12-11-10

Comedy Capers

Comedy Capers

 

 

November

 

Donkere dagen. 

Koud en mistig. 

Regen. 

Somber.

 

Maar....     ....heerlijk loopweer. 

 

 

De drie laatste duurlopen werden goed verteerd.

 

Vorige zaterdag was mijn vaste loopronde totaal verzopen, het had dan ook de ganse nacht geregend.  De  zones die normaal droog zijn, waren nu drassig en bezaaid met plassen.  En het tapijt van gevallen herfstbladeren onttrok redelijk wat plassen aan het zicht, zodat het constant vloeken was omdat de voeten ijskoud water kregen te verduren. 

 

In een mum van tijd had ik kletsnatte voeten.

 

De zanddreven tussen de velden waren barre modderstroken geworden.  Neen, daar had ik al helemaal geen zin in, dus zag ik me genoodzaakt te improviseren.  Een paar extra asfaltwegen inlassen en nog wat lusjes als bonus, om zo toch boven de 1 uur 20 minuten uit te komen.

 

En dan was er die wandelaar met zijn Duitse herder, zonder leiband.  Het beest schiet op me af, ik stop onmiddellijk in de hoop dat  de hond geen zin heeft in loperskuit.

 

"Hij wil alleen maar spelen" , roept het baasje me toe.

 

De herder streelt langsheen mijn benen en besnuffelt me grondig.  Even vreesde ik dat hij zijn territorium zou afbakenen door een poot tegen mijn been te heffen, maar gelukkig deed ie dat niet.

 

Even later kon ik ongehavend mijn looptocht verder zetten.

 

Een paar jaar geleden heb ik krek hetzelfde meegemaakt.  Ik loop ergens in Wortel.  Iets verder zie ik een man en een loslopende herdershond.

 

De hond komt als een gek op me afgespurt.  Ik stop onmiddellijk met lopen in de hoop dat de eigenaar zijn hond tot de orde zal roepen.

 

Maar de man doet helemaal niets, terwijl de herder zenuwachtig rond mij heen blijft draaien en springen.

 

Ik roep verbolgen:

 

"Kan jij godverdomme je hond eens bij je roepen?"

 

Waarop de man zegt:

 

"Dat is mijn hond niet."

 

 

Lijkt wel een of andere domme mop, maar het is helaas de waarheid. 

 

Ik had het niet bepaald begrepen op dat dier.  

 

Even later schoot hij plots weer weg van mij, tot mijn opluchting.

 

 

*****

 

 

Al enkele weken geen wedstrijd meer gelopen.  En het begint te kriebelen.  Maar gelukkig,  overmorgen is er de langverwachte confrontatie in Kasterlee. 

 

Halve marathon.

En het zal niet van de poes zijn.

 

Want de aanhoudende regen zal de natuuromloop alleen maar zwaarder en stugger maken.  Kasterlee is sowieso al niet bepaald een wedstrijd voor de pluimpjes, neen, eerder iets voor de knoestige loper, met inhoud. 

 

Ploeteren, schuiven, baggeren. 

 

En klimmen natuurlijk.  In de heuvelzone kan je jezelf grondig de das omdoen.  En als er iets is wat ik érg goed kan, dan is het mezelf de das omdoen.  Figuurlijk dan, want letterlijk bak ik er weinig van.

 

En 4 beaufort, zo voorspelt de weerman.  

 

Alles wat mogelijk kan tegen zitten, zal tegen zitten.  We bergen wilde plannen op....

 

Inmiddels bijna 1200 deelnemers, waarvan meer dan 800 de halve marathon zullen betwisten.  En onder de deelnemers redelijk wat bekenden...

 

 

 

******

 

 

Maandag 8 november was mijn vaste omloop, na een min of meer droge zondag,  terug relatief normaal beloopbaar.  Dat is alvast een geruststelling, want ik ben nogal gesteld op vaste routine.

 

Ik moet wel vaststellen dat de vele kilometers hun tol beginnen eisen.  Er steken wat minieme kwaaltjes de kop op.  Pijntjes rond de knieën, maar niets alarmerends.  Dat is meestal het signaal dat we aan het einde van de rek van belastbaarheid zitten.

 

We gaan Kasterlee strategisch lopen.  Niet te snel starten, en na een kilometer of tien bepalen hoe de zaken er voor staan, om dan te beslissen wat we gaan doen.  Is de tijd op 10 kilometer aanvaardbaar en ben ik daarvoor nog niet belachelijk diep moeten gaan, dan gooien we alle kaarten op tafel en gaan we ervoor.

 

Is het echter niet goed qua tijd of gevoel, dan maken we er een leuk duurloopje van.

 

Heeft u dit allemaal genoteerd?

 

Want ik geef het u nu al op een papiertje.  In de start zal ik nog steeds overtuigd zijn van bovenstaand plan, na tien loopmeters zijn alle goede voornemens al overboord en knallen we als vanouds als een losgeslagen gek, op zoek naar de volgende smadelijke nederlaag.

 

Heerlijk!

 

 

 

******

 

 

Woensdag 10 november heb ik mijn laatste lange duurloop in de aanloop naar Kasterlee gelopen.  En weer heeft het de ganse nacht geregend.

 

Ik sta in de deuropening te twijfelen.  Twijfelen of ik wel ga lopen.  Het regent lichtjes en de wind stoeit wat met de afgevallen bladeren.

 

Niet echt aanlokkelijk, zeker niet wanneer achter mij het warme huis en dito koffie wachten...

 

Maar, Kasterlee indachtig, verman ik me en trek het ouwe lijf op gang.

 

De eerste meters rillend van de kou en met pijntjes die een overzicht geven van de zwakke plekken van dit lichaam.  De usual supects: voetbogen, de rug (uiteraard), de rechterachilles (mag ook nooit ontbreken),  aangevuld met de kwaaltjes die komen en gaan: binnen- of buitenkant knie, binnenkant enkel, ....

De ervaring leert me dat het enkele kilometers duurt vooraleer alles weer gesmeerd zal lopen en op bedrijfstemperatuur zal zijn.  Gek is dat ik die dingen nooit voel tijdens de eerste honderden meters van een wedstrijd; vermoedelijk ligt dat aan de adrenaline...

 

Eens  het asfalt achter de rug, duik ik de dreven van de kolonie in.  Vandaag eerder het Verdronken land van Saeftinghe.  

 

Ik besluit, na een paar natte voeten in de dreven, terug asfaltwegen op te zoeken.

 

 

Mark begeeft zich hierbij op onbekend terrein.

 

 

Ik kom voorbij een boerderij gelopen en hoor dat er een hondje keffend de achtervolging inzet. 

 

Daar gaan we weer!  Afgelopen zaterdag een herdershond, vandaag een iets kleiner model.

 

Kleinere honden die de arrogantie hebben om achter me aan te komen, bezorg ik meestal de schrik van hun leven door, zodra ze bijna in mijn enkels kunnen bijten, me om te draaien en keihard brullend op het beestje af te stormen. 

 

De aanval is de beste verdediging.

 

Het mormel reageert meestal door in wilde paniek, de oren plat in de nek, de aftocht te blazen. 

 

Ik schraap reeds de keel om uit te barsten in het betere berengebrul. 

 

Net op het moment dat het keffertje zich op een metertje van mijn onwaarschijnlijk lekker ogende enkels bevindt, draai ik me om en storm, brullend als een mentaal gestoorde grizzlybeer op het hondje af.

 

Keffer schrikt, wordt bleekjes (figuurlijk gesproken dan) en blaast kajietend de aftocht, op de hielen gezeten door deze spurtende, brullende veertiger.

 

Eens de keffer op het erf is, draai ik me om en zet mijn tocht verder. 

 

Moi, de grote triomfator, hij die schoothondjes rauw lust...

 

Helaas zet de keffer met hernieuwde energie andermaal de aanval in.

 

Ik probeer het beestje te ontmoedigen door keihard weg te lopen, maar het harige schepsel keft vrolijk achter me aan.

 

En opnieuw pas ik de brultechniek toe.

 

Schrik, bleek, kajiet.

 

Keffer weg, achterna gezeten door uw brullende dienaar.

 

Ik draai me om.

 

En vertrek weer in volle galop.

 

 

Kefkefkefblafkefkefkefwoefkefkefkefgrrrrrkefkefkefblaf enzoverder

 

BRUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUL enzoverder

 

 

Kefkefkefblafkefkefkefwoefkefkefkefgrrrrrkefkefkefblaf enzoverder

 

Maar enfin, BRUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUL enzoverder

 

 

Kefkefkefblafkefkefkefwoefkefkefkefgrrrrrkefkefkefblaf enzoverder

 

Hoe is dit mogelijk!, BRUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUL enzoverder

 

 

Heen en weer ging het. 

 

Het leek wel Comedy Capers.

 

Maar goed dat niemand getuige was van dit toch wel belachelijke tafereel.... 

 

Anderzijds heb ik nu wel een soort van intervaltraining afgewerkt... 

 

Mijn vrouw vroeg zich naderhand wel af hoe het kwam dat ik zo hees was...

 

 

*****

 

 

Ik besluit het asfalt opnieuw achter me te laten en weer voor de volle natuur van Wortel Kolonie te kiezen.

 

Daarbij loop ik op een bepaald moment door een bos, vol statige oude beuken.   

 

Het zandpad is geheel verdwenen onder een dikke laag beukenbladeren, fel gekleurd, variërend van brandend oranje tot vurig goud. 

 

Het bos staat in brand! 

 

En ik snuif de geuren op. 

 

De geur van natte honden en rottende bladeren.

 

Dit is het mooiste seizoen, een mens zou er stil van worden...

 

 

 

Het is koud, maar ik voel een warme gloed van binnen.

Het waait, maar het is windstil in mijn hoofd.

Het regent, maar het deert me niet.

De tijd tikt weg, op het ritme van mijn hart.

De weg is nog lang.

Zo is het goed.

 

 

 

18:28 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

Commentaren

Veel succes in Kasterlee, Mark! 'k Heb ook wat schrik over de staat van het parcours. Het is voor iedereen hetzelfde, zullen we maar denken.
Wel pech voor de marathonlopers: zij moeten nog een 2de maal over datzelfe parcours dat dan door die 800 man al kapotgelopen is!

Gepost door: Hild Hillen | 13-11-10

Reageren op dit commentaar

De elementen, ze zijn er om te trotseren. Als men ze vergeet te trotseren, worden ze na verloop van tijd vals. Overigens las ik ooit over de marathon van Boekarest dat aanbevolen werd een stok mee te nemen om zich de straathonden van het lijf te houden. Je zou er zeker goed gepresteerd met jouw 'canine fartlek' ik zie uit naar je verslag van Kasterlee; ik begrijp dat de organisatoren er een makkie van hebben gemaakt door het parcours in te korten.

Gepost door: Rencapy | 14-11-10

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.