05-10-10

Vanitas vanitatum et omnia vanitas

Vanitas vanitatum et omnia vanitas

 

IJdelheid der ijdelheden, alles is ijdelheid.

 

 

Zondag 3 oktober 2010

 

Plots is het weer volop zomer!  De Kempen wentelt zich als een krolse kat in het overjaarse zonnetje.  En de temperatuur wordt aangejaagd door een zuiderse zwoele bries, de föhn.

 

Dat zijn niet bepaald favorabele loopomstandigheden, maar goed: het is oorlog voor iedereen.

 

We wenden de steven naar Breda, charmant Noord-Brabants bastion van Nassau, om er alle zeilen bij te zetten op de Singelloop 2010.  En we willen ons nog eens uitleven op de langste afstand, de halve marathon.

 

Lopen in het buitenland. 

 

In den vreemde. 

 

Toch maar snel het internet afgeschuimd, op zoek naar info over Nederland. 

 

En om een goed contact te kunnen leggen met de inboorlingen (Fear not, I come in peace!!!) heb ik een aantal spiegeltjes, wat kralen, schelpjes en zilverpapier in mijn rugzak gestoken.

 

Dat heeft ons destijds in Congo goed geholpen, dus waarom hier niet?

 

Maar mijn vrouw weet me gerust te stellen.  Net zoals in de rest van Europa wordt er in Nederland betaald met de Belgische munt: de €uro!

 

 

*****

 

 

Het internet leert me veel interessante dingen over Nederland.

 

Nederland is dat gekke landje ten noorden van ons.   Het komt net boven de zeespiegel uitpiepen.

 

Ze spreken er een variant van onze taal. 

 

Je kan het een beetje vergelijken met Engels en Amerikaans.  De Nederlanders spreken de Amerikaanse variant van onze taal.  Slordig dus, zonder rollende R.  Nonchalant ook, een beetje onverzorgd (zie hiervoor ook: Johan Cruyff).

 

Veel nietszeggende tussenzinnen en turbotaal. 

 

Ja, Hollanders zijn de Amerikanen van Europa.

 

Denken ook dat ze het voetbal hebben uitgevonden. 

 

Hebben wél het caravantoerisme tot een kunstvorm verheven.

 

Qua carnaval zou het Aalst kunnen zijn.

 

Sage: hebben naar het schijnt ooit een dijk die op springen stond, met één vinger weten te repareren. 

 

In het verleden was er wel een probleem met kindermishandeling: zie hiervoor Danny De Munck (Ik voel me zo verdomd alleen) en Heintje (die zowaar gedwongen werd in de taal van de Teutoon te zingen: Ich bau' dir ein Schloss, bijvoorbeeld).

 

Grootste bijdrage aan het planetaire erfgoed: Vader Abraham en de smurfen en Sjef Van Oekel.

 

Schaatsen is er een volkssport, hockey is voor de 'stiff upper lip'.

 

Lijden aan een soort collectieve zinsverbijstering zodra het twee weken streng durft vriezen. 

 

Hebben iets met de kleur oranje.

 

Hebben een gouden koets.

 

De mannelijke exemplaren dragen rare voornamen als: Joop, Henk, André, Jurre of Ties.

De vrouwelijke dragen namen als: Loes, Jet, Kee, Pien, Mies.

 

 

Nationale drank: prik of melk.

En afgrijselijk bier.  Dat niet eens bier is.  Eerder een surrogaat.

Op Hollands bier is volgende zegswijze van toepassing:

 

Dutch beer is like making love in a canoe.

 

....

 

It's fucking close to water!

 

 

Grootste culturele ambassadeurs: Van Gogh en de Zangeres zonder Naam.

 

Culinaire hoogstandjes: bal gehakt, lekkers van Mora en pindakaas.

 

Auto: DAF.

 

Fietsen.

 

Nederwiet.

 

 

Tot zover de feiten.

 

Er bestaan over Nederlanders ook een aantal vooroordelen.  Zo zouden ze gierig en arrogant zijn. 

 

Laat me vooral niet lachen.  Dat is helemáál niet correct.

 

Correcter is:

 

ze zijn héél gierig en verschrikkelijk arrogant. 

 

Voor het begrip arrogantie scoren ze, op een schaal van 1 tot 10, vlotjes 65 of meer.

 

 

Neen, alle gekheid op een stokje. 

 

Vooroordelen zijn wat ze zijn.  Vooringenomenheid, zonder basis van waarheid.

 

Zo wil bijvoorbeeld een ander hardnekkig vooroordeel dat blondjes dom zouden zijn.

 

Dat is niet waar.

Zo zijn er ook slimme blondjes.

 

Die noemen we dan weer  'Golden Retrievers'.

 

Neen, genoeg gezwets.

 

 

Zijn er dan geen intelligente, welbespraakte, bescheiden, sympathieke Nederlanders?

 

Natuurlijk wel.

 

 

 

En het toeval wil dat ik ze allebei ken!

 

 

 

Rencapy  en Geertje

 

 

Het bewijs krijgt u als u op hun namen klikt.

 

 

Neen, echt waar, ik hou van Holland.

 

Ik hou van Holland, landje aan de Zuiderzee
Een stukje Holland draag ik in m'n hart steeds mee
Daar waar die molens draaien in hun forse kracht
En waar de bollen bloeien in hun schoonste pracht
Ik hou van Holland, met je bossen en je hei
Jouw blonde duinen in een bonte rij
Op heel dees grote aard, al ben 'k van huis en haard
Is het kleine Holland mij 't meeste waard

 

 

Ook weer Heintje. 

 

Voilà, dat krijgt  u de rest van de dag ook weer niet meer uit uw hoofd...

 

 

*****

 

 

In een vlaag van zelfoverschatting rij ik zonder de GPS in te schakelen naar Breda.  En mijn oriënteringsvermogen brengt me vlotjes op de singel.  Even verder zie ik onmiskenbaar tekenen van een sportieve manifestatie: een luchtboog.

 

We zullen ons eens parkeren.

 

Wel, neen dus.  Ik heb hopeloos rondjes zitten draaien in de hoop ook maar ergens een parkeerplaats te vinden. 

 

IJdele hoop!  Vanitas!

 

Zowat iedereen stond verkeerd geparkeerd, auto's stonden overal schots en scheef weggezwierd.  Ik wist niet eens dat ze in Holland zoveel auto's hadden!   En ik had ook niet verwacht dat ze allemaal hier zouden geparkeerd staan...

 

Uiteindelijk vind ik een parkeerplaats, nogal ver van mijn doel. 

 

Ergens in de buurt van Minsk.

 

De rugzak opgezadeld en op het gevoel ga ik naar waar ik de start vermoed...

 

Fout gevoel.

 

Een fietser aangesproken, die me weer op het rechte pad hielp.

 

En na nog enkele honderden meters hoor ik in de verte het geruststellende gedreun van muziek en een speaker die een nieuwe dimensie geeft aan het begrip ADHD.

 

Er stromen me ook atleten tegemoet die net de 10 km hebben gelopen.  Ik vang flarden van conversaties op:

 

"Rond de 50 minuten kreeg ik me daar toch een dreun"...

"En toen begaf mijn rug het"...

 

 

*****

 

 

Een en al bedrijvigheid in de startzone.

 

Vlaggen en wimpels, luchtbogen, promotiestands van Brooks en Runner's World, springkastelen,....  Een mierennest vol lopers.

 

Ik schrijf me in en krijg een keurige omslag met daarin borstnummer met ingewerkte tijdsregistratiechip en 4 veiligheidsspeldjes.

 

De kleedkamer is ver weg.  En ook nog eens in de andere richting ten opzichte van mijn in de buitenwijken van Minsk geparkeerde wagen.  Omdat ik verwacht straks kapot te zitten, lijkt het me zinvol me in mijn wagen om te kleden en alles er ter plekke te laten...

 

 

*****

 

 

Ik slenter terug naar mijn wagen en ontmoet onderweg Guido E. en Bram E.  Ze lopen hier vandaag ook de halve marathon.  We spreken af mekaar te vinden straks.

 

De auto.  

 

Minsk is een erg mooie streek.  Zonnig ook.  Warme winden en zo.

 

De achterklep open.  Omkleden op het gemakje en wat om mij heen kijken.

 

Dan terug slenteren naar de startzone (zo kom ik wel aan mijn kilometers!), waar de wedstrijd over 15 km inmiddels al vertrokken is.  Een aantal collega's van AVN lopen vandaag de 15 km.

 

Na wat rondsnuffelen en nog een sanitaire stop, merk ik dat in de verte de wedstrijd voorbij slingert!  Even gaan kijken hoe de vrienden het er van af brengen.

 

De eerste die ik zie is Eddy K.  Ik merk dat Eddy het zwaar heeft.  Ik moedig hem aan en hij roept me na dat het verschrikkelijk zwaar én warm is.

 

Even later komt Johan voorbij.  En daarna Hild, die me enthousiast begroet.  Het kan zijn dat ik me vergis, maar ik heb de indruk dat ze nog erg goed zit.

 

Benny passeert en gebaart ook dat het loodzwaar is.

 

En dan komt Els de bocht om.  Oei, ik merk dat ze het moeilijk heeft.  Ik reik haar mijn fles Spa aan en besluit een stukje mee te joggen.  Ze heeft het lastig.  Een moeilijke nacht achter de rug, hoofdpijn en nog van die miserie; dingen die een mens kan missen als tandpijn, zeker als je 15 km wil lopen.

 

Na een paar honderden meter wens ik haar succes en begeef me richting start.  Daar kom ik Guido en Bram tegen, die volop aan het opwarmen zijn.  Ik pik mijn wagentje aan.

 

Plannen worden gemaakt.  Mijn plan is onder de 1 uur 30 minuten te proberen lopen.  Daarvoor moet ik op 10 km maximaal tussen 40 en 41 minuten zitten en op 15 km rond 1 uur 1 -3 minuten.  Maar de beelden van de lopers die zwoegen op de 15 km hebben me wel doen inzien dat de omstandigheden er wel eens anders  over zouden kunnen beslissen.

Bram en Guido mikken op 1 uur 35 minuten.

 

 

*****

 

 

Het is 14u.  Ik begeef me naar de startbox.  Ik kies de linkse, in de schaduw.

 

14u15.  Startschot en de karavaan zet zich in beweging.  Deze wedstrijd is tevens het Nederlands kampioenschap halve marathon.  En dat het menens is, wordt meteen duidelijk.  Ik word in de eerste bocht bruusk de weg afgesneden en kom ei zo na ten val.

 

We lopen tussen dikke hagen mensen.  Muziek, drumbands, gejoel, applaus en aanmoedigingen.  De toeschouwers stuwen ons vooruit. 

 

Een gezellige kakofonie! 

Breda laat zich van haar beste kant zien.

 

Ik voel me niet echt lekker; het gaat hier zo snel.  Het groepje waar ik in beland ben, legt er serieus de pees op en ik voel dat ik boven mijn niveau aan het lopen ben.

 

Ik mis alle kilometeraanduidingen.  De eerste die ik zie is die van de 3 km.  Tijd: 11 minuten 46 seconden.

 

Snel, maar toch niet abnormaal voor mij.  Maar het heeft zoveel moeite al gekost, niet normaal.  Ik  laat het groepje gaan in de hoop aan te kunnen pikken bij een iets trager groepje.  En zo wat op mijn positieven te komen.

 

De tijd op de 5 km is nog aanvaardbaar, iets boven de 20 minuten, maar ik heb niet het gevoel dat de iets tragere kilometers me goed bekomen.

 

En het is warm!  Het zweet loopt in beken van me af.  En zelfs de wind op kop, strakke wind op kop is dat, brengt niet echt verkoeling.

 

Ik voel me niet lekker.  Mijn maag speelt op, ik voel me misselijk. 

 

En dorst!  Ik drink twee volle bekers leeg bij een bevoorrading en heb binnen de 100 meter alweer verschrikkelijke dorst. 

 

Ik vertraag nog wat.  In de hoop dat ik wat kan recupereren om daarna een tempo te zoeken dat me ligt en zo nog wat halve meubelen te redden.

 

Dit is toch wel lichte paniek.

 

*****

 

 

10 km: 42 minuten en een dikke 40 seconden. 

 

Pffff.  Boeken dicht.  De Singelloop is bij deze officieel verknald!

 

Record is al lang weg, 1 uur 30 zal, behoudens goddelijke interventie, erg moeilijk worden.

 

Maar het ergste moest nog komen.

 

Tussen kilometer 10 en 15 kom ik mezelf helemaal tegen.  Misselijk en tegelijkertijd honger, duizelig, dorst.  En mijn ganse lichaam protesteert: mijn kuiten staan op springen, mijn rechter achilles doet pijn.  Maar wat me vooral zorgen baart is mijn rug.   Die zeurt en wringt.  Net als mijn heupkammen.  

 

Het wordt stilaan dramatisch.   Ik schud met mijn kop om het duizelig gevoel weg te krijgen.  Zoeken naar adem, zuurstof, verkoeling...

 

Een vlaag van realisme overvalt me. 

 

Het is vandaag de dag niet. 

Niet de dag om records te lopen. 

Niet de dag om goede tijden te lopen. 

Niet de dag om te lopen. 

Niet de dag om hier te sterven...

 

Een doldwaze gedachte schiet door mijn hoofd: Stel dat ik hier sterf, hoe zal mijn vrouw de auto ooit terug vinden?

 

Ik word door iedereen ingehaald en voorbij gelopen.  Ik kan nooit aanpikken.

 

 

En dorst!

 

Ik grijp naar alles wat drank is.  Twee bekers per post.  En elke spons die me aangereikt wordt, knijp ik over mijn oververhitte hoofd leeg.  Ik ben zo leeg dat ik zelfs bekers uit mijn handen voel glippen.

 

 

Ik heb geen idee waar ik ben.  Ik heb geen idee wat ik doe. Ik registreer niets meer, behalve pijn.  Overal pijn.  Ik kook en heb tegelijkertijd gevoelloze pinken.

 

Ik blijf verkoeling zoeken.

 

En al dat water loopt richting schoenen.  Ik sop in mijn gloednieuwe Brooks.  Daardoor beginnen mijn sokken te schuren.  Ik registreer vaagjes dat er blaren opkomen.  En mijn voetzolen worden gloeiendheet geschuurd.  De witte tape (die mijn voetbogen beschermen tegen mijn inlegzooltjes) wordt losgeweekt en begint te hinderen.  Dat kan er nog maar bij.

 

Ik overweeg  op te geven.

 

De eerste pacers komen me voorbij.  Ze mikken op een eindtijd van 1 uur 35 minuten.  De kelk moet tot op de bodem leeg.  Ik loop erbij en kijk ernaar.  Helemaal murw.

 

Kilometer 17: ik ben gestopt met lopen.  Maar vanitas vanitatum, ik kan de nederlaag niet verdragen, na enkele stappen trek ik me terug op gang. 

 

Ik moet verder. 

Maar ik kan niet meer. 

Maar ik moet. 

Ik vervloek mezelf. 

 

Kilometer 19: opnieuw sta ik stil.  Opkomende krampen in de kuiten.  Dit heeft niets menselijk meer.

 

Omstanders roepen me toe dat ik niet mag opgeven.  Ik zou wel kunnen janken.  Maar opnieuw begin ik te lopen, maar het is hoogstens veredeld zwijmelen.

 

Kilometer 20: 1 uur 32 minuten 44 seconden.  Deze info heb ik uit de uitslag, want ik had geen idee waar ik mee bezig was.  50 minuten over de laatste 10 kilometer! 

 

Waar ben ik in godsnaam mee bezig?

 

En van kilometer 20 tot aan de finish is mijnheer het loopwonder er in geslaagd ook nog eens meer dan 6 minuten te verkwanselen.

 

Ik zie het bordje: nog 500 meter tot de finish. 

 

Awel, ik dacht op dat moment: ik stop. 

Nu is het wel genoeg geweest. 

Ik wil niet meer.

 

En na nog eens een kleine eeuwigheid stond er het bordje: nog 250 meter tot de finish. 

 

En opnieuw dacht ik: ik stop.

 

Links staan de vrienden van AVN me op te wachten (bedankt voor het geduld, want ik bleef maar weg!). Ze roepen en schreeuwen me vooruit, maar het gaat écht niet meer. 

 

breda.jpg

 

 

 

 

Ik sukkel voorbij. 

Wat een fiasco! 

 

Eindelijk!  De finish.  Water!  Bekertjes Brabants water!  Ik drink me misselijk.  Ik kan enkel nog strompelen.  Ik ben leeg.  Mijn rechterachilles is zo pijnlijk dat ik zelfs lichtjes mank.  Dit is niet goed.

 

For the record: 68ste plaats op 672 recreanten; er waren ook nog eens 141 wedstrijdlopers op 213 voor mij. 

 

Inkaderen, onmiddellijk. 

Met daaronder de spreuk: Vanitas vanitatum et omnia vanitas.

Een ervaring en een illusie rijker.

 

Iets verder krijgen we een medaille.  En een verpakking Mentos snoepjes.  En sportdrank, waarvan ik er ook nog eens twee naar binnen kieper.

 

Ik ben op.  Wil enkel in een hoekje kruipen.  En ik bevind me nu een dikke 500 meter van de plaats waar de start was.  Mijn auto staat daar nog eens meer dan een kilometer daar vandaan. 

 

Nu lijkt het écht wel Minsk!

Daar geraak ik nooit! 

Ik wil hier een putje graven en er in kruipen.

 

Ik sukkel verder.  Probeer mijn rug wat te ontlasten, wat te strekken.  En vreet inmiddels een halve verpakking Mentos op. 

Ik ga zitten waar ik kan.  Het enige wat ik wil is liggen.

 

En dan eindelijk!  De auto.  Schoon uitvinding! 

 

De achterklep open.  Schoenen uit, kousen uit, tape weg.  Banaan, Sultana koek, appel, water.  En ik denk na over wat me overkomen is, terwijl fietsers me voorbij peddelen. 

 

 

En volgend jaar loop ik ze godverdomme allemaal naar huis!  Of niet natuurlijk.

 

 

*****

 

 

Maandag 4 oktober.

 

De wedstrijd van gisteren is nog niet uit mijn lijf gebannen. 

 

Het was misschien niet zo'n goed idee om meteen de nieuwe loopschoenen in te zetten in de wedstrijd (daarin heb je overschot van gelijk, Hild), maar ik denk niet dat dat de enige verklaring is voor mijn wedervaren.

 

Geertje suggereerde een vorm van oververhitting, zeg maar warmtestuwing. Goed mogelijk, maar dan in een milde vorm.  Als ik de symptomen lees: dramatisch verval van tempo, misselijk, duizelig, verwardheid, tja, klopt inderdaad allemaal.

 

En wat is de lichamelijke schade vandaag?

 

Valt goed mee.

 

Achilles rechts voelt vreemd genoeg redelijk goed aan. 

Rug en heupkammen prima. 

Kuiten ok. 

 

De voetzolen en twee beblaarde tenen branden nog wel na.  Maar dat is lekkere pijn.  Woensdag gaan we dat verder kapot lopen, lekker.

 

Spierpijnen: nauwelijks, wellicht een gevolg van de erg trage kilometers, die als herstelloop dienden.

 

Minder lekker is dat het zweet me constant blijft uitbreken.  En in de late namiddag slaat het om in verschrikkelijke kou.  Ik sta te rillen van de kou (hoewel het een aangenaam dagje is).  IJskoude vingers, beven van de kou.  Het is belachelijk, maar ik heb mijn jas aangedaan (terwijl ik dit zit te tikken).

 

Maar ook dat ging voorbij.

 

En pas in de loop van de namiddag zakt mijn hartslag terug naar normaal.

 

 

 

 

Het enige wat gebleven is, is schade aan het ego.

 

Vanitas vanitatum et omnia vanitas.

 

IJdelheid der ijdelheden, alles is ijdelheid.

 

 

_________________________________________

 

Foto van de totale instorting: Els V.

18:43 Gepost door Mark in 20 Km door Brussel, Lopen | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

Commentaren

Marc, speciaal gewacht om te reageren na het verschijnen van je verslag!
Inderdaad, het duurde even voor we je zagen. Eerst dachten we nog dat we je gemist hadden door ons gebabbel en getalm aan de aankomst maar na wat reken- en telwerk, wisten we dat dat niet kon.
Op den duur begonnen we ons al wat zorgen te maken. Toen je er dan toch aankwam, zagen we ook wel dat het je niet goed afging.
Ach, volgende keer anders en beter, hé.

De Singelloop is anders wél een aanrader: schlagermuziek, fanfares, gezellige supporters. Wij hebben ervan genoten.
Jammer dat we je niet meer gezien hebben na de wedstrijd maar wij hebben ons toen te goed gedaan aan een ijsje.

Groetjes, en misschien tot in Etten-Leur!

Gepost door: Hild Hillen | 05-10-10

Reageren op dit commentaar

Vanitas indeed! Ik voel mij natuurlijk zeer gevleid om tot de twee uitverkoren Nederlanders te behoren die jouw goedkeuring weg kunnen dragen.
Nu voel ik wel de hete adem van die andere 16+miljoen prikdrinkers achter me.

Wat je Breda-ervaring betreft, die schoenen zijn natuurlijk een verklaring. Maar misschien ligt het aan het geenszins triviale feit dat Breda tevens de woonplaats is van Vader Abraham ?

Gepost door: rencapy | 06-10-10

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.