.

 

 

En dan valt het startschot, meteen gevolgd door een loeihard kanonschot.  Vorig jaar was er geen, nu weer wel.

 

En de race is van start gegaan.  Duizenden voeten roffelen over de dolomietpaden achter de triomfboog, werpen stof op.

 

 

Op de tijdsregistratiemat start ik mijn chrono.  Nu is het voor echt.

 

In het strijdgewoel ben ik zowel Frank als Axel kwijt gespeeld.  Ik ben vrij zeker dat Frank achter me zit, maar waar zit Axel?

 

 

IMG_3626.JPG

 

Wetstraat.

 

 

 

Goed, we staan er alleen voor. 

 

Het plan is om een verstandige wedstrijd te lopen. Het is warm, dus voorzichtigheid is geboden. 

 

Een ijzeren wet van de 20 Km door Brussel is: Wie woekert met zijn krachten, krijgt de rekening gepresenteerd.  Tot kilometer 11 heeft de wedstrijd een verborgen agenda.  Een sluipmoordenaar is het, je kan je op die 11 kilometer al makkelijk twee keer opblazen.  De luttele seconden die je hier kan winnen door over je toeren te gaan, zul je op de Tervurenlaan in tienvoud inboeten.

 

 

 De eerste kilometers voel ik me prima.  Het tempo ligt hoog, maar beheerst hoog.

 

 

Via het koninklijk paleis, bevoorrading 1.

 

 

Kilometer 3, Place Poelaert,  na 12 minuten en een paar seconden.

 

 

Maar dan komen we in de eerste tunnel.  Er hangt een benauwde sfeer in de tunnel, die meteen de adem en de benen afsnijdt. 

 

Happend naar adem klim ik de tunnel uit, om meteen een volgende oplawaai te krijgen.  De zon die ongenadig brandt. 

 

 Het asfalt gloeit.

 

Tweede tunnel.  Ik kraak, nu al.  Ik loop tragere kilometers.  Dit mag niet gebeuren, want dan wordt het een lange lijdensweg.

 

Derde tunnel.  De kortste tunnel.  Niet zo benauwend, maar doordat de klim meteen op de afdaling volgt, is het moeilijk temporiseren.

 

 

Kilometer 5 haal ik op 20 minuten 43.  Toch al serieus moeten inleveren.

 

De lange, brede lanen schuiven traag onder me door.  Het zweet gutst van mijn kop.  Ik probeer mijn ademhaling onder controle te krijgen, tevergeefs.  En de zon, die koperen ploert, blijft op me inbranden.  Ik zoek schaduw, uiterst rechts van de brede weg.

 

 

Ik kom een beetje terug in mijn ritme.  Maar dan draaien we richting Terkamerenbos. 

 

 

Schaduw!

 

 

Het blijft klimmen, afgewisseld met vals plat.  Hier is het zaak niet stil te vallen.  Maar bergop lopen ze me met bosjes voorbij.

 

 

Neen, Mark, verdomme toch, je bent je wedstrijd aan het verkloten.

 

 

Ik vecht en knok me omhoog. 

 

 

Bevoorrading 2: Dianalaan in  Terkameren. 

 

 Water, water, water.

 

 

Over mijn oververhitte kop, mijn armen, nek.

 

 

En drinken natuurlijk, in kleine slokjes.

 

 

 

*****

 

De warmte snijdt de adem af.  Mijn kuiten branden, mijn zwarte compressiekousen staan in vuur en vlam.  Dit gaat fout.

 

Rechtsweg een dolomietpad.  Naar beneden.

 

Ik weet dat zo meteen de controlemat van de 10 km volgt.  41 minuten klok ik af.  Maar het echte 10 km-punt ligt een honderdtal meter verder, op de Franklin Rooseveltlaan. 

 

 

10 km in, pakweg, 41 minuten en half.

 

 

Niet slecht, met wat goede wil zelfs op schema, maar de vraag is hoe diep ben ik hiervoor al moeten gaan?  En, vooral, wat kan ik nog?

 

 

De Terhulpsesteenweg, kilometer 11.

 

 

De brede lanen lopen treiterend bergop, onder een loden zon.   Er is wind, maar die koelt niet, en blaast naar mijn gevoel altijd in het nadeel.

 

Ik moet mijn groepje lossen.  Ik kijk achterom, op zoek naar een nieuw windscherm.  Een loper komt me voorbij, ik pik aan, maar hij schiet meteen een dikke meter opzij.  Hij gunt me niet om in zijn zog uit de wind te blijven. 

  

 

Mijn tong plakt aan mijn verhemelte.

 

 

Stond hier normaal geen waterpost? 

 

 

Ik bak, kook, heb dorst, voel me misselijk, maar bijt op de tanden, want zo meteen volgt een relatief makkelijk stuk, de stomende afdaling van de Avenue Delleur.

 

 

Avenue Delleur...

 

 

Alle remmen los!  We smijten ons als een kamikaze naar beneden en remonteren tientallen lopers.  Bergop lopen kan ik niet goed, maar bergaf vlieg ik.  Ik passeer in vliegende vaart de loper die geen windscherm wou zijn voor mij.  Immanente gerechtigheid.

 

 

Dat is de tweede ijzeren wet van de 20 Km door Brussel: Hij die rust in de afdalingen, verliest zijn tijd.

 

 

Maar helaas komt er een eind aan de Avenue Delleur.  De Vorstlaan zet ons terug vlak, tot lichtjes bergop.   In elk geval met beide voetjes op de grond.

 

 

 

*****

 

 

 

 

De drankpost Isostar.

 

Normaal pas ik hiervoor, maar de dorst is zo groot dat ik toch Isostar vastgrijp en kleine slokjes drink.  Het publiek moedigt ons aan met vogelgeluiden producerende gadgets.

 

Vreemd.

 

 

En voor de tweede maal krijg ik het heel moeilijk.  Ik word voorbij gegaan door God en klein pierke.  Ik probeer aan te klampen, maar moet telkens lossen.

 

 

Dit doet pijn, weegt zwaar.

Mijn hele lijf is beurs gebeukt.   Mijn voeten staan in brand.

Alles doet pijn.

 

Die vervloekte Vorstlaan blijft maar duren, en duren, en duren.  Het bladerdek houdt de zon van ons lijf weg, dat scheelt een slok op de borrel.

 

 

*****

 

 

 

Kilometer 15.  Het werd verdorie tijd!

 

1 uur 4 minuten en nog wat.

 

De fanfare links.

 

Waterbevoorrading.

 

 

Krijgsraad.

 

Om mijn record te pakken, 1u 26 m 32s, zal ik de resterende 5 km moeten lopen op 22 minuten en half.  Normaal gesproken een makkie, maar ik zit al stikkapot, met opgebrande kuiten, en dan moeten we de Tervurenlaan nog op, waar we sowieso een belachelijk trage kilometer gaan lopen.

 

 

En ik laat het los.

 

 

Ik besef dat het record er niet meer in zit, nogal logisch gezien het weer, de wind en mijn halfbakken voorbereiding.  Maar onder 1 uur 30 lopen, dat moet kunnen, mits de totale instorting wegblijft.

 

 

En avant la musique!

 

 

We lopen verder.  Ik voel me iets minder slecht dankzij het verkoelende bladerdek van daarnet.  Ik beslis om toch wat gas te geven tot aan de voet van de Tervurenlaan en dan maar te zien waar het schip strandt.

 

 

Ik haal weer wat lopers bij.

 

 

Kilometer 17, klimmen op de Tervurenlaan.  1 uur 12 minuten en heel wat seconden...

 

 

In de verte de bogen van het Jubelpark.  Het asfalt zindert van de hitte.  Lopers zwijmelen van links naar rechts, er wordt gewandeld.

 

 

Ik blijf mooi in mijn ritme en haal ze bij bosjes in.

 

Bevoorrading Tervurenlaan.  Ik kap een volledige fles Spa over het hoofd.  Ik ben nat tot in de loopschoenen.  Een tweede fles voor de dorst en nog een derde voor over de rug en nek.  Ik ben zeiknat.

 

Maar omhoog gaat het.

 

Overal sirenes.  Er wordt iemand met een brancard afgevoerd. 

 

 

******

 

 

Square Léopold.  De obelisk!  Dan zijn we helemaal boven.

 

Verder jagen!  Op naar Montgomery.

 

19 km: 1u 22m 48s.

 

Blijkt dat ik toch nog behoorlijk dicht bij mijn recordtijd aan het lopen ben.

 

Maar het vat is wel zo goed als leeg.

 

 

tervuren2.jpg

 

 Uw dienaar op de Tervurenlaan (weliswaar het stuk bergaf).

 

 

 

De kelk is bijna tot op de bodem geledigd.

 

Ik laat me meedrijven met de massa en bereik het Jubelpark.  Die vervloekte laatste bocht op kasseitjes, vlak voor de aankomst!

 

In die bewuste bocht ligt er alweer een loper tegen de grond.   Beangstigend tafereel.

 

 

En dan finish!

 

Zalig!

 

Tot stilstand komen...

 

1 uur 27 minuten en 16 seconden,  44 seconden boven mijn persoonlijke besttijd en mijn tweede beste chrono op achttien deelnames.  Mijn tiende onder de 1 uur 30.

 

Ik strand op plaats 1035, mijn beste positie ooit.

 

  • Editie    Tijd                  Positie
  1. 1994     1u 41m 59s       9384
  2. 1995     1u 34m 59s       5977
  3. 1996     1u 27m 42s       3005
  4. 1997     1u 28m 14s       3125
  5. 1998     1u 29m 30s       2605
  6. 1999     1u 32m 36s       1464
  7. 2000     1u 19m 54s       2397    Ingekorte versie stormweer
  8. 2001     1u 35m 45s       2343
  9. 2002     1u 30m 17s       1797
  10. 2003     1u 27m 57s       1400
  11. 2004     1u 26m 32s       1050
  12. 2005     1u 31m 03s       1442
  13. 2006     1u 27m 44s       1542
  14. 2007     1u 47m 20s       8888    hamstring
  15. 2008     1u 31m 42s        856
  16. 2009     1u 28m 55s       1354
  17. 2010     1u 28m 44s       1890
  18. 2011     1u 27m 16s      1035

 

 

De aankomstzone.

 

Hier hijgt een tevreden man.  Moe, kapot, maar blij, content.

 

Mars, water...

 

Axel komt binnen.  Vlak achter mij (33 seconden).

 

Ik neem mijn medaille in ontvangst. 

 

Hé, maar, ik ken die gast!

 

Blijkt het toch wel Quentin te zijn!  De man die mij een borstnummer heeft bezorgd in het kleine vak vooraan Wave 1, voorbehouden voor de eerste 1500 van het jaar voordien.

 

Hij wou een performance.

 

Quentin, voilà, dit was er eentje!

 

Mijn plaats in de eerste box vooraan Wave 1 is veilig gesteld.

 

 

*****

 

 

Omkleden en naar de bus, waar mondjesmaat de andere lopers komen aangeland.  Het is wachten tot de ganse delegatie de finish heeft gehaald.

 

Er wordt duchtig nagekaart.

 

gladiatoren.jpg

Uw dienaar biedt een luisterend oor aan looplegende Jan H. 

 Samen goed voor veertig (!) deelnames aan de 20 Km door Brussel.

 

 

 

 Met de bus naar huis.

 

De vermoeidheid laat zich gevoelen, vele oogjes vallen dicht.

 

 

 

*****

 

 

 

Thuisstad.

 

Nog wat nakaarten op een terras,

terwijl de zon het voor bekeken houdt,

 met in de knuist een welverdiende Leffe,

Trappist Westmalle, Duvel

of zelfs een Mojito...

 

 

Afspraak volgend jaar?

 

Natuurlijk!

 

 

 

Fotografen: Leo Gabriëls en Guy Hendrickx. 

Merci!

 

*****

 

 

Het was een beenharde editie.

 

Brussel is sowieso al geen sinecure.

 

De krant meldt: 540 interventies van het Rode Kruis, 13 mensen afgevoerd naar het hospitaal, een 26-jarige loper na oververhitting in kunstmatige coma gehouden en een andere 26-jarige loper sterft na een hartaderbreuk.

 

Een erg zware tol.

 

19:04 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

28-05-11

Va Banque!

Va Banque!

 

 

Dienstmededeling: dit is een eenmalige oprisping. 

Op de vooravond van editie 2011 van de 20 Km door Brussel.

Noblesse oblige....

 

 

Va Banque!

 

Miserie, miserie, miserie!

 

Waar zal ik eens beginnen?

 

Januari 2011: na een reeks lichte contracturen kan uw dienaar eindelijk weer zorgeloos lopen.  Doel is via een oneindig aantal lange, trage duurlopen het door ouderdom geteisterde lichaam te stalen voor een wonderjaar.  Kruppstaal, minstens.

 

2011 moest de annalen in als het jaar van de verrijzenis. 

 

En sneeuw noch ijsberen waren bij machte om mij van dit voornemen weg te houden.

 

Eind januari liep ik, als eerste test (en laatste nieuwjaarsreceptie), een cross in mijn thuisbasis.  In winterse omstandigheden.   6400 meter op 29 min en 10 sec ( 15de master +40), maar als dat 6400 meter was, dan ben ik Elvis.  Noem mij desnoods in deze een 'suspicious mind'.

168420_1839780239299_1384336119_2025110_1429640_n.jpg

 

Februari was er, oh macht der gewoonte, de Valentijnjogging te Lichtaart.   12 km door bos en hei op 50 min en 2 seconden.

 

Dat was goed voor plaats 30. 

U dient hier te lezen: dat was slecht voor plaats 30.

 

voer sleutelwoorden in

 

Ooit was ik hier twee minuten sneller! 

 Nu zal u zeggen, ach wat is twee minuten in het teken van de kosmos. 

 

 Een peulschil, dat klopt als een zwerende vinger!

 

Maar ik meen mij te herinneren dat ik ooit héél plezante dingen heb gedaan op amper twee minuten. 

 

Heel onplezierige ook, dat dan ook weer wel.

 

Neen, ik was niet goed bezig...

 

 

*****

 

 

En tussen die enkele wedstrijden en het strenge regime van duurlopen door, begon de linkerachilles lichtjes te zeuren.  Tijdens het lopen voelde ik niets, maar in de pees knijpen was uit den boze.

 

Dat noemt men een oranje knipperlicht.

Maar toch blijven doorgaan. 

20 jaar blessures, een mens zou toch verwachten dat je daar iets van bijleert.

 

 

*****

 

13 maart was er dan de Kloosterrun te Meer. 

 

 9 Km. 

 

In dat beperkte brein van mij was het onzalige idee ontstaan dat de pijnlijke achilles deze wedstrijd nog wel vlotjes zou kunnen verteren. 

 

Sterker nog, via een bepaalde hersenkronkel dacht ik zelfs dat de achilles er baat bij zou hebben...

 

 

Indien u ooit het begrip "naïeve kloot" ten gronde wenst te definiëren, dan mag u mij altijd mailen...

 

Voelt u ook een soort dramatiek in de lucht hangen? 

Leest u ook iets dreigends tussen de regels?

 

Tijdens de opwarming voelde ik al dat de achilles lastig deed. 

 

Slim zou zijn om aan de kant te blijven en de collega's aan te moedigen. 

Middelmatig slim zou zijn om de wedstrijd rustig aan uit te lopen.

 

Ik koos de ronduit domme optie.

 

Pijnlijke achilles, maar eens het startschot knalde, was er genoeg adrenaline om die pijn naar de achtergrond te verdrijven.

 

foto13.jpg

9 km op 34 min en 55 sec, de eigen klok strandde op 34 min en 35 seconden.  6de plaats. 

 

Uiteraard was dat 9 kilometer! 

 

Zelfs Elvis weet dat! 

 

Gevlogen als een jonge windhond, met knarsende tanden de laatste ronde nog één plaatsje moeten inleveren. 

 

Maar dat is puur omdat de achilles inmiddels niet meer zeurde, maar GILDE VAN ELLENDE!

 

's Anderendaags was ik kreupel. 

De linkerachilles lag lillend in mijn loopschoen. 

Helemaal kapot. 

 

 

*****

 

 

Daar gaan we weer! 

 

Mijn huisdokter bezocht.

Wat is die vent trouwens oud geworden! 

Het was inderdaad geleden van 2008 dat ik bij hem was geweest. 

 

De reden van mijn bezoek toen....

 

....de linkerachilles.

 

En meteen daarop volgde het heuglijk weerzien met mijn kine, Tom.  Hij die mirakels aan de lopende band verricht, waarbij de prestaties van ene Jezus (Golgotha, 33), verbleken als sneeuw voor de porseleinkast (iets klopt er niet, maar zoekt u het zelf even uit?  Ik heb namelijk nog wat tikwerk te doen).

 

 

*****

 

 

Zaterdag 19 maart.  Inschrijven voor de 20 Km door Brussel.

 

Alleluja! 

 

Het aftellen is bij deze officieel begonnen!

 

Plots besef ik dat het  de tweede opeenvolgende jaar is dat ik met een blessure kamp op het moment dat er ingeschreven kan worden.

 

Ingeschreven kan worden is veel gezegd.  Ik heb een uur voor mijn computer zitten sakkeren en vloeken. 

 

Telkens blokkeerde het hele zootje.

 

De internetchaos was alweer ronduit hallucinant.  Anderhalf uur na opening inschrijvingen, ging de boel op slot.

 

Maar goed, om 10 uur was ik (naast een jaar of 10 ouder) ingeschreven en kon ik terug over tot de orde van de dag.  Zijnde: lopen met pijn aan de achilles.

 

 

*****

 

 

Volgens de bevindingen van de medische staf zou ik kunnen blijven lopen tijdens mijn revalidatie. 

 

Die medische staf toch! 

 

Dat hebben we uiteraard proefondervindelijk willen testen, maar dat bleek geen bijster goed idee. Enkele honderden meters volstonden om het optimisme te laten omslaan in wanhoop, zware bewolking met links en rechts een bui.

 

Kine Tom wou daarop de 9 beurten spreiden en na anderhalve week (5 beurten) het licht nogmaals op groen zetten voor rustig lopen, gecombineerd met verdere behandelingen. 

 

Noem het desnoods een soort van warme doorstart.

 

Ook dat plan liep na amper 75 loopmeters jammerlijk op de klippen.  

Mijn humeur was inmiddels in die mate verknald, dat huisgenoten me begonnen mijden, en huisdieren spontaan verhuisden.

 

Uiteindelijk heeft de weerbarstige achilles me tot eind eerste week april aan de kant gehouden.  Dan met schrik in het hart  opnieuw de schoenen aangebonden voor voorzichtig trainingswerk, de achilles nog steeds gevoelig.

Een duurloopje van 1 uur en 10 minuten, waarvan de eerste 40 minuten de achilles zich toch wel liet voelen.  Niet écht pijn, maar een soort stroefheid, stramheid. 

 

En de dag nadien meteen een alarmerende reactie: méér pijn.  Mits ijspacks en flexium gel kon ik dat weer wat temperen en zo bleef ik verder knoeien. 

 

 

*****

 

 

Tussendoor een weekje Berlijn, om batterijen terug op te laden.

 

Berlijn... wat zal ik er van vertellen.

 

Véél Duitsers, dat was heel opvallend. 

 

En het moet iets genetisch zijn, maar Audi, BMW en Mercedes zijn niet gemaakt om traag te rijden op de autosnelwegen.

 

Berlijn. 

 

Bekend voor zijn curryworsten.

 

En voor een of andere muur. 

 

Niet gevonden. 

 

Weg.

 

En ze hebben er de triomfboog van het Jubelpark willen nabouwen, maar dat is toch niet echt goed gelukt.

 

Sukkelaars!

 

voer sleutelwoorden in

 

Berlijn, tja.

 

Berlijn had ook iets met de tweede wereldoorlog te maken, meen ik ergens gelezen te hebben, maar ik kan niet juist zeggen wat... 

 

 

*****

 

 

Na enkele weken liep ik terug 3 maal per week, telkens 1 uur 25 minuten.

 

Inmiddels was de aanvangsstroefheid (wat een woord!) teruggedrongen tot een kilometertje of twee.

 

 

*****

 

 

Maar de 20 Km door Brussel sloop dichterbij.

 

Zij die mijn escapades in de aanloop van editie 2010 van de 20 Km door Brussel hebben gevolgd, weten dat ik toen op miraculeuze wijze ben opgestaan uit het lopersgraf; ook al naar het voorbeeld van ene Jezus (Golgotha, 33).

 

Was ik gedoemd om nogmaals alle wetten van het lopen te tarten en quasi ongetraind aan de start te verschijnen van de moeder aller loopwedstrijden?

 

Dat zat er weer aan te komen...

 

Mijn rugprobleem en de daaraan gekoppelde manke voorbereiding voor de editie 2010 lieten zich ook gevoelen in het mij toegewezen borstnummer.  

 

Om editie 2011 in de kleine box vooraan Wave 1 (101-1500) te mogen starten, had de organisatie een tijdslimiet van 1 uur 27 minuten vooropgesteld. 

 

Met mijn kaduke rug had ik 1 uur 28 minuten en 43 seconden laten opmeten, dus viel ik nipt naast de boot.

 

8552, Wave 1 dus.

 

Daar konden wij niet mee leven. 

 

 Ah, neen!

 

De halve planeet ligt op diverse internetfora te janken en te bedelen om alsnog een borstnummer te kunnen bemachtigen, maar deze jongen begint de organisatie te bestoken met jankende mails dat ik, in het bezit van een borstnummer voor Wave 1, een nummer wil in die kleine box vooraan en wel nu.

 

 

Was het mijn stalkerige ondertoon?

 

Was het het feit dat ik me met handboeien aan de voordeur van hun kantoor had vastgeketend? 

Bericht aan mijn vrouw: die handboeien komen terug in het nachtkastje, geduld is een schone zaak.

 

Was het mijn dreiging dat ik minstens één keer per week in hun burelen op de grond zou liggen stampvoeten als een misnoegde peuter die in de supermarkt zijn favoriete snoepje niet krijgt?

 

Was het toe te schrijven aan het feit dat ik dreigde dat ik mijn contacten bij de NVA zou inschakelen om ervoor te zorgen dat de bijkomende financiering van Brussel zou verdampen?

 

Je ne sais pas.

 

Neen, tot mijn eigen verbijstering kreeg ik op mijn smeekbede meteen een positief antwoord, in een charmant soort Nederlands (leest u mee, Vic Van Aelst) wat iets wegheeft van het Afrikaans:

 

 

Geachte Mark,
Ik heb uw nummer goed veranderen.
Nieuwe borstnummer Peeters Mark 624.
Nu, moet u een echte performance doen.
Mvg,

Quentin

 

 

Een echte performance!

 

Laat me vooral niet groen lachen! 

 

Dacht ik nog misnoegd te kunnen zijn omdat ik geen borstnummer kreeg voor het kleine boxje vooraan Wave 1, kreeg ik verdorie toch zo'n laag nummer toegewezen. 

 

Help!

 

 

Men verwacht een performance van mij!

Met twee achillespezen die opspelen.

 

Ja, u leest het goed.  Inmiddels had ik ook pijn aan de rechterachilles.

 

Lachen!

 

 

*****

 

 

In de wintermaanden had uw dienaar een forse lijst gemaakt met wedstrijden waar ik mijn opwachting zou maken.  Waar men alvast het podium (en de kusblondine die de atleten mag bepotelen) mocht voorverwarmen. 

Van deze planning qua wedstrijden was helemaal niets meer in huis gekomen, dat spreekt.  Het dichtste dat ik bij een wedstrijd kwam, was wanneer ik er weer eentje doorstreepte op mijn kalender. 

Kalenderblaadjes vallen in filmische razende vaart in de aanloop naar de 20 Km door Brussel. 

 

29 mei komt onheilspellend dichtbij.  Mijn conditie is beneden alle peil, mijn gewicht er een eind boven...

 

 

*****

 

 

De linkerachilles is een ramp.  De rechter een beheersbare ramp.

Tot overmaat van ramp waren mijn beurten kine opgebruikt. 

 

Wat nu?

 

Het lopen verliep nog altijd volgens hetzelfde scenario: eerst een aantal kilometers doorheen de pijn/starheid lopen, nadien was alles min of meer ok.  De dag nadien was er altijd een pijnreactie.  Ik besefte maar al te goed dat het niet bepaald koosjer was wat ik aan het doen was.  Hoog spel spelen.  Een mentaal zwaard van Damocles boven het hoofd, als u begrijpt wat ik bedoel.

 

Elke duurloop was een (on)berekend risico.

 

En hoe zou de achilles reageren op snel lopen (lees: zwaardere impacten)?

 

 

*****

 

 

Nu moet ik u ook nog deelgenoot maken van iets heel raars dat ik voorheb, inmiddels al een paar weken.  Tijdens het lopen beginnen mijn rechterhand en drie vingers van mijn linkerhand (duim, wijs- en middenvinger) te tintelen (slapen). 

 

En 's nachts word ik een paar keer wakker met slapende rechter- en linkerarm, telkens ik in buiklig lig.

 

Omdat mijn lopen er niet echt onder leed, wou ik niet naar de dokter, hoewel mijn vrouw er wel op aandrong.

 

Maar omdat mijn achilles nog altijd niet ok was, ben ik gezwicht en zat ik weer in het kabinet van de dokter.  Niet zozeer voor de slapende armen, maar wel in de hoop om de dokter een voorschrift kine te ontfutselen...

 

Ik heb opnieuw 9 beurten kine!  Die gaan we opmorsen aan de linkerachilles.  De rechter hou ik zelf wel aan het lijntje.

 

 

*****

 

 

Inmiddels is het woensdag 11 mei, de 20 Km door Brussel is vlakbij.  De achilles links is nog steeds pijnlijk, de rechtse ook, mijn slapende armen en handen zijn er ook nog altijd.

 

En deze ochtend ben ik OPNIEUW naar de dokter gegaan: de 3de keer in evenveel weken (we overwegen om samen op reis te gaan deze zomer). 

 

Want tijdens mijn maandagse duurloop had ik behoorlijk wat pijn aan mijn rechter dikke teen.

 

Dinsdag was die teen erg gezwollen en rood.

 

De dokter heeft er een naald in gepleurd.  De teen bleek ontstoken te zijn.  De etter borrelde op.  Smakelijk eten, trouwens.

 

Weer een paar dagen aan de kant blijven.

 

Om dan opnieuw te beginnen trainen, met een pijnlijke achilles of twee.

 

Binnen 18 dagen staan we aan de start van de 20 km door Brussel.

 

Ik geloof het zelf bijna.

 

*****

 

Vrijdag 13 mei.

 

Ben naar het hospitaal geweest voor een EMG.  Om na te gaan wat de oorzaak is van de slapende handen/armen.

 

Het onderzoek was erg Guantanamo.

 

Via elektrische schokken kon nagegaan worden welke vertraging er zat op de zenuwverbinding. 

 

Nu werden die schokken gradueel sterker. 

 

Eerst tikte het een beetje, maar de laatste schokken leek het wel alsof ik aan het stopcontact zat te likken.

 

Trouwens, mijn vrouw heeft als kind effectief met de tong aan iets elektrisch gelikt. 

 

Waarna de elektriciteit uiteraard uitviel en zij met licht rokende haardos de kamer kwam ingejankt.

 

Ze heeft er niet veel aan overgehouden, behalve wanneer het bliksemt.  Dan hangt ze als een mentaal gestoorde kat in de gordijnen, maar daar heb ik het bij gelegenheid nog wel eens over.

 

En oh ja, dat is waar ook, ze heeft er nog iets anders aan overgehouden. 

 

Een gevorkte tong, want nadien is er een stukje tong afgestorven.  Mits een slecht karakter, zou ik kunnen beweren dat de tong van mijn vrouw veel weg heeft van die van een slang.  Maar zo ver wil het het niet drijven... 

 

 

Enfin, elektrische schokken dus.  Zowel links als rechts.  Nadien joeg de dokter, wiens naam me nu ontschiet (Mengele?), een naald in de muis van mijn duim, om er vervolgens nogmaals elektrische schokken doorheen te jagen.

 

Moest ik op dat moment een gloeilamp vastpakken, dan zou die gaan branden, zonder twijfel.

 

Blijkt dat ik in beide polsen het Carpale tunnelsyndroom heb. 

 

Een soort van beklemde zenuwbaan; de Nervus medialis.

 

De behandeling die hij voorstelde was een injectie met cortisones in elke pols.

 

Na den elektriek nog twee ferme prikken in de polsen.  Ik kan me nu iets beter inleven in de belevenissen van ene Jezus (Golgotha, 33).

 

 

*****

 

 

Zaterdag 14 mei.

 

Duurloop van 1u 25m afgewerkt.  Aanvangsstramheid linkerachilles is verwaarloosbaar. 

 

MAAR, de rechter achilles is pijnvrij.

 

En, het goede nieuws kan niet op.  Na de duurloop reageert de linker achilles niet met nukkige pijnscheuten, neen, niks meer.  Geen reactie.

 

Ik fluit plots een toontje hoger.

 

En wanneer ik op maandag 16 mei opnieuw het ruime sop kies voor een lange duurloop in de bossen van de kolonie, is er zelfs geen aanvangsstroefheid meer in de linker achilles.

 

Haha!

 

En hoho ook natuurlijk.

 

Een sporadische héhé, dat wellicht ook.

 

En had ik de hihi al vermeld?

 

Voilà.  Genezen.

 

Op woensdag doen we dat eens dunnetjes pijnvrij over.  Na de douche begeef ik me Tomwaarts voor een beurt kiné. 

 

Tom merkt aan mijn brede glimlach, die fiere schouderpartij, die rechte rug, dat absolute gebrek aan gezaag, die overdaad aan misplaatst zelfbewustzijn,  dat de achilles ten goede is veranderd.

 

Is dit niet het moment voor wilde plannen?

 

Uiteraard!

 

 

*****

 

 

Zondag 22 mei.

 

Ik sta aan de start van de Parel der Kempen, wedstrijd over 10 mijl in Malle.  Yep, een paar maanden geklooi met een achilles (en nog wat randverschijnselen), woensdag laatste beurt kiné en op zondag:

 

WEDSTRIJD!

 

10 mijl op 1 uur 7 minuten en 44 seconden.  Dat is niet bijster goed, maar de belangrijkste conclusie van de dag is: de achilles gedroeg zich ook beschaafd bij iets hogere stress en zwaarder geweld qua impact, dus er is reden tot voorzichtig optimisme.

 

 

Optimisme dat meteen getemperd wordt door...

 

... een pijnlijke rechterwreef. 

 

 

Geknoopte veters voelen erg pijnlijk aan.  Ze drukken op een pijnlijke, rood gezwollen bult bovenop de wreef.

 

Hoera!

 

Een blessure! 

 

 Een nieuwe bovendien. 

 

Had ik nog niet in mijn verzameling!

 

 

Ik probeer de pijnlijke plaats wat bij te werken met ijs en flexium.  En via creatief vermijdende omleidingswerken voor veters voor gevorderden probeer ik de druk van de pijnplaats weg te nemen.

 

 

 *****

 

Zondag is er de 32ste editie van de 20 Km door Brussel. 

Mijn  18de opeenvolgende deelname.

Met te weinig trainings- en wedstrijdkilometers in de benen...

Dus we verwachten geen al te goede prestatie.

Maar één ding is zeker.

We zetten alles in.

 

Va banque!

 

 

 

Bolero, Brabançonne!

Geniet!

 

Jubelpark, Wetstraat!

Doseren! Niet galopperen!

 

Avenue Louise,  tunnels! 

Niet forceren, onderga!

 

Dianalaan! Terkamerenbos!

Adem, vind je ritme!

 

Klimmen naar de Chaussée de la Hulpe!

Dak van de wedstrijd, start van de wedstrijd met jezelf.

 

Afdaling, Boulevard du Souverain!

De gashendel open, troeven op tafel!

 

Tervurenlaan!

De opperste beproeving!

Bittere pil!

 

Tervurenlaan!

De scherprechter!

Het hellegat!

De zevenkoppige, vuurspuwende draak!

Het inferno!

Flank der verdoemden!

Rijk van Satan, Beëlzebub, Lucifer!

Kerberos, hoeder der Hellepoort!

Wagneriaanse Apocalyps!

Armageddon! 

Huis van cyclopen en demonen!

 

Tervurenlaan!

Lopen op de Tervurenlaan is een tantaluskwelling!

Een sisyfusarbeid!

Een les in nederigheid...

 

Tervurenlaan!

Sterven...

Zeven maal zeventig maal...

 

 

Square Léopold, Montgomery, Jubelpark!

De wederopstanding, de ultieme bekroning...

 

De cirkel is rond.

 

 

Aan alle bloedbroeders en lotgenoten, behouden vaart!

 

Mark, 28 mei 2011, 20u.

 

 

19:52 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |