30-11-10

Over de geplukte kip, het fluitje van een cent, de soutien gorge en, andermaal, Club Brugge...

Over de geplukte kip, het fluitje van een cent, de soutien gorge en, andermaal, Club Brugge.... 

 

Laat me u meenemen naar de duistere krochten van mijn privé-leven.

 

Nadat we twee kinderen op de planeet hadden gezet (een operatie waarbij we lusten en lasten hebben verdeeld; ik de lusten, mijn  vrouw de lasten) besloten we dat het genoeg was geweest.

 

We hadden uiteindelijk op die manier gezorgd voor volgende feiten:

 

  • dat de planeet overbevolkt blijft (en gestaag blijft opwarmen),
  • dat de personenbelastingen betaald blijven worden (zodat de spilzucht van de dames en heren ministers blijvend gesponsord zal worden - 1 minister per 200.000 inwoners, il faut le faire!),
  • dat de pensioenen ook in de toekomst verzekerd zullen kunnen worden (ja Di Rupo, ook die van onze Waalse broeders),

 

Enfin, twee kinderen, dat kon volstaan.

 

Volgens de bevindingen van de Raad van Bestuur van ons gezin, onder stringent voorzitterschap van mijn vrouw, was het zinvol dat schrijver dezes een vasectomie zou ondergaan.

 

 

U bent gaan googelen. 

 

Geef maar toe.

 

Dus ja, sterilisatie van de man.

 

Een ingreep van niets, zei mijn vrouw. 

 

Dagopname, binnen en buiten.

 

Fluitje van een cent.

 

 

*****

 

 

Mijn vrouw weet dat ik geen held ben als het op medische ingrepen aankomt.  Ik bedoel maar, als ze in Saw 3 iemand zijn poot afzagen met een roestig keukenmes, dan glimlach ik even en dip nog een TV-worstje in de cocktailsaus. 

 

Doet me niks. 

 

Maar als ze op Vitaya weer eens iets té enthousiast een openhartoperatie in beeld brengen, of een bevalling met inzet van alle denkbare lichaamssappen, dan word ik toch wat bleekjes rond de neus.

 

Vasectomie dus.

 

Fluitje van een cent.

 

 

*****

 

 

Ik binnen op de dag des oordeels.

 

Kwam er een bevallige verpleegster heupwiegend op me af. 

 

"Kleed u maar uit, operatiehemdje aan, ga maar in uw slipje op het bed liggen."

 

Nu hou ik wel van een bepaalde vorm van bevelfunctie, vooral in combinatie met een ondeugend kostuumpje, het gebruik van gelispelde verkleinwoordjes en desnoods wat burleske lingerie, maar nu stond mijn hoofd er niet écht naar.

 

Ze schudde haar lange haren los en zei, met een schalkse blik in de azuurblauwe ogen:

 

"Zo meteen kom ik u scheren."

 

En het was niet mijn kin, als u begrijpt wat ik bedoel.

 

Ik bevroor...

 

 

*****

 

 

Is  het een zeer vreemd gevoel wanneer een wildvreemde je fluitje van een cent zit te scheren?

 

Wel, heu...

 

Is de paus katholiek?

 

 

En in dit geval was het een wildvreemde blondine, tot overmaat van ramp.

 

Met zo'n hagelwit verpleegsteruniformpje aan. 

 

Een nauwelijks waarneembare vorm van suggestieve transparantie verraadde een minuscuul slipje en een niemendalletje wat dienst deed als soutien gorge, beide zaken zo wit als een vers gevallen, maagdelijk sneeuwvlokje...

 

En omdat ik krampachtig wou dat dat fluitje van een cent inderdaad een fluitje van een cent bleef (en niet zou evolueren naar een fluit van, pak hem vooral niet beet, twee euro), heb ik me krampachtig geconcentreerd op iets anders. 

 

Afleiding!

 

Zo heb ik de ganse tijd de opstelling van Club Brugge ten tijde van Gert Verheyen voor de geest proberen te halen. 

 

Met Franky Van der Elst nog en Jan Ceulemans. 

 

Schoon tijden. 

 

Prima ploeg overigens.

 

****

 

 

 

Verpleegster weg, de zone van de waarheid zag er uit als een geplukte kip.

 

Vervolgens kwam er een chirurg binnen. 

 

Eentje van het mannelijke type.

 

Nu was er geen enkel risico meer op een voorval van 2 euro.  Zeker niet toen hij de verdovende spuit toediende.

 

Heeft u ooit al een verdovende inspuiting gekregen in de zijkant van uw zak?

 

Oei, ik geef toe dat ik nu in minder verfijnd taalgebruik verval, maar het is wel de bikkelharde realiteit.

 

Een injectie in de zijkant van uw edele delen.  Niet iets waarvoor ik spontaan in enthousiaste gezangen uitbarst.

 

En die injectie moest liefst nog eens langs twee kanten.

 

Het enige gezang dat hier op zijn plaats was, was Gregoriaans gejodel.

 

Het fluitje van een cent was onderhevig aan heftige deflatie.

 

Nadien snijden, knippen, toebranden (wat trouwens een geur gaf van gebraden kip).

 

Enkele draadjes.

 

Fait accompli !

 

 

*****

 

 

U zal nu vragen: vanwaar dit rare verhaal?

 

Omdat de wereld klein is.  En rond.  Maar vooral klein.

 

Want, afgelopen weekend was ik met een paar vrienden een pint aan het pakken in de plaatselijke kroeg. 

 

Voetballers.

 

En op geregelde basis kwam er iemand het gezelschap vervoegen.

 

Op een gegeven moment kwam er een blondine bij ons zitten, vriendin van een der aanwezigen.   Een blondine van het wufte type.

 

Met azuurblauwe ogen.

 

En ik zat heel de tijd te denken: ik ken die van ergens...

 

En plots schoot het me te binnen ; zij heeft de kip geplukt!

 

Ze herkende me niet. 

 

Ah neen, ik had mijn kleren aan!!!

 

 

18:54 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

26-11-10

Een moment van zelfreflectie waarna alras het verband tussen Club Brugge, een jeansbroek en de Mona Lisa aanschouwelijk wordt gemaakt...

Een moment van zelfreflectie waarna alras het verband tussen Club Brugge, een jeansbroek en de Mona Lisa aanschouwelijk wordt gemaakt...

 

 

Welke idioot verzint die titels?

 

 

*****

 

 

Woensdag 24 november

 

En plots zit mijn loopseizoen er op.  Toch wat wedstrijden betreft. 

 

Tijd voor een moment van (zelf)reflectie.

 

 

De tabel der geleverde inspanningen. 

De illusies en desillusies.

 

Datum

Wedstrijd

Tijd

Plaats

14 febr

Valentijnjogging 12 km

51m 56s

23

30 mei

20 Km door Brussel

1u 28m 44s

1888

2 juni

Corrida Hoogstraten 9,9 km

42m 4s

111

12 juni

Kapellekesloop Minderhout 15,7 km

1u 6m 16s

8

19 juni

Top Run Wuustwezel 10 Km

39m 48s

18

3 juli

Rijkevorsel leeft 10 km

39m 9s

14

10 juli

Neervenkermis Loenhout 9 km

36m 42 s

15

21 juli

Dwars door Kasterlee 16 Km

1u 13m 39s

75

14 aug

Triotriathlon Sterke Peer WW 5 km

17m 44s

25

29 aug

Descente de la Lesse 21,9 km

1u 43m 29s

147

12 sept

Jogging ville de Namur 11,7 km

48m 22s

104

12 sept

Bollekesloop Antwerpen 10 km

41m 46s

40

3 okt

Singelloop Breda Halve marathon

1u 39m 3s

67

9 okt

Terlo jogging Kasterlee 12 km

47m 39s

14

16 okt

Stratenloop Rumst 15,3 km

1u 2m 9s

8

14 okt

Halve marathon Kasterlee

1u 28m 42s

67

23 nov

Essen Esak 10 mijl

1u 6m 20s

23

 

Toch 17 wedstrijden gelopen in 2010.  Niet onaardig.  Zeker omdat er tot 29 mei nog maar één wedstrijd op de teller stond.

 

Een raar seizoen ook. 

 

Omwille van de rugproblemen lange tijd aan de kant gestaan.  Eens het looplicht op groen, hebben we nog behoorlijk wat wedstrijden gelopen. 

En het besef dat een mens kwetsbaar is, heeft me doen inzien dat ik beter nu kan doen wat ik al lang op de verlanglijst heb staan.

 

Vandaar die rare uitspattingen op de kalender. 

 

En er waren memorabele dingen bij:

de 20 Km door Brussel 2010, waar ik als een feniks uit zijn as herrees. 

En de Descente de la Lesse, knotsgek parcours. 

De triotriatlon. 

In september was er de dubbelslag Jogging ville de Namur en de Bollekesloop te Antwerpen, twee wedstrijden op één dag. 

En de halve marathon van Kasterlee in november zal ook nog lang opgerakeld worden. 

Aan de andere kant van het spectrum, horresco referens, de majestueuze ondergang op de Singelloop te Breda.

 

Al bij al.

 

Geen potten gebroken, geen botten gebroken.

 

Geen records, buiten twee persoonlijke wedstrijd-besttijden.  Mager beestje.  Maar je kan natuurlijk na  een winter in de lappenmand en zo'n zwak voorjaar moeilijk verwachten dat deze oldtimer nog eens een boerenjaar zoals 2009 (of 2004) zou kennen.

 

En nu wordt het zaak deze winter aan de slag te blijven, duurlopen op te trekken naar een volgend (hoger) niveau, om volgend jaar weer als vanouds aan de slag te gaan. 

Een aantal wedstrijden zal ik sowieso lopen, omwille van het klassieke karakter (en ook wel omwille van mijn semi-autistisch-neurotische inborst), maar ik ga ook weer proberen nieuwe pareltjes te vinden op de kalender. 

 

 

*****

 

 

Uw dienaar aan het werk op de 10 mijl van Essen, afgelopen weekend.

 

 

2010-11-21-14h54m11 10 mijl essen.jpg

 

 

 

Niet gemakkelijk, om 10 mijl lang een bekertje vast te houden...

 

En ik die dacht dat een lijn op het loopshirt garant zou staan voor het perfect waterpas spelden van het borstnummer; vergeet het maar...

 

 

*****

 

 

Op het einde van het loopseizoen wordt de looprugzak ook nog eens deftig uitgeschud. 

 

Omdraaien, die handel.

 

Er dwarrelen verfrommelde borstnummers naar beneden, enkele veiligheidsspelden, een briefomslag met daarin een papiertje met de tekst:

 

Helaas, geen prijs.  Volgende keer meer geluk. 

 

 

Tiens, een klein groen papiertje. 

 

Ach, zoete herinnering!  Het is het armbandje  dat recht geeft op gratis openbaar vervoer op de dag van de 20 Km door Brussel (had ik in de broek gestoken voor het geval de rug het finaal zou begeven en ik gedwongen zou zijn om via tram terug het Jubelpark te bereiken...).

 

 

En zand!  Vanuit alle (wind)streken.

 

 

Lopen, een rare sport.  Maar ik ben blij dat ik ze ontdekt heb.  Stel je voor dat je een voetballer bent!  Afhankelijk van 10 anderen, en vooral van het feit hoe bezopen ze de dag voordien zijn geweest. 

 

Neen, merci.

 

Als loper moet ik uiteraard geringschattend doen over voetbal.  Voetbal is geen sport.  Hoogstens een spelletje. 

 

Trucjes met een bal. 

Vermakelijk allemaal. 

 

En toch heb je als loper, en bij uitbreiding als man, Club Brugge als een rode draad door je leven lopen.

 

Ik verduidelijk het even, want ik merk het al, u weet weer van niks...

 

 

*****

 

 

"Wat zal ik vanavond eens aantrekken?"

 

Heren, u kent allemaal die vraag.  Toch als u getrouwd/samenwonend bent.

 

Aan het woord is mijn vrouw.  Ze heeft me opgevorderd om haar bij te staan in de keuze van de garderobe voor vanavond.  We moeten namelijk naar een feestje. 

 

Ik heb daar geen goesting in. 

 

Niet in het feestje en niet in de bijstand die ik moet verlenen in de keuze van de kleding.

 

Want, ok, de vrouw stelt die vraag, maar dat is een retorische vraag.  Wat zal ik eens aandoen? 

 

Ze stelt die vraag, maar heeft in haar geest al een week lang liggen wikken en wegen om zo uiteindelijk haar garderobe samen te stellen. 

 

De vraag wordt wel publiekelijk gesteld, maar behoeft geen antwoord. 

 

Wat wil uw vrouw? 

 

Bevestiging. 

 

En niet eentje, maar een ganse reeks:

 

  • ten eerste de bevestiging dat ze met gelijk welk stuk textiel prachtig staat,
  • ten tweede dat ze in feite véél te weinig kledij heeft, het is warempel godgeklaagd dat ze zo weinig heeft.  En dat de oorzaak te zoeken is in de gierigheid van de man in het algemeen en haar echtgenoot in het bijzonder,
  • ten derde dat ze effectief gewoon moet aandoen wat ze in gedachte heeft.

 

Het gekke is dat, wat je ook suggereert qua garderobe, het allemaal fout is. 

 

Te kort, te lang, te versleten, te oud.

 

En we weten allemaal, té is nooit goed (behalve in tequila).

 

Vervolgens laat ze zien wat ze na een week lang tobben heeft samengesteld.  Wanneer dat dan uiteindelijk door de verzamelde pers op quasi geloofwaardige wijze is goedgekeurd, denk je als man: oef, we zijn er doorheen.

 

NEEN!

 

NEEN!

 

DRIEWERF NEEN!

 

 

Want ok, ze heeft nu wel kleren aan. 

 

Maar we zijn er nog niet.  Bijlange niet!

 

Het ganse concept kan om zeep geholpen worden door volgende toevallige gebeurtenissen en/of bedenkingen:

 

  • ze heeft niet de juiste kleur handtas voor bij de outfit,
  • ze trekt een ladder in het laatste paar nylons met de juiste dichtheid/kleur,
  • bij het aanbrengen van de oorlogskleuren, valt er een brokje mascara op de smetteloos witte blouse (dan is het vooral dekking zoeken),
  • de schoenen zijn wel perfect bij de outfit, maar nu is ze 2,4 cm groter dan haar echtgenoot, wat niet kan...
  • bij het finale strijkwerk van de witte blouse (indien mascara-incident overleefd werd), rochelt het stoomstrijkijzer een bruine vlek op de blouse (u verwijderen op de tippen van de tenen strekt dan tot aanbeveling)... 

 

U merkt het, men mag beweren wat men wil.  Regeringsvormingen en staatshervormingen kunnen misschien moeizaam verlopen, maar dat is klein bier, vergeleken met het hete hangijzer: wat zal ik vanavond eens aan doen? 

 

Maar wanneer dan ook juwelen en sjaaltjes en schikking handtas tot  ieders genoegdoening zijn afgewerkt, dan komen we aan de minder belangrijke vragen.

 

 

Vragen zoals:

 

"Wat ga jij aandoen?"

 

Aan het woord is, opnieuw, mijn vrouw.

 

In de loop der jaren heb ik gepoogd afdoend te antwoorden op die vraag. 

 

Spartelend. 

 

Je kan mijn manier van antwoorden grosso modo indelen in drie periodes.

 

 

1. De naïeve periode

 

Dan antwoordde ik :

 

"Wat ik nu al aan heb."

Of:

"Wat ik gisteren aanhad. "

 

Dat was telkens fout.

 

Ze glimlachte dan eens mysterieus (op de wijze van de Mona Lisa), schudde zwijgend en vol ongeloof het hoofd, zuchtte diep en legde klaar wat ik moest aandoen.

 

 

2. De rebelse periode.

 

Dan antwoordde ik:

 

"Ik heb dit klaar gelegd."

 

En dat was dan bijvoorbeeld een blauwe jeans met een zwarte trui.

 

Dat was fout.

 

Wanneer haar gegil was verstomd, was meestal volgende conversatie te horen:

 

Vrouw: "Schat, blauw combineren met zwart, dat is vloeken in de kerk.  Dat past niet samen."

 

Ik: "Blauw en zwart gaat niet samen?  Wablief?  Als dat voor Club Brugge werkt, dan voor mij ook."

 

Vrouw: "En doe je dan straks een gele broek aan met een rode trui?"

 

Ik: "Nee, natuurlijk niet."

 

Vrouw: "Dat werkt toch voor KV Mechelen."

 

Waarna ik de outfit aantrok die zij al wekenlang in gedachten had.  Meer bepaald dat hemd dat schuurt aan mijn tepels en die trui die prikt...

 

De rebelse periode is geëindigd met de alombekende 'jeansbroek-affaire'.

 

Heren, u kent dat.  Na jaren marineren is uw jeansbroek eindelijk perfect.  Dat wil zeggen dat de broek perfect de contouren van de inwoner heeft aangenomen.  Aan slijtagesporen kan je zien waar de portefeuille zit en de gsm, en kan je zelfs merken dat de eigenaar linksdragend is.

 

Wel, dat is het moment dat een jeansbroek perfect is. 

 

Meestal is dat ook het moment dat  mijn vrouw ze  weg gooit, wegens versleten...

 

 

3. De Ghandi-periode

 

De ultieme berusting.

Zeg maar gewoon wat ik moet aandoen. 

 

Die vraag is namelijk geen vraag, maar de inleiding. 

Zeg maar.

 

 

******

 

 

Club Brugge dus. 

 

De rode draad in mijn leven. 

 

Ik kom er bij gelegenheid nog eens op terug....

 

 

 

 

19:11 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

23-11-10

Met de helm geboren...

Met de helm geboren...

 

 

Zondag 21 november

 

 

Een sombere, grauwe zondag. 

Het grijze wolkendek zorgt ervoor dat het de ganse dag blijft schemeren.  Het is zo'n lamlendige zondag. 

 

Alles kan, niets moet. 

 

We zouden een fikse boswandeling kunnen maken, gelaarsd en wel, om de herfstbladeren baldadig uiteen te trappen en een frisse neus te halen.  En dat daarna aftoppen met een warme chocomelk  in de zetel, terwijl de veldrijders zich uitsloven op televisie.  Fleecedekentje tot aan de nek, gordijnen dicht om de boze buitenwereld buiten te sluiten, de verwarming stomend.  

En straks kabbelt de zondagavond lusteloos voorbij...

 

Maar neen. 

 

Mijnheer wou van geen laars weten, laat staan een chocomelk, warm noch koud....

 

Mijnheer gaat lopen!

 

 

*****

 

 

De auto gestart, een paar cd's om het juiste klankdecor te creëren, volume op stand belachelijk en we snorren door een paternoster van troosteloze Kempense dorpen. 

Het is één langgerekte ode aan de lintbebouwing, gedateerde bouwstijlen, duivenkoten, golfplaten, fermettes, deprimerende sociale woonwijken en arbeiderswoningen.  Erfelijke armoede.

 

De beukenbomen zoeven ritmisch voorbij.

 

Loenhout, Wuustwezel, Sterbos, Nieuwmoer, Essen. 

 

Dit is het decor van mijn jeugd. 

 

 

*****

 

 

Vandaag op het menu: 10 mijl van Essen, deelgemeente Horendonk. 

 

Ik parkeer me ergens in een verkaveling.  De straatnaam onthouden, want het is een doolhof. 

 

Het is koud, 4°.  Ik huiver even wanneer ik de warme cocon van de auto verlaat. 

 

Op zoek naar de start- en inschrijfzone. 

 

Huizen kijken! 

 

Woonkamers binnengluren waar beeldbuizen flikkeren.  Sanseveria's staan in witte plastic  bloempotten voor de ramen uit te drogen.  Kruisbeelden aan de muur met een lauriertakje achter geklemd.  TL-verlichting in de keuken, lichtgroene vierkante tegeltjes boven het inox aanrecht.   Ramen die smeken om een likje verf, stopverf.   Spinnenwebben aan de voordeur.

 

Een voortuintje met een verweerde kabouter met kruiwagen.

 

Een schurftige hond, gekooid achter tralies, kijkt dol uit de ogen en draait zenuwzieke rondjes. 

 

De geur van verschaald bier wanneer ik voorbij een volks café loop.  

 

Vogelpik, spaarkasje, Tura op de jukebox.  Bifi worst.

 

Je kan bijna het tikken van de biljartballen horen...

 

Keu, pomerans, biljartkrijt...

 

 

*****

 

 

Een nadar verraadt dat ik mijn doel nader.  Flarden muziek, of eerder muzak, afgewisseld met een commentaarstem, weergalmen in de verte. 

 

Ik ga op het geluid af en beland zo aan de kerk en het obligate parochiecentrum, waar ingeschreven moet worden.

 

Binnen is het druk en lawaaierig.  En drukkend warm.  De geur van hotdogs is letterlijk adembenemend.  De inschrijfbalie is in volle bedrijf.  Invullen formulier, betalen, borstnummer en chip (jawel) in ontvangst nemen.

 

De geïmproviseerde kleedkamer in het parochiecentrum is onwaarschijnlijk klein.  Ik schat 10 m².  Het is er drummen en over mekaars bagage struikelen.  Het is een kleedkamer zonder douchevoorziening.  Er zou ook een kleedruimte mét douche zijn, zo staat er geafficheerd.  Op 5 minuten van het parochiecentrum en met directieven via wegwijzers.  Eens omgekleed, ga ik gezwind op pad om die kleedkamer te inspecteren.

 

De eerste wegwijzer wijst naar links. 

 

Het kan aan mij liggen. 

 

Maar een tweede wegwijzer is er niet.

 

Ik krijg een ingeving, ga terug naar de beginpositie en ga niet naar links, maar links naast het gebouw (dus rechtdoor). 

 

En net wanneer ik mijn zoektocht wil afblazen, vind ik een tweede wegwijzer.  5 minuten was gezegd, dus het kan niet schandalig ver meer zijn.

 

Wanneer ik schandalig ver ben, staat er weer een wegwijzer.  Inmiddels was ik al een 12-tal minuten onderweg.

 

Wat bedoelden ze met vijf minuten?

 

Vijf minuten slenteren, vijf minuten hardlopen of vijf minuten scheuren met de auto?

 

Ik ga met mijn rugzak terug naar het parochiecentrum en besluit daar mijn bagage te droppen en het straks zonder douche te doen.

 

 

*****

 

 

Nog een half uurtje tot de start.  Ik besluit me op te warmen en beland zo midden in ronde 2 van de 10 km wedstrijd. 

 

Ik haal een dame bij net op het moment dat de ijskoude noordoostenwind frontaal op de neus komt.   Ik vertraag wat en besluit eventjes windscherm voor deze dame te spelen.  Niet dat ik zo'n brede karkas heb, laat me vooral niet lachen, maar alle beetjes helpen.

 

Omdat de wind al even hard blaast als de dame achter mij hijgt, besluit ik haar te hazen tot aan een keerpunt,  waar de wind wegvalt.  Dat is ongeveer twee kilometer verder.  Daar laat ik haar aan haar lot over, draai me om en loop iets sneller terug richting startzone.

 

 

*****

 

 

We staan klaar voor 10 mijl.

 

En volgens de organisatie zou de afstand correct zijn.  

 

Dar zou wel eens kunnen kloppen, want er was eerst een aanloopstrook van zegge en schrijve 70 meter, dan een kleine ronde van ongeveer 1 kilometer en dan 3 grote rondes van 5 kilometer. 

 

Ik babbel wat met bevriende lopers:  Eric B., voormalig winnaar van de marathon der Noorderkempen, en  Kris A. uit Hemiksem.   

 

Een startpistool schiet de meute in gang en we draven doorheen de startzone, haaks rechts achter de kerk, wind op kop.  Niet lang echter, want we maken eerst een kleine lus om opnieuw door de startzone te denderen en dan finaal de eerste van drie lange rondes af te werken.

 

Er wordt positie gezocht, groepjes gevormd naargelang tempo.  We vormen een groepje van vier man, ik kijk op de rug van een loper van AC Dal.  Maar het tempo is verschroeiend.  De eerste kilometer bereikten we na 3 minuten 38 seconden.  De volgende was al niet veel trager en ik voel dat ik me aan het opblazen ben.  Ik besluit het duo te laten gaan, en bundel mijn krachten met nummer 4 van dat groepje, Koen, voor wie het ook iets te hard ging. We doen om beurten de kop.  Zo kun je even bekomen in de slipstream van de ander.

 

Na 2 kilometer gaat het rechts af.  Vermits we tussen bossen lopen, valt de wind hier weg. 

 

Weer haaks rechts en dan twee kilometer naar de finish (met beperkt windvoordeel).  Qua saaiheid kan dit tellen.  Vorige week liepen we een wedstrijd waar van alles te beleven viel, vandaag is het zo saai, dat je al eens blij bent wanneer je struikelt.  En dan moet je dat doen over je eigen voeten, want er is hier niks, maar dan ook niks te beleven.

 

Kilometer vijf wordt bereikt na 19 minuten en 25 seconden.  Gemiddeld: 3 minuten 53 seconden per kilometer.  Snel.

 

Ik merk dat mijn kompaan sterker is dan ik.  Telkens Koen de kop overneemt, moet ik harken om bij te blijven. 

 

 

*****

 

 

Ronde 2.

 

We komen weer in die zware zone windop.  Ik blik achterom.  En merk dat we op de hielen worden gezeten door Kris A.  Zij die deze kronieken lezen, weten dat Kris A. een veel beter loper is dan uw dienaar; toch probeer ik elke keer opnieuw om via een snelle start Kris te verrassen.

 

Lijkt weer niet te lukken.

 

Maar ik besef dat Kris nu toch al kilometerslang de aansluiting niet kan maken (normaal is hij binnen de eerste kilometer terug bij mij, nu zaten we toch al rond km 6). Hoewel ik voel dat ik tegen mijn limiet aan het lopen ben, probeer ik toch het tempo op te schroeven, om  Kris het zo moeilijk mogelijk te maken.

 

Desondanks komt hij even later toch bij ons, gaat resoluut naar de kop en zegt: "Aanpikken!"

 

Makkelijker gezegd dan gedaan.  Kris gaat fors door en Koen, mijn compagnon de route, blikt achterom.  Zodra hij merkt dat ik moet lossen, wil hij vertragen om mij mee te nemen.

 

Ik zeg: "Meegaan!  Dit is je kans!"

 

Hij zegt: "Ik neem je mee tot aan het bos, dan ben je uit de wind."

 

Ik antwoord: "Neen, volg Kris!"

 

 

Nu zal u zeggen (en laat u vooral maar eens goed gaan):

 

 

Mark, hoe onzelfzuchtig ben jij!


Ja, dat klopt.

 

Mark, hoe edelmoedig!


Fijn dat u het opmerkt.

 

Zo altruïstisch!

 

 

 Ik denk dat u gelijk heeft.

 

 

 

Maar neen, naïevelingen, natuurlijk niet!   Zo zit ik niet in mekaar!  Ik ben een zwijn!

 

Neen, u bent hier bevoorrecht getuige van een staaltje keiharde tactiek! 

 

Ik weet namelijk dat Kris nu pas op kruissnelheid komt en dat mijn kompaan zich totaal zal stuk lopen in een poging Kris te volgen.   En ik hoop stiekem dat hij zich daardoor opblaast en dat ik straks een lijk kan oprapen.

 

Ja, een zwijn, dat ben ik...

Ik besef het.

 

Iets later komt een loper bij mij.  Ideaal!  Ik pik aan en gebruik hem als locomotief om de jacht in te zetten op mijn voormalige loopgezel, die nu een duizend doden aan het sterven is in het zog van Kris.

 

En inderdaad, binnen de kilometer moet hij Kris lossen.  En we lopen zienderogen in op hem.  Koen kijkt verschillende keren om, wat ook al geen goed teken is...

 

We naderen met rasse schreden.  Ik ben in mijn nopjes.  Vermoeide nopjes inmiddels, want mijn  locomotief stoomt keihard door.  Maar dan vindt mijn metgezel het welletjes dat ik zweetdief speel en met een fikse versnelling laat hij mij ter plaatse en loopt tot bij Koen. 

 

Koen pikt bij hem aan.  Ik was genaderd tot op een handvol meters en moet nu met lede ogen toekijken hoe ze samen opnieuw van me wegschuiven.

 

Tot zover het strakke plan.  Het briljante tactische plaatje stuikt in mekaar.  Ik ook bijna.

 

 

*****

 

 

Ronde 3. 

 

En er pikt weer iemand bij me aan. 

 

Samen twee kilometer de wind trotseren, waarbij ik het leeuwendeel van de kop voor mijn rekening neem.  Ik vrees dat mijn nieuwe gezel me op het einde ter plaatse zal laten, dus is het zaak hem er af te lopen.

 

We dubbelen de staart van de wedstrijd.  Ik versnel een eerste keer.  Ik krijg een voorgift van enkele meters.  Normaal is het dan over en uit, maar hij knokt zich terug tot bij mij.  Sterk!

 

Met de moed der wanhoop plaats ik in de laatste honderd meters een laatste versnelling en nu buigt hij definitief het hoofd.

 

Ik finish als 23ste na 1 uur 6 minuten en 20 seconden, 14,556 km/u, 4 minuten en  7 seconden per kilometer.

 

Nog wat uitlopen brengt de dagteller op 22 kilometer...

 

 

*****

 

 

En dan nu het straffe. 

 

Ik probeer nu al een paar jaar Kris A. te verslaan.  Dat wil maar niet lukken.  Nu ook weer niet, hoewel er deze zondag reden was tot optimisme. 

 

Kris had namelijk een fietshelm gekocht.

 

Ik verklaar me even nader.

 

Eind oktober is Kris over de kop gegaan met zijn koersfiets, na een wild remmanoeuvre.  Over de kop, zonder helm, resulteert in een paar ijzeren plaatjes in de pols, een gekneusde rib, een spier geraakt in de nek, schaafwonden en....

 

 

....hou u nu vooral vast....

 

....een schedelbreuk en breuk aan de linker oogkas.

 

 

Enfin, amper twee weken na het ongeval hervat Kris de looptrainingen (!!!) en vier weken later loopt hij zijn eerste wedstrijd (!!!!!!).

 

Ik vraag hem: "Heb jij toelating van de arts om dit te doen?"

 

Hij antwoordt: "Weet ik niet.  Heb ik niet gevraagd."

 

 

Als er al geen hoek af was van deze kerel, dan nu wel....

 

 

Dus ja, het is officieel; ik kan niet eens winnen van een kerel met een schedelbreuk.

 

 

 

 

 

 

18:52 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (2) | Tags: 10 mijl van essen |  Facebook |

19-11-10

De Hoge Mouw

De Hoge Mouw

 

Its' a hill. 

Get over it!

 

 

Woensdag 17 november

 

Ik loop al een paar dagen op wolkjes. 

 

Kasterlee zindert na. 

 

Een vorm van Runner's high, denk ik. 

 

Op het gastenboek van de marathon van Kasterlee komen nogal wat zure oprispingen over het feit dat de afstand niet correct was.   

 

En daar komen dan weer andere zure reacties op. 

 

Inderdaad, voor de chrono en het grootboek der prestaties is het niet aangenaam dat de afstand niet correct is, maar ik denk, en u mag mij corrigeren in deze, dat er in de toekomst nog wel ergens een (halve) marathon wordt georganiseerd.  En de kans bestaat dat u en/of ik daar weer aan de start zullen staan.

 

Nu ja, stél dat de afstand wél correct zou zijn, in zoverre dat zoiets mogelijk is in een natuurmarathon, dan zou het onderwerp der zeurpieten wellicht zijn: de staat van het parcours. 

 

Dat de minder goede chrono te wijten zou zijn aan dat ene spatje modder dat er op het parcours lag.

 

 

DSC05678.JPG

 

Kijkt u zelf. 

 

Ok, u heeft gelijk, hier en daar was er een beetje modder, dat wel.  En ja ok, dit was misschien wel het best beloopbare stukje van het parcours...

 

En dan was er ook nog dat hardnekkige gerucht dat de ronde deed, namelijk dat het de laatste dagen een beetje geregend zou hebben.

 

 

DSC05681.JPG

 

Hoe verzinnen ze het?

 

Nauwelijks iets van gemerkt tijdens de halve marathon in Kasterlee.

 

Maar één ding staat wel als een paal boven water (pun intended).

 

De editie 2010 van de (halve) marathon van Kasterlee mag gerust het etiket 'de hel van Kasterlee' dragen, en zal de geschiedenis ingaan als de meest bizarre uitgave ooit...

 

 

*****

 

 

En hoe hebben we dit avontuur verteerd?

 

Valt allemaal wonderwel mee. 

 

De enkelgewrichten zeuren wel lichtjes, mijn borstspieren zijn ook wel wat stram, mijn benen zijn aan flarden,  heerlijk!

 

Stikkapot zijn, het heeft wel wat. 

 

Woensdag werd de eerste duurloop na de calvarietocht van Kasterlee afgewerkt. 

 

De schoenen zijn proper en opnieuw droog.  Heeft me wel een paar kranten gekost om de binnenkant droog te krijgen, maar nu zijn de schoentjes klaar voor wat het baasje ook maar wil.

 

Het gegeselde lichaam reageert net iets minder enthousiast.  De hamstrings en kuiten protesteren, maar hoogstens op fluistertoon. 

 

Al bij al is er reden tot optimisme.  Geen zware lichamelijke naweeën, redelijk goede wedstrijd gelopen, en een meeslepend avontuur rijker. 

 

Pakken ze me niet meer af. 

 

 

*****

 

 

 

En straks, binnen een jaar of dertig zal opa de kleinkinderen de oren van de kop zeuren over de halve marathon 2010 in Kasterlee.  

 

Ja, wij hebben van onze grootvaders moeten horen hoe zij bijna in hoogsteigen persoon Wereldoorlog II hadden gewonnen, straks is het mijn beurt...

 

Mijn kleinkinderen zullen, wanneer ze de Nieuwjaarsbrief komen voorlezen, elk jaar het relaas mogen (moeten) aanhoren: hoe grootvader in 2010 na Christus de halve marathon van Kasterlee heeft gelopen.

 

Hoe grootvader moest lopen door de modder, op sommige plaatsen een metertje of drie dik. 

 

En hoe grootvader door ijswater moest waden tot net aan de schouders.  Grootvader had een bijl bij om het ijs op de plassen kapot te kappen.  En diep in die plassen zaten heelder scholen hongerige piranha's !

 

En sneeuwen, jongens, verschrikkelijk was dat!  Yeti, de verschrikkelijke sneeuwman, liep daar ook nog ergens rond!  Ik zweer het, ik heb zijn voetafdrukken met mijn eigen ogen gezien!

 

art_large_156583.jpg

 

En ventje, in de bossen van Kasterlee zaten toen nog veel Duitse soldaten, die nog niet wisten dat den oorlog voorbij was.  En die hebben de Yeti, de verschrikkelijke sneeuwman, vlak voor mijn neus afgeschoten!

 

 

sneeuwman.jpg

 

En waaien!  Het waaide zo hard dat de gieren uit de lucht vielen. 

 

Twee tornado's tegelijk, én ook nog een wervelstorm; bomen vielen bij bosjes tegelijk.  De kerk van Oostmalle is diezelfde dag nog weggeblazen!

 

784px-Oostmalle_Tornado_Church_070417.jpg

 

 

Maar, weet je ventje, grootvader ging door, zonder eten, een schoen kwijt,  met een open beenbreuk (dat was toen een schrammetje), terwijl de wolven achter ons aan zaten. 

 

Ah ja!  Die roken bloed.  

 

Grootvader heeft voor grootmoeder trouwens een pelsen frak gemaakt van de pels van drie albinowolven. Toch een tweetal minuten mee verloren, maar wél nen schonen frak. 

 

En drijfzand was er ook.   En valkuilen...

 

Op kilometer 12 heeft grootvader zelfs met de blote hand een bruine beer moeten wurgen.  Daardoor heb ik een klein minuutje verspeeld, daar heb ik nu nog altijd spijt van.  Wel efkes kunnen uitrusten toen, want die klim op kilometer 11 was toch zwaar.

 

Wat zeg je, ventje?

 

Waarom ik mijn bijl niet gebruikte om de beer te vellen?

 

Awel, ik was mijn bijl kwijt!  Laten liggen bij de voetafdruk van de Yeti.  Stom, hé...

 

En in de bossen van Kasterlee zaten koppensnellers, jaja, en spoken en dwaallichten!

 

En we moesten over de Hoge Mouw lopen!  Dat was toen de derde hoogste berg ter wereld: eerst de Mount Everest, dan de Tervurenlaan in de 20 Km van Brussel (de K2) en dan kwam de Hoge Mouw! 

 

Everest4.JPG

 

Neen ventje, toen was de Hoge Mouw écht het hooggebergte, nu is het  een belachelijk lage duin geworden. 

 

Weggeblazen door de wind, hé!

 

 

Ja, jongen, toen grootvader meeliep op de halve marathon van Kasterlee 2010, stonden er bijna 1000 man aan de start, maar er zijn er maar een stuk of tien aangekomen.

 

De rest is dood! 

Of verdwaald! 

Verzopen in de moerassen! 

Gebeten door slangen!

Opgevreten door wolven, Siberische sabeltijgers, beren of mammoeten!

Of in een wolvenklem gestapt.  

Per ongeluk neergeschoten met het startpistool!

 

Er zijn er nu nog altijd 240 vermist. 

 

Jaja, dat waren andere tijden. 

 

En wij deden dat allemaal voor een potteke gel en een Leffe. 

 

Hier zie, ventje, dit is mijn borstnummer van de halve marathon van Kasterlee 2010. 

 

Neen, miljaar, ge moogt er niet aankomen. 


Kijken doe je met je oogjes. 

 

 

Als ge braaf zijt, moogde straks eens een medaille van de 20 Km door Brussel aanraken!

 

En ventje, heeft grootvader al eens verteld over de 20 Km door Brussel?

 

Ja?

 

 

Maakt niets uit, grootvader vertelt het nog eens.

 

Awel, ventje, de 20 Km door Brussel was vroeger ongeveer 300 km lang.  Door woestijnen, door het Terkamerenwoud en over de K2. 

 

Lawines! 

 

En er werd met een kanon geschoten!

 

Jongens toch!

 

........

 

...drie uur later....

 

........

 

Wat zeg je, manneke?

 

Of grootvader ooit de 20 Km door Brussel gewonnen heeft? 

 

 

NAAR BED! 

 

AMBETANTE KLEINE!!!!

 

 

***** 

 

 

Enfin, we hebben de schoentjes terug aangebonden voor de eerste duurloop na Kasterlee. 

 

Omdat het sinds zondag al niet meer wil regenen, ligt mijn omloop in de Wortelse bossen er opnieuw goed beloopbaar bij.  

 

Maar ja, vergeleken met Kasterlee zal élke omloop er bijna kurkdroog bij liggen.

 

Enkele plassen, enkele modderzones, maar al bij al alles ok.  En de kilometertjes rollen weer als vanouds onder me door, ik heb er schik in. 

 

Kasterlee goed verteerd, dus zondag staan we aan de start van de 10 mijl van Essen (te Horendonk). 

 

Essen wordt mijn laatste officiële wedstrijd voor 2010. 

 

Nog één keer knallen!

 

Zie ik u daar?


16-11-10

Kasterlee, home of the brave!

Zondag 14 november

 

 

Long as I remember, the rain been comin' down.
Clouds of myst'ry pourin', confusion on the ground.
Good men through the ages, tryin' to find the sun;
And I wonder, still I wonder, who'll stop the rain.


 

Vlaanderen kreunt onder een zondvloed.  Bijbelse taferelen.  Het wassende water staat tot aan de lippen.  Dijken staan op springen, gezwollen rivieren breken woest kolkend uit hun winterbedding.  Rampenplannen falen, het is pompen én verzuipen.

 

Vlaanderen lijkt wel Bangladesh.

 

 

*****

 

 

Het is zeven uur in de ochtend.  De regen tikt tegen het raam. 

 

Voor mij staat een immens bord pasta te dampen. 

 

Krachtvoer voor een krachttoer.

 

Kasterlee wacht ons. 

Het monster! 

Hades!

 

Het is een koude, sombere ochtend. 

 

De wind maakt het nog wat kouder. 

 

En het blijft maar regenen. 

 

 De Apocalyps lijkt nabij...    ... in vele opzichten...

 

 

*****

 

 

Ik begeef me naar Kasterlee. 

 

Er staat nog een rekening open met Kasterlee.  De editie 2010 van Dwars door Kasterlee, met doortocht op de Hoge Mouw, staat geboekstaafd als één van mijn slechtste wedstrijden van dit loopjaar.  Die schandvlek moet van het blazoen en wel snel.

 

Kasterlee.  Ik slinger met de wagen tussen nadars, passeer de startzone (waar een koortsachtige bedrijvigheid heerst!) , om zo de sporthal te bereiken, waar de inschrijvingen afgehandeld worden en waar kleedruimte voorzien is.

 

Ik parkeer, pik mijn borstnummer op en ga me omkleden in de sporthal.  Elke deelnemer krijgt een plastic draagtasje met daarin borstnummer (met bon voor gratis pasta en Leffe), chip voor tijdsregistratie, plannetje van de omloop en nog wat sponsormateriaal (fluovestje en een pot gel). 

In mijn geval een pot gel voor het creëren van het perfecte rasta-kapsel. 

Voor mij komt dit potje een jaar of 20 te laat.  De laatste keer dat ik een kam heb gebruikt, was ergens mid jaren tachtig van de vorige eeuw, dus rasta behoort niet écht tot de mogelijkheden.

 

Ik twijfel over mijn outfit.  Ik kies uiteindelijk voor een shirt met korte mouwen, korte broek, compressiekousen, geen handschoenen.

 

In afwachting van de start trek ik er nog een wegwerp-T-shirt overheen en een blauwe PMD-zak, die ik verknipt heb tot een plastic jasje... 

 

Ik zie er uit als een schooier.

 

AVN is met een forse delegatie aanwezig: Hild H., Benny G., Chris C., Inge V.G. en Gertjan V.B. op de halve marathon.  Jos V.B. loopt de marathon.  Tiens, nu valt het me pas op, het zijn bijna allemaal mensen die  eerder dit jaar de Descente de la Lesse hebben gelopen. 

 

Verder veel bekende gezichten.  Er worden handjes geschud, er wordt gepolst naar streeftijden, gespeculeerd over de staat van het parcours,  grapjes gemaakt over wind en regen...

 

 

*****

 

 

Ik begeef me naar de startbox.  Omdat ik weet dat deze wedstrijd niet geschikt is voor het scherpslijpen der besttijden, besluit ik kalm te starten, zo lang mogelijk droge voeten te houden en heelhuids de finish te halen.

 

Een bonte, koukleumende bende bevolkt de startzone.  Meer dan 1000 lopers en loopsters.  Jef Smits, wedstrijdrecordhouder op de marathon zal het startschot geven.  Middels aftelborden (10 min, 5 minuten, 1 minuut) wordt de spanning opgebouwd.

 

Enkele minuten voor de start doe ik mijn PMD-zak-jasje uit en wil dat jasje in het publiek smijten.  Dat is niet bepaald gelukt; ik kwam niet verder dan het gelaat van de loper naast mij; met dit geluid

 

FLETS

 

Zo'n stukje plastic vliegt dus niet goed.  Volgende keer zal ik er maar een baksteen insteken, kwestie van het vliegvermogen van het stuk plastic te bevorderen.

 

In de laatste seconden gooi ik ook nog eens mijn T-shirt weg.  Dat vliegt een stuk beter.  Ook met het T-shirt weet ik iemand vol in het gelaat te raken. 

 

Excuus, mevrouw!

 

En dan knalt het startschot en trekt de karavaan zich in beweging.  

 

 

IMG_1136.JPG

 

Het avontuur begint!  Hopen dat we geen modderfiguur slaan...

 

 

*****

 

 

Ik sta niet helemaal vooraan in het pak, en word de eerste honderden meters opgehouden door tragere lopers.  Even later krijg ik wel vrije doorgang, maar ik probeer het tempo wat te drukken, bang voor wat er me te wachten staat.

 

De eerste kilometer wordt bereikt na 4 minuten 37 seconden. 

 

Traag dus. 

 

We lopen nog steeds op beton- of asfaltwegen.  De wind heeft vrij spel en geselt het peloton.  Het is wegkruipen en steun zoeken bij elkaar.

 

 

marathon 2010 01.jpg

 

 

 

De volgende kilometer is al een stuk sneller: ongeveer 4 minuten.

 

Maar dan knallen we vol de verzopen landwegen in.  Modder, plassen, schuiven, opspattend modderwater.  Laveren van links naar rechts, op zoek naar grip en droge plekken.  Het is zaak toch wat afstand te bewaren ten opzichte van de voorligger, om de staat van de ondergrond te kunnen lezen.

Een jongeman in blauw shirt komt me voorbij.  Ik pik mijn karretje aan.  We schuiven weg van het groepje en viseren de lopers voor ons.  Het opspattende nat en de modder kleurt onze benen donker.

 

De eerste bevoorrading.  Ik grijp een bekertje water, drink en verslik me grondig.  Een hoestbui overvalt me.  Lopen, hoesten en ademen tegelijkertijd is moeilijk en daardoor speel ik mijn gids met het blauwe shirt kwijt.  Ik kijk om me heen en laat een volgend groepje de aansluiting maken.  Opnieuw op pad.  Het opspattende vocht maakt alles door- en doornat.  Toch heb ik nog redelijk droge voeten.

 

977114-7d2a80e391362a080fba969d07af8c06.JPG

 

 

Kilometer 5.  We hebben het startverlies al terug goedgemaakt.  We zitten iets boven de 20 minuten en half.  Dat ziet er nog altijd prima uit.

 

Maar de paden worden zompiger en soms moeten we extreem uitwijken om immense plassen te omzeilen. 

En dan is er geen omzeilen meer aan.  Een plas over de ganse breedte van het parcours.  We moeten er los doorheen en de schoenen lopen vol slijkwater. 

 

IJskoud!

 

Na een paar tientallen meters wordt dat restwater in je schoenen warm. 

 

Na kilometer zes volgt vrij snel kilometer 8.  Ik kijk op mijn chrono en stel vast dat ik net iets meer dan een half uur aan het lopen ben.  Er klopt iets niet (achteraf blijkt dat de organisatie een lus uit het parcours heeft genomen, wegens onbeloopbaar).

 

Meteen overvalt een soort ongenoegen me.  Dit wordt geen halve marathon...

 

De modderzones volgen elkaar in moordend sneltempo op.  En nu is het niet enkel meer opspattend slijk, maar enkeldiepe modder, die zuigt aan je schoenen.  Er blijft ook veel modder aan de schoenen kleven.  En het tempo wordt geremd door de modder.  Het is vloeken, zwoegen, zwaar labeur...

Omdat de voeten toch al doorweekt zijn, kijk ik niet meer zo nauw wat  modder betreft.  Maar diepe plassen verbergen soms verraderlijke zaken.  Het blijft opletten!

 

 

*****

 

 

Doortocht recreatiedomein Ark van Noë te Lichtaart.  

 

Een immense watervlakte verspert plots de doorgang.  We moeten er doorheen.  Tientallen meters door ijskoud water, tot vér boven de enkels.  Absurd geluid ook, het plonzen van de voeten van de lopers.

 

Het plan om de voeten droog te houden is nu wel definitief opgeborgen.  

 

Uit het water.  De eerste stappen met soppende voeten.  De schoenen zijn wel een stuk properder, maar uiteraard gans doorweekt.  Koud!

 

En verder gaat de dolle jacht.  We stormen doorheen plassen, schuiven weg op modderstroken in bochten,  ik verzwik lichtjes een voet.

 

 

977114-44acaccb6da1f1a53ffcb4ee392fcae9.JPG

 

 

Apocalyptische omstandigheden! 

 

Tempo maken, tempo maken. 

 

Een erg zompige zone.  Ik miskijk me op de diepte van een plas.  Mijn linkervoet gaat kopje onder in het slijkwater, ik probeer weg te springen opdat mijn rechtervoet ook niet kliedernat zou worden.  Mijn rechtervoet belandt enkeldiep in de modder.  Ik sta compleet stil!  In twee luttele stappen. 

 

Ik trek me terug op gang, soppend alweer in slijkwater. 

 

Telkens er een strook beton of asfalt komt, slaken we een zucht van opluchting.  Nu is er de mogelijkheid om een gelijkmatig tempo te ontwikkelen en even te kunnen proeven van het gevoel van gestaag vorderen.

 

Kilometer 11: de eerste zware klim van de dag.  Godzijdank op asfalt.  Maar toch is het bijten.  De klok staat op 42 minuten.  Maar dat doet niet meer terzake.

 

Een kuitenbijtertje, maar dan wacht ons weer bos.  Met relatief beloopbare stukken.  Modderig, plassen, dat wel, maar met uitwijkmogelijkheden.  Uitkijken voor boomwortels!

 

 

marathon 2010 28.jpg

 

 

Aan de aanmoedigingen hoor ik dat er een vrouw niet ver achter me zit.  Ene Christel (ze zal tweede vrouw worden).  Ik verdapper wat en diep de kloof terug uit. 

 

Maar ze knokt terug. 

 

Kilometer 15: bijna 59 minuten.

 

De kilometers vorderen.  En beginnen te wegen.  Ik voel mijn krachten afnemen.  De modder zuigt de energie uit mijn beurs gebeukte lijf.  Alle systemen beginnen langzaam uit te vallen...

 

Ik verzwik voor een tweede maal mijn rechtervoet.  Maar zonder erg...

 

En dan krijgen we de laatste zware zone van de wedstrijd voor de voeten geworpen.  De korte nijdige duinzone, met als orgelpunt de klim naar de Hoge Mouw.

 

En nogmaals wordt de hartslag genadeloos de hoogte ingejaagd. 

 

Met kleine dribbelpasjes, ondersteund door nijdig getrek op de armen, sleur ik me naar boven.

 

Ik voel dat het vet nu helemaal van de soep is.  Ik probeer met de moed der wanhoop het tempo er in te houden, maar de constante intervaltraining heeft mijn lichaam gesloopt.  Alles begint te verzuren, mijn lichaam kraakt, er zit zand in het raderwerk, alles schuurt, ik ben leeg.

 

Het verval wordt groter.  Ik word voorbij gelopen door een aantal lopers.

 

Even later tikt Dré B., vriend-collega-loper van 't Wezels Omslagpunt, me op de broek.  We wisselen een paar woorden.  Dré laat me achter en verdwijnt in de Kasterlese bossen. 

 

 

Eindelijk!  Terug vaste grond onder de voeten.  Gedaan met  schuiven en soppen in plassen en modder.  Einde van het modderballet.  We hebben de hel overleefd, de loopgraven van Kasterlee, zonder noemenswaardige schade.

 

Nog enkele verharde stroken en dan is er de verlossing: de finish...

 

Finish na 1 uur 28 minuten en 42 seconden, op plaats 67 van een 800-tal finishers. 

Chronorace houdt een aparte uitslag bij per leeftijdsgroep.  Ik klasseer me als vijfde bij de 45-50 jarige mannen.  Voor wat het waard is.

 

De afstand zou ongeveer 20 km bedragen, volgens de organisatie 19,7.  Dré had op zijn Garmin met GPS 19km980 als totale afstand.  Tja, het is niet anders.

 

Uitgeput, maar toch snel gerecupereerd.  Moe, maar tevreden.   En vooral tevreden dat ik hier geen tweede ronde moet afhaspelen.  Mijn respect voor de krijgers op de marathon...

 

 

*****

 

 

Nabespreking met andere overlevers.  Ik sleep me naar de douches.  Maar daar is het aanschuiven. 

 

Dré suggereert dat we, vermits er nog maar enkele vrouwen de finish hadden bereikt, een doucheruimte van de vrouwen moeten annexeren. 

 

Een handdoek om de lenden en op rooftocht.  Inderdaad, de tweede kleedkamer van de vrouwen is onbevrouwd.  

 

We douchen er razendsnel en spurten als kwajongens terug naar de mannenkleedkamer. 

 

Ik kleed me warmpjes aan, maar merk plots dat ik enkel mijn loopschoenen (lees hier: modderklompen) heb om aan te trekken.  Mijn andere schoenen liggen nog in de auto.

 

De ijskoude, doornatte modderklompen opnieuw aangetrokken.  Buiten staat er een kraantje.  Ik spoel mijn loopschoenen zo goed en zo kwaad als mogelijk af (ook weer lekker fris) en dribbel naar de auto. 

 

Droge kousen en schoenen, wat een zalig gevoel...

 

Ik loop de dames en heren van AVN tegen het lijf.  Ook zij hebben enthousiaste verhalen over modder en overleven.  Iedereen is terecht tevreden met de geleverde prestatie...

 

Naar de tent.

 

De gratis pasta hakte er flink in.

 

Een pluim ook voor de organisatie.  Kasterlee verzorgt haar helden goed.

 

 

 

*****

 

 

Ik heb in mijn loopbaan al vele wedstrijden gelopen.  Sommige herinner ik me nog scherp, het merendeel is echter verworden tot een vage herinnering, een soort van flou.

 

Het zijn wedstrijden van dit kaliber die blijven kleven, in je geest én aan je ribben.

 

De extreme omstandigheden hebben van deze wedstrijd een onvergetelijk en onbeschrijflijk avontuur gemaakt.   Een wedstrijd die lang zal blijven nazinderen én in het grootboek der maffe prestaties met hoofdletters zal worden bijgeschreven.

 

Het was een zwaar gevecht. 

Van begin tot einde. 

Voor elke meter. 

Een gevecht tegen de ondergrond, de elementen en mezelf...

 

 

*****

 

 

Wij hebben er gevochten,

bitter gestreden voor elke morzel grond,

gegeseld door de gure wind,

jagend door kolkend water,

stormend door zompige modder.

Wij stonden schouder aan schouder,

als bloedbroeders,

wapenbroeders,

de blik gericht op de Hoge Mouw,

vastberaden.

We hadden een doel,

een heilige missie.

En vergaarden er eeuwige roem.

Schreven er geschiedenis.

 

De meest heroïsche editie ooit. 

Goddank, ik was er bij.

 

 

Kasterlee, Home of the Brave!

Kasterlee, de Apocalyps!

 

kasterlee.JPG

 

____________________________

 

Foto's: bij mekaar gejat van verschillende blogs en websites...

12-11-10

Comedy Capers

Comedy Capers

 

 

November

 

Donkere dagen. 

Koud en mistig. 

Regen. 

Somber.

 

Maar....     ....heerlijk loopweer. 

 

 

De drie laatste duurlopen werden goed verteerd.

 

Vorige zaterdag was mijn vaste loopronde totaal verzopen, het had dan ook de ganse nacht geregend.  De  zones die normaal droog zijn, waren nu drassig en bezaaid met plassen.  En het tapijt van gevallen herfstbladeren onttrok redelijk wat plassen aan het zicht, zodat het constant vloeken was omdat de voeten ijskoud water kregen te verduren. 

 

In een mum van tijd had ik kletsnatte voeten.

 

De zanddreven tussen de velden waren barre modderstroken geworden.  Neen, daar had ik al helemaal geen zin in, dus zag ik me genoodzaakt te improviseren.  Een paar extra asfaltwegen inlassen en nog wat lusjes als bonus, om zo toch boven de 1 uur 20 minuten uit te komen.

 

En dan was er die wandelaar met zijn Duitse herder, zonder leiband.  Het beest schiet op me af, ik stop onmiddellijk in de hoop dat  de hond geen zin heeft in loperskuit.

 

"Hij wil alleen maar spelen" , roept het baasje me toe.

 

De herder streelt langsheen mijn benen en besnuffelt me grondig.  Even vreesde ik dat hij zijn territorium zou afbakenen door een poot tegen mijn been te heffen, maar gelukkig deed ie dat niet.

 

Even later kon ik ongehavend mijn looptocht verder zetten.

 

Een paar jaar geleden heb ik krek hetzelfde meegemaakt.  Ik loop ergens in Wortel.  Iets verder zie ik een man en een loslopende herdershond.

 

De hond komt als een gek op me afgespurt.  Ik stop onmiddellijk met lopen in de hoop dat de eigenaar zijn hond tot de orde zal roepen.

 

Maar de man doet helemaal niets, terwijl de herder zenuwachtig rond mij heen blijft draaien en springen.

 

Ik roep verbolgen:

 

"Kan jij godverdomme je hond eens bij je roepen?"

 

Waarop de man zegt:

 

"Dat is mijn hond niet."

 

 

Lijkt wel een of andere domme mop, maar het is helaas de waarheid. 

 

Ik had het niet bepaald begrepen op dat dier.  

 

Even later schoot hij plots weer weg van mij, tot mijn opluchting.

 

 

*****

 

 

Al enkele weken geen wedstrijd meer gelopen.  En het begint te kriebelen.  Maar gelukkig,  overmorgen is er de langverwachte confrontatie in Kasterlee. 

 

Halve marathon.

En het zal niet van de poes zijn.

 

Want de aanhoudende regen zal de natuuromloop alleen maar zwaarder en stugger maken.  Kasterlee is sowieso al niet bepaald een wedstrijd voor de pluimpjes, neen, eerder iets voor de knoestige loper, met inhoud. 

 

Ploeteren, schuiven, baggeren. 

 

En klimmen natuurlijk.  In de heuvelzone kan je jezelf grondig de das omdoen.  En als er iets is wat ik érg goed kan, dan is het mezelf de das omdoen.  Figuurlijk dan, want letterlijk bak ik er weinig van.

 

En 4 beaufort, zo voorspelt de weerman.  

 

Alles wat mogelijk kan tegen zitten, zal tegen zitten.  We bergen wilde plannen op....

 

Inmiddels bijna 1200 deelnemers, waarvan meer dan 800 de halve marathon zullen betwisten.  En onder de deelnemers redelijk wat bekenden...

 

 

 

******

 

 

Maandag 8 november was mijn vaste omloop, na een min of meer droge zondag,  terug relatief normaal beloopbaar.  Dat is alvast een geruststelling, want ik ben nogal gesteld op vaste routine.

 

Ik moet wel vaststellen dat de vele kilometers hun tol beginnen eisen.  Er steken wat minieme kwaaltjes de kop op.  Pijntjes rond de knieën, maar niets alarmerends.  Dat is meestal het signaal dat we aan het einde van de rek van belastbaarheid zitten.

 

We gaan Kasterlee strategisch lopen.  Niet te snel starten, en na een kilometer of tien bepalen hoe de zaken er voor staan, om dan te beslissen wat we gaan doen.  Is de tijd op 10 kilometer aanvaardbaar en ben ik daarvoor nog niet belachelijk diep moeten gaan, dan gooien we alle kaarten op tafel en gaan we ervoor.

 

Is het echter niet goed qua tijd of gevoel, dan maken we er een leuk duurloopje van.

 

Heeft u dit allemaal genoteerd?

 

Want ik geef het u nu al op een papiertje.  In de start zal ik nog steeds overtuigd zijn van bovenstaand plan, na tien loopmeters zijn alle goede voornemens al overboord en knallen we als vanouds als een losgeslagen gek, op zoek naar de volgende smadelijke nederlaag.

 

Heerlijk!

 

 

 

******

 

 

Woensdag 10 november heb ik mijn laatste lange duurloop in de aanloop naar Kasterlee gelopen.  En weer heeft het de ganse nacht geregend.

 

Ik sta in de deuropening te twijfelen.  Twijfelen of ik wel ga lopen.  Het regent lichtjes en de wind stoeit wat met de afgevallen bladeren.

 

Niet echt aanlokkelijk, zeker niet wanneer achter mij het warme huis en dito koffie wachten...

 

Maar, Kasterlee indachtig, verman ik me en trek het ouwe lijf op gang.

 

De eerste meters rillend van de kou en met pijntjes die een overzicht geven van de zwakke plekken van dit lichaam.  De usual supects: voetbogen, de rug (uiteraard), de rechterachilles (mag ook nooit ontbreken),  aangevuld met de kwaaltjes die komen en gaan: binnen- of buitenkant knie, binnenkant enkel, ....

De ervaring leert me dat het enkele kilometers duurt vooraleer alles weer gesmeerd zal lopen en op bedrijfstemperatuur zal zijn.  Gek is dat ik die dingen nooit voel tijdens de eerste honderden meters van een wedstrijd; vermoedelijk ligt dat aan de adrenaline...

 

Eens  het asfalt achter de rug, duik ik de dreven van de kolonie in.  Vandaag eerder het Verdronken land van Saeftinghe.  

 

Ik besluit, na een paar natte voeten in de dreven, terug asfaltwegen op te zoeken.

 

 

Mark begeeft zich hierbij op onbekend terrein.

 

 

Ik kom voorbij een boerderij gelopen en hoor dat er een hondje keffend de achtervolging inzet. 

 

Daar gaan we weer!  Afgelopen zaterdag een herdershond, vandaag een iets kleiner model.

 

Kleinere honden die de arrogantie hebben om achter me aan te komen, bezorg ik meestal de schrik van hun leven door, zodra ze bijna in mijn enkels kunnen bijten, me om te draaien en keihard brullend op het beestje af te stormen. 

 

De aanval is de beste verdediging.

 

Het mormel reageert meestal door in wilde paniek, de oren plat in de nek, de aftocht te blazen. 

 

Ik schraap reeds de keel om uit te barsten in het betere berengebrul. 

 

Net op het moment dat het keffertje zich op een metertje van mijn onwaarschijnlijk lekker ogende enkels bevindt, draai ik me om en storm, brullend als een mentaal gestoorde grizzlybeer op het hondje af.

 

Keffer schrikt, wordt bleekjes (figuurlijk gesproken dan) en blaast kajietend de aftocht, op de hielen gezeten door deze spurtende, brullende veertiger.

 

Eens de keffer op het erf is, draai ik me om en zet mijn tocht verder. 

 

Moi, de grote triomfator, hij die schoothondjes rauw lust...

 

Helaas zet de keffer met hernieuwde energie andermaal de aanval in.

 

Ik probeer het beestje te ontmoedigen door keihard weg te lopen, maar het harige schepsel keft vrolijk achter me aan.

 

En opnieuw pas ik de brultechniek toe.

 

Schrik, bleek, kajiet.

 

Keffer weg, achterna gezeten door uw brullende dienaar.

 

Ik draai me om.

 

En vertrek weer in volle galop.

 

 

Kefkefkefblafkefkefkefwoefkefkefkefgrrrrrkefkefkefblaf enzoverder

 

BRUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUL enzoverder

 

 

Kefkefkefblafkefkefkefwoefkefkefkefgrrrrrkefkefkefblaf enzoverder

 

Maar enfin, BRUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUL enzoverder

 

 

Kefkefkefblafkefkefkefwoefkefkefkefgrrrrrkefkefkefblaf enzoverder

 

Hoe is dit mogelijk!, BRUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUL enzoverder

 

 

Heen en weer ging het. 

 

Het leek wel Comedy Capers.

 

Maar goed dat niemand getuige was van dit toch wel belachelijke tafereel.... 

 

Anderzijds heb ik nu wel een soort van intervaltraining afgewerkt... 

 

Mijn vrouw vroeg zich naderhand wel af hoe het kwam dat ik zo hees was...

 

 

*****

 

 

Ik besluit het asfalt opnieuw achter me te laten en weer voor de volle natuur van Wortel Kolonie te kiezen.

 

Daarbij loop ik op een bepaald moment door een bos, vol statige oude beuken.   

 

Het zandpad is geheel verdwenen onder een dikke laag beukenbladeren, fel gekleurd, variërend van brandend oranje tot vurig goud. 

 

Het bos staat in brand! 

 

En ik snuif de geuren op. 

 

De geur van natte honden en rottende bladeren.

 

Dit is het mooiste seizoen, een mens zou er stil van worden...

 

 

 

Het is koud, maar ik voel een warme gloed van binnen.

Het waait, maar het is windstil in mijn hoofd.

Het regent, maar het deert me niet.

De tijd tikt weg, op het ritme van mijn hart.

De weg is nog lang.

Zo is het goed.

 

 

 

18:28 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

09-11-10

Ben Vijskweidt

Ben Vijskweidt

 

 

U moet nu naar Youtube, en 20 Km door Brussel intikken.  Daar kan u een aantal filmpjes (van professionelen en amateurs) bekijken.

 

Zoek een filmpje dat de start in beeld brengt. 

 

Luister!

 

Neen, luister!

 

Hoor je het?

 

De Brabançonne...

 

Sssst!

 

Neen, sssst!

 

 

Luister!

 

 

Er ontbreekt een instrument. 

 

De 1ste trompet.

 

Inderdaad! 

 

Verbazingwekkend gehoor heeft u.  Moet u dringend iets mee doen.  Luisteren naar wat volgt, bijvoorbeeld...

 

De 1ste trompet ontbreekt en ik pleit schuldig.  Ik heb lang gezwegen, maar de wroeging was niet  langer te harden, vandaar deze publieke biecht, op de blote knietjes, als zelftuchtiging...

 

 

De 20 Km door Brussel 2010.

 

U kent de startprocedure.  Muziek random gekozen, dan de Bolero van Ravel, de Brabançonne, en dan volgt de start....

 

Plots realiseer ik me dat het best mogelijk is dat er daarna nog muziek komt, maar daar kan uw scribent helaas niet van getuigen, ik ben dan alweer op weg naar  een volgende smadelijke ondergang én einddoel Jubelpark via een dramatische omweg van 20 Km...

 

Weinig mensen weten dit, maar alle muziek van de startprocedure staat op band (of een of andere digitale drager), behalve, jawel, de Brabançonne. 

 

De Brabançonne wordt jaarlijks, zo wil de traditie, live gespeeld door de muziekkapel van het 1ste Regiment Gidsen; ze worden hierbij uiteraard pittig versterkt middels een forse PA-installatie. 

 

Anders vrees ik dat we niets zouden horen.

 

De gidsen verzamelen in het luchtvaartmuseum en gaan dan, in vol ornaat, naar hun plek boven op de triomfboog van het Jubelpark.

 

 

Dit jaar liepen de heren met hun instrumenten vlak langs ons heen. 

 

En naast mij zat Ben.   Ben is de nieuwste aanwinst van het Mean Machine Running Team.

Ben heeft als bijnaam Vijskweidt.  Wat een verbastering is van vijs kwijt

En dat is zo: Ben is een vijs kwijt.  En misschien wel meerdere.

 

Ben heeft iets met uniformen.  Dat werkt op hem als een rode lap op een  hondsdolle stier.  Dan komt de duivel in hem boven.  Dat moest de blaaskapel van de Gidsen aan den lijve ondervinden.  Helaas.

 

Ik roep nog: "Ben, af !"

 

Maar het was te laat. 

 

Een pet van één der gidsen vloog door de luchtvaarthall, en daarna nog één.  Er ontstond onmiddellijk een opstootje.

 

Roepen en tieren. 

 

Trekken en duwen.

 

Lopers kwamen ons ter hulp geschoten.

 

 

Nu zijn de gidsen ook van geen kleintje vervaard, dus binnen enkele minuten zat het spel daar helemaaaaaaal op de wagen. 

Er werd gemept dat het niet meer mooi was, en de gidsen spaarden daarbij hun instrumenten totaaaaaal niet.  Er werd martiaal getimmerd met jachthoorns en marstrommels. 

 

En mits het nodige enthousiasme kan zelfs met een bombardon een serieuze koek worden uitgedeeld. 

 

Dat werd hier tot in den treure aanschouwelijk gemaakt. 

 

Klaroenen schalden ten aanval.

 

 

Een 'grosse caisse' rolde denderend aan mijn voeten voorbij. 

 

Eenzaam beeld. 

 

Ik werd er zowaar stil van.

 

De rest had geen boodschap aan het ontroerende moment.

 

 

Nog meer lopers kwamen van alle kanten toegesneld om zich in het krijgsgewoel te storten.  Trommelstokken overal.  Zwaaiende vuisten, rondvliegende sportschoenen en het geluid van scheurende uniformmouwen ... 

 

Het was geleden van de IJzervlakte, meer bepaald in de Dodengang, dat het Belgisch Leger zich nog zo had weten te onderscheiden door slag- en daadkracht.

 

 

Ik zuchtte eens diep.

 

 

Had ik daarnet nog met redelijk succes Ben door een zee van flikken gegidst, zonder noemenswaardige incidenten, als ik me niet vergis was het:

 

  • een keer of zes smaad,

Ben: Ha, facteur, werken op een zondag?,

  • negeren rood licht,

 Ben: Groen, rood, maakt niet uit, ik ben toch kleurenblind!,

  • matrak afgepakt ,

Ben: Hier met die salami!,

  • plassen tegen de broekspijp,

Ben: En, wordt het al warm?,

  • aan de staart politiehond trekken,

 Ben: Braaf, Pukkie is braaf,....

 

Waarover spreken we dan?

 

Hoogstens een slordige 500 euro maximum, dat vegen we zo uit, maar dit is andere koek. 

 

Ambras gezocht én gevonden met een volledige militaire kapel....

 

Hola!  Bukken voor een laag overvliegende cymbaal. 

 

Shiiiiit, dat moet pijn doen!

 

Halloooooo, zo kan ik me niet concentreren!!!

 

 

Plots ontwaar ik Ben bovenop de cockpit van een of ander vliegtuig.  Triomfantelijk steekt hij zijn oorlogsbuit in de lucht: de 1ste trompet!  

 

Hij zet het instrument aan de licht bloedende lippen en geeft me daar een door merg en been dringend geluid ten beste, het klonk ongeveer zo:

 

 

Foweeeeeiiiiiiiiiaaaaap !!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!

 

 

Kai Mook spitst in de Antwerpse Zoo verschrikt  de oren, bij wijze van spreken.

 

Ben gooit vervolgens iets in mijn richting, en roept:

 

 

"Vangen !"

 

 

Ik vang het op... 

 

.....dat is gelogen, ik krijg het vol tegen mijn bek gesmeten.

 

 

Untitled-3.jpg

 

 

Ik vreesde als medeplichtige opgepakt te worden en heb dus dat voorwerp snel-snel in mijn looprugzak gestoken en me stilletjes uit de voeten gemaakt. 

 

Een arrestatie vlak voor de start van de 20 Km door Brussel was wel het laatste wat ik kon gebruiken.

 

 

Even later zie ik dat een grijnzende Ben, een voortand minder rijk, onder bewaking wordt weggeleid, de 1ste trompet dramatisch rond de nek geplooid. 

 

Hij wuift.  

 

Ik doe alsof mijn neus bloedt. 

 

De zijne bloedt écht.

 

De kapel van de gidsen telt de blauwe ogen, schikt de uniformen, assembleert nog snel wat instrumenten, recupereert wat overblijft van de 1ste trompet, en vertrekt, want hen wacht een belangrijke taak.

 

Ik kijk in mijn rugzak en zie wat Ben naar mij heeft gegooid. 

 

 

Untitled-4.jpg

 

 

Inderdaad, de partituur van de Brabançonne voor de 1ste trompet. 

 

En daarom, beste lopers, en enkel daarom heeft u de 1ste trompet niet horen meespelen met de Brabançonne dit jaar.  De partituur zat namelijk in mijn rugzak.

 

Vandaar dat de versie van de Brabançonne toch eerder wat magertjes is uitgevallen.

 

Ik excuseer me bij deze bij de 30 000 atleten, het zal niet meer gebeuren...  ten minste als God en de Gidsen   het willen.

 

En Ben Vijskweidt, natuurlijk...

 

18:52 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

05-11-10

Miaauwkes

Miaauwkes

 

Mijn vrouw is vroedvrouw, ik meen dat ik dat hier al eens eerder heb aangehaald. 

 

De interne keuken van het menselijk lichaam is haar dus niet bepaald vreemd. 

 

Letterlijk te nemen, zelfs.

 

U wil niet weten in hoeveel ....

 

..... heum ja,......

 

...............als u het goed vindt, ga ik deze zin niet afmaken, u weet wel waar ik naartoe wil.

 

 

Nu, als u ooit op de bevallingstafel terecht komt, dan moeten er een aantal dingen die tot de sfeer van lichaamsopsmuk behoren, verwijderd worden.

 

Zo dient nagellak, hoe kunstig ook, weg.  Omdat men aan de veranderende kleur van het nagelbed bepaalde dingen kan aflezen.

 

Weg dus.

 

 

Zo ook de navelpiercing.

 

 

En ja, ook de piercings die zich in nog lagere regionen bevinden.  Je zal het maar meemaken dat de gynaecoloog met de forceps (verlostang) in je clitorispiercing blijft haken...

 

 

SCHEUR!!!

 

Voelt u het nu ook samentrekken in de onderbuik?

 

 

Doet me denken aan een voorval een paar jaar geleden.  Een avondje TV.  Mijn vrouw was in de keuken een kiwi gaan plukken en ik maakte van de gelegenheid gebruik om snel-snel wat rond te zappen. 

 

 

Ik zap naar Nederland 3 en net op het moment dat ik beeld kreeg, jagen ze een ijzeren naald door de eikel van een manspersoon.

 

 

 

JAAAAAAAKKK!!!!

 

 

 

Ik voel mijn eigen jongeheer dekking zoeken in mijn onderbuik.  Ik slaak een ijselijke gil, maak een achterwaartse salto  en beland daardoor vrij elegant achter de zetel.  Ik gluur met afgrijzen boven de zetelrand uit naar het  bloederige tafereel dat zich verder ontplooide op mijn TV. 

 

Een Prince Albert piercing was het.

 

 

 

Nog voor geen miljoen euro.

 

Nu ja, bij nader inzien, een miljoen euro is wel héél veel geld...

 

 

Maar goed, het komt altijd op hetzelfde neer.  Het blijft zelfmutilatie.

 

Maar u doet natuurlijk wat u niet laten kan.

 

Kunnen we het wel esthetisch verantwoord houden, alstublieft?

 

 

 

*****

 

 

Zo belandde, eerder toevallig en zonder voorbedachte rade, een foto op mijn bureau; het bureau van de Président-Fondateur van het Mean Machine Running Team (u mag mij excellentie noemen). 

Wel, beste lezers, in die foto kunnen wij ons, vanuit onze functie én puur theoretisch, volkomen vinden (en verliezen, dat ook).

 

De foto, genomen op de Ekiden aflossingsmarathon te Brussel van oktober 2010, siert nu tot in de eeuwen der eeuwen ons bureaublad.

 

 

ekiden 2010.jpg

 

 

Het was duidelijk een frisse dag. 

 

Maar aanschouw dat lichaam. 

 

God had duidelijk een betere dag toen hij dat in mekaar boetseerde. 

 

Mijn lichaam is dan weer overduidelijk op een blauwe maandag gemaakt (na een uit de hand gelopen wilde braspartij op zondag), waarbij God gebruik heeft gemaakt van wat overschotjes van een kalende baviaan en een kreupele struisvogel.

 

Dit exemplaar is echter helemaal volgens de regels van de kunst gemaakt  en voorzien van de nodige lichaamsopsmuk.

 

Piercing centraal en aan beide zijkanten een tatoeage.  

 

Dat Wim Delvoye hier een voorbeeld aan neemt! 

 

In plaats van varkens te tatoeëren!

 

 

*****

 

 

Deze tatoeages verdienen echter een klein woordje uitleg. 

 

We mogen redelijkerwijs aannemen dat die tatoeages staan voor zaken die belangrijk zijn voor de juffrouw in kwestie.

 

Ik bedoel maar: je gaat toch geen triviale zaken op je buik laten vereeuwigen middels een tatoeage?

 

Ik heb een ruime kennissenkring, bevolkt door Gods meest eigenaardige exemplaren. 

 

Maar ik ken bijvoorbeeld niemand die als tatoe:

 

  • 200 gram salami,
  • 150 gram van 't paardje,
  • 8 schellen jonge kaas,

 

op zijn pens heeft staan.

 

 

Anderzijds ken ik dan wél weer iemand die de naam van zijn vrouw op zijn bovenarm heeft laten tatoeëren:

 

 

Manuela. 

 

 

U zal zeggen (met een kleine geëmotioneerde snik in de stem): hoe romantisch!

 

Edoch, onder Manuela staat nog een andere naam getatoeëerd, namelijk Nicole, maar dan op deze manier:

 

Nicole.

 

 

Om maar te zeggen: eeuwig kan op verschillende manieren geïnterpreteerd worden. 

Bittere ervaring leert ons trouwens dat tijdelijke zaken meestal voor de eeuwigheid zijn (bijvoorbeeld: BHV), en eeuwige zaken tijdelijk (bijvoorbeeld: contactlijm).

 

Manuela. Hoor je ook niet dikwijls.

 

Nu zit ik plots met dat liedje van Jacques Herb in mijn hoofd. 

 

Bedankt daarvoor.

 

Manueeeeela, Manueeela
Manueeeeela, Manueeela
Manuela (met een soort zucht in verwerkt, érg kunstig allemaal).

We reden door de nacht
De radio heel zacht
Het kon niet mooier zijn
't Leek een eeuwig refrein (wat ook opgaat voor het refrein van dit nummer).

Ik raakte zo verward
En reed opeens te hard
Ze lachte nog naar mij
Maar toen was het voorbij

 

 

*****

 

 

Maar we wijken af,  terug naar ernstige zaken, terug naar de studie van de foto, die ons bezorgd werd door onze juridische dienst. 

 

 

ekiden 2010.jpg

 

 

Neen, wat deze juffrouw op haar, en dat mag gezegd, érg fraaie buik heeft laten vereeuwigen, zijn uiteraard die twee zaken waar de juffrouw in kwestie belang aan hecht, ja zelfs aan verslaafd is geraakt.

 

 

We hebben wat moeten puzzelen om een en ander uit te vlooien (zelfs even de steen van Rosetta er bij gehaald),  maar we hebben ontdekt waar de tatoes uiteindelijk voor staan.

 

De linkse tatoe staat voor de loopsport, hier verzinnebeeld door het logo van Nike, de Swoosh.  Wist u trouwens dat de ontwerper voor dit logo een ereloon van, ocharme, $ 35  heeft gekregen?

 

De rechtse tatoe liet zich niet zo gemakkelijk ontcijferen.  Het  heeft ons heel wat kopbrekens bezorgd, maar u kent ons, wij gaan desnoods dwars door een muur om ons doel te bereiken.  Meestal via een deur, maar toch...

 

Neen, die tatoe staat voor de liefde, amor, de hoofse liefde en ja, toch ook wel de lust.  

 

Hier verzinnebeeld door de letter M.

 

 

De   M van .....

 

 

.....Mark.

 

 

 

Ze is niet enkel mooi, ze is nog slim ook.

 

 

God heeft deze keer duidelijk overdreven...

 

 

02-11-10

Willem

 

Willem

 

 

Zaterdag 30 oktober

 

Het is het weekend van Halloween. 

 

Uitgeholde pompoenen grijnzen ons toe. 

 

Ik heb kopzorgen.  De rechterbil doet pijn, in de lies.  Wellicht een gevolg van het noeste opruimen van de bladeren, die de tuin hebben herschapen in een overdreven evocatie van de herfst.

De wijdbeense stand die ik hanteer om de herfstbladeren bijeen te graaien, ligt aan de grondslag van dit probleempje. 

 

Een spagaat teveel....

 

Ik heb er de smoor in.  Stappen gaat nog wel, maar mijn rechterbeen met kracht naar voren zwaaien (de beweging die je maakt wanneer je een bal wegtrapt) geeft telkens een pijnscheut.

 

En hoewel ik maar al te goed besef dat lopen dan geen goed idee is, ga ik toch op pad.  Na een kilometer weet ik het al.  Dit blijft pijn doen, en het is zinloos aan te dringen.  Terug naar huis, met een donderwolk boven het hoofd.

 

Traag joggen is wél doenbaar, hartslag rond de 120, maar dan begin ik me al vlug te vervelen.  Ook wel omdat ik besef dat dit louter bezigheidstherapie is, niet meer.

 

Ja, ik wijs de tuinarbeid wel als boosdoener aan, maar diep in mijn achterhoofd besef ik ook wel dat de zware trainingsarbeid van vorige week, die bestond uit meer dan 50 loopkilometers en drie loodzware trainingen in de touwen (core stability), er wellicht ook wel schatplichtig aan was.

 

Naar huis, rust inbouwen.  Warmtetherapie en massages met Flexium gel zullen hopelijk verlichting brengen.

 

 

*****

 

 

Zondag 31 oktober

 

En op zondag is de pijnlijke bil al merkbaar beter. 

 

Wat een geluk dat ik vandaag niet start op de halve marathon in  Etten-Leur.  Het gezeur zou weer niet van de lucht zijn!

 

De reden dat ik niet kon starten in Etten-Leur: een familiale verplichting.  De Pépé viert vandaag zijn 80ste verjaardag. 

 

Pépé is van bouwjaar 1930; amper 12 jaar na het tekenen van de wapenstilstand van den grooten oorlog werd hij geboren. 

De overgrootvader van Pépé  heeft Napoleon nog gekend, zij het niet persoonlijk. 

De Pépé heeft in eigen persoon Wereldoorlog 2 nog meegemaakt!  In kleur zelfs!

De Pépé weet wat een capote anglaise is, dus kan je nagaan...

 

80 jaar.  Dat verdiende een taart.

 

En daar moest ik voor zorgen.  Niet dat ik ze zelf gebakken heb, neen, ik moest ze gaan afhalen bij de bakker.

Immense taartdoos in de koffer van de wagen en naar de Pépé, waar de ganse Oostvlaamse tak van de familie  rond de feestdis verzameld zit.

 

De feestdis. 

 

De normale gespreksonderwerpen passeren de revue:

 

  • het weer,
  • de Wever,
  • het wereldwijde web,
  • de Walen.  

 

Nu lijkt het wel alsof al onze onderwerpen met de letter W beginnen, maar dat is niet zo, want zo werd er  bijvoorbeeld ook over heum....  

 

  ..... wereldoorlog 2 gesproken (shit, toch nog een W).

 

 

Toen was het de hoogste tijd voor de plechtige onthulling van het feestgebak.

 

 

Nu heb ik een standaardmop die ik al jaaaaaaaaren uithaal met gebak dat in dozen wordt geleverd. 

 

Die gaat als volgt:

 

Ik haal het gebak in de keuken voorzichtig uit de doos en kleef de doos zorgvuldig terug dicht. 

 

Vervolgens kom ik met de lege doos de woonkamer binnen, terwijl ik triomfantelijk zeg:

 

"Hier is de taart."

 

Waarna ik doe als of ik struikel en de doos op dramatische wijze laat vallen...

 

 

Dames gillen, iemand forceert zijn rug in een vergeefse poging om de vliegende (lege) doos op te vangen.  Pépé wordt op slag een jaar of vijf ouder.

 

Iedereen kwaad op mij.

 

Succesnummer.

 

 

 

Had ik dat deze keer ook maar gedaan.

 

Want wat bleek nu?

 

De doos met de taart kwam op de tafel.  De feesttaart had voor de gelegenheid een  opdracht meegekregen, meer bepaald:

 

 

Pépé, gelukkige verjaardag.

 

 

Maar wie schetst onze verbazing wanneer blijkt dat er op de taart een andere boodschap staat, namelijk:

 

 

Willem, 9 jaar.

 

 

Ik neem aan dat er ergens ten lande nog een familie met verbijstering naar de feesttaart heeft gekeken.

 

 

Enfin, nu weet u waarom ik Etten-Leur op mijn buik moest schrijven.  Pijnlijk, maar het is niet anders.  Nu ja, ik offer af en toe wel eens een wedstrijd op voor het familiale geluk, opdat het huwelijksbootje niet in ruwe wateren zou belanden, zeg maar.

 

Het spreekt voor zich dat enkel minder belangrijke wedstrijden kunnen geschrapt worden onder druk van familiale verzuchtingen. 

 

Stel dat mijn vrouw een feestje zou plannen op de laatste zondag van mei, net wanneer de 20 Km door Brussel, hoogmis van het vaderlandse lopen, haar beslag krijgt, dan zou het huwelijksbootje in wilde wateren verzeilen en prompt herdoopt kunnen worden in Titanic II. 

 

 

Hier met die ijsberg! 


Ik ram hem! 

 

 

Pompen of verzuipen, vrouwen en kinderen eerst.

 

 

*****

 

Maandag 1 november.

 

Allerheiligen.

 

En die heb ik ook allemaal aanroepen, opdat de pijnlijke bil niet zou opspelen.

 

Looptest.  Met schrik in het hart vertrek ik voor een duurloopje.

 

Een dikke mistlaag beperkt het zicht tot een 30-tal meter.  De mist slaat neer.  Ik zie zelfs kleine waterdruppels op mijn wimpers.  Ik voel koude misttranen telkens ik met de ogen knipper.

 

Na enkele honderden meters is het al duidelijk.  Alles terug ok.  Ik zou kunnen zingen van pure contentement, maar het is jachtseizoen, en met die mist is een misrekening snel gemaakt.

 

En het gaat zelfs goed.  Geen enkel spoortje van pijn, waarop ik baldadig alle registers voorzichtig opentrek en de duurloop afklok vlot onder de 1 uur 20 minuten.

 

We blijven op schema voor Kasterlee. 

 

 

*****

 

 

 

 

*****

 

Als loper moet je inderdaad een beetje leep zijn.  Af en toe schijnbaar een wedstrijdje opofferen voor het familiale welzijn, zo kweek je goodwill.

 

Zo las ik onlangs in de vakpers, meer bepaald de Flair, dat je als man geregeld een complimentje moet geven aan je partner.

 

Dat is namelijk goed voor de relatie.

 

Nu dat interesseert me normaal allemaal geen barst want ik loop er  geen seconde sneller door, maar er stond verder ook te lezen dat je dan meer gedaan krijgt van je partner.  Je partner is gelukkig, en meer geneigd om je te steunen bij wat je doet en wil. 

 

En dat interesseert me dan weer wél een paar barsten.

 

Want vermits ik wel eens ga hardlopen, en denk dat ik wekelijks moet trainen en/of wedstrijden lopen, is het nuttig om wat goodwill te creëren.

 

Alles voor de sport, zeg maar.

 

Dat is pas écht met je sport bezig zijn....

 

 

*****

 

 

De Flair helemaal van buiten geblokt.  En er stond dat je tot 20 complimenten per dag mag geven.

 

 

TWINTIG!

 

 

Ga er godver maar eens aan staan!

 

Zij die deze kronieken van nabij volgen, weten dat ik veel gebreken heb, maar je kan me onmogelijk beschuldigen van een gebrek aan fantasie.

 

 

Maar twintig complimenten!

 

En dan liefst toch complimenten die ergens op slaan.

 

Een heidense opdracht.

 

Pas op, mijn vrouw is alles wat een man zich maar kan wensen, en zo, maar twintig complimenten!

 

Maar ik ben een doorbijter, dus zet ik me aan mijn  computer, want ik wil het graag gestructureerd.

 

 

*****

 

 

En na een weekje of drie brainstormen, wat rondbellen,  het internet leegplukken, kwam ik tot een forse lijst van 20 min of meer steekhoudende complimenten.

 

Heren lopers, mits de juiste financiële voorstellen ben ik bereid u deze lijst grootmoedig ter hand te stellen. 

 

En ja,  de betere marktkramer laat altijd de potentiële klant van zijn waren proeven, in de hoop dat de vis bijt, dus zal ik u met alle plezier een voorproefje gunnen.

 

Vandaar dat ik een tip van de sluier van de lijst der melige complimenten licht:

 

1. Schat, wat zie je er goed uit vandaag.

Lang getwijfeld over die 'vandaag', want impliceert dat dan niet dat het gisteren niet zo was? 

Eén woord, wat zeg ik, één komma fout plaatsen en alles is om zeep.

Acteursbloed vereist! 

De leugenradar des vrouws valt moeilijk te omzeilen.

 

2. Schat, ben je niet vermagerd?

Ook gevaarlijk terrein, een mijnenveld zelfs, maar toch gedaan.

 

3. Schat, heb je iets met je haar gedaan?

Met scha en schande geleerd nadat ik niet eens gemerkt had dat ze van haarkleur was veranderd.

 

4. Schat, wat een mooi bloesje.

Op plaats 7 van de lijst, op plaats 12 staat de versie met de rok/broek (afhankelijk van wat zich vestimentair voordoet). 

Opgepast! 

Zeg dit niet op het moment dat ze de Visa-kaart terug geeft, want die combinatie geeft al snel het vermoeden van een cynische ondertoon, die geheid wordt gedetecteerd.

 

5. Schat, hoe jij Kind 2 Duits leert, getuigt van Pruisische volharding.

Op het randje, vond ik zelf ook, maar het moesten er wel 20 zijn, hé!

U kan, naargelang het schoolrapport van uw kind, Duits vervangen door bijvoorbeeld Wiskunde, maar dan gaat toch een stukje van de poëzie verloren: Duits - Pruisisch, begrijpt u? 

Ja, er is over nagedacht. 

Koppijn, minstens 4 Dafalgans.

 

6. Zoals jij de auto parkeert, schat, dat zie ik niet veel vrouwen doen.

Opgepast: uw gelaatsuitdrukking moet bij deze ook aangepast zijn. 

Een zweem van een glimlach rond de mondhoeken kan van dit compliment meteen de aanzet maken van een ruzie, waarbij de Slag om Stalingrad wordt gereduceerd tot een ontspannende skivakantie inclusief jolig sneeuwballengevecht. 

Tip: uw gelaatsuitdrukking moet bedachtzaam zijn, en enige sérieux uitstralen. 

Oefen desnoods voor een spiegel.

 

 

Enfin, u krijgt een beeld van mijn lijstje.

 

En omdat ik weet hoe dat gaat, heb ik het lijstje op drie computers gesaved, op een paar USB-sticks gezet, gebrand op schijfjes, want het was een monnikenwerk om samen te stellen, dat willen we niet meer kwijt.

 

 

*****

 

 

De dagen tellen langzaam af naar zondag 14 november: Halve marathon te Kasterlee.

 

Ik kijk écht uit naar de volgende wedstrijd.

 

 

19:04 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |