20-04-10

Satelliet Suzy

Dit verhaal dateert van enige tijd geleden, toen uw dienaar nog onder de lopenden was....

En mijn vriend Tom ook trouwens, want wat horen wij in de wandelgangen? 

Het venijnige gerucht doet de ronde dat mijn vriend Tom een achillesprobleem heeft. 

Zal Tom, mijn compagnon de route, voor het derde jaar op rij forfait moeten geven voor de 20 Km door Brussel?

Vanavond volgt er nieuws.

 

*****

 

Satelliet Suzy

 

 

Ja, ik had beter moeten weten.

Neen, het is mijn eigen, stomme fout. 

Ik ben een rund. 

Een stom rund.

Ik had mijn vriend Tom opdracht gegeven een lange duurloop uit te stippelen.  Ik verkeerde in de mening dat hij zo'n opdracht serieus ter harte zou nemen. 

Wat ben ik soms toch een kieken.

 

*****

 

Tom een parcours laten uitstippelen.  Hij die niet van de ene kant van zijn keuken naar de andere kant kan geraken, zonder daarbij verloren te lopen. 

Nu ja, dat is met de rommel die er staat inderdaad geen sinecure, dat is dan ook weer waar.  De afwas alleen al heeft een variëteit aan kleurrijke schimmels, wonderbaarlijk is dat  (iets voor het Tropisch Instituut of de Plantentuin in Meise).  Hoe kan ik het vergelijken...

 

Bij mij thuis kun je van de vloer eten, zo proper is het.

Bij Tom kun je van de vloer eten, er ligt genoeg.

 

Zo iets dus.

 

In de keuken van Tom zou een bordje met het volgende opschrift niet misstaan:

'It's not always that dirty in here......

.....sometimes it's worse'.

Tja, zoiets.

 

*****

 

Zijne welgeoriënteerdheid, Tom dus, nam me op sleeptouw richting Meerle, rurale deelgemeente van mijn thuisstad, de Parel der Kempen, epicentrum van de Aardbei, u weet wel.

Het was inmiddels donker geworden en er kwam een soort mist opzetten.  Het leek wel een tweederangs scenario van Stephen King. 

Hoor ik in de verte niet het gehuil van wolven? 

Ach nee, het is Kind 2 dat, vuurspuwend, in blinde woede de computer aan het slopen is, online gaming weet u wel.

 

*****

 

Na vele, lange kilometers waren we volgens Tom nog prima op de uiterst zorgvuldig geplande route.

Volgens mij waren we enorm verdwaald.

 

Waar bevonden we ons?

We bevonden ons in het gat van Pluto. 

In het donkere, mistige gat van Pluto.

En nergens een herkenningspunt, dank zij de mist.  Normaal gesproken kan je vanuit elke hoek van elke deelgemeente de majestueuze kerktoren van mijn thuisstad, gevangen in spots, in vol ornaat bewonderen. 

Nu zagen we niks.

 

En laten we toevallig vandaag geen kompas bijhebben.

Wat heb je trouwens aan een kompas? 

Dan weet je waar het noorden ligt. 

Zinloos als je niet eens weet waar je bent, of waar je naartoe moet.

 

*****

 

En natuurlijk geen gsm bij.

Normaal is de rechterduim van mijn vriend Tom vergroeid aan dat ding, maar nu had hij zijn gsm niet bij. 

Ik ook niet.

Mijn gsm lag thuis (geen extra gewicht bij het lopen), die van mijn vriend Tom zat vermoedelijk rondjes te draaien in zijn wasmachine.  Tom molt per jaar een gsm of drie.

En wat zouden we kunnen aanvangen met een gsm, als we niet eens wisten waar we waren? 

Naar mijn vrouw bellen en HELP roepen?

Dat zou hoogstens op smakelijk gelach onthaald worden.  En uiteraard zouden we de volgende 15 jaar herinnerd worden aan ons geweldig gebrekkig oriëntatievermogen.  In elk soort gezelschap.

Ook al geen optie dus.

U gaat me weer maar eens een zielige fantast noemen (wat ik in se ook wel ben), maar welke weg we ook indraaiden, telkens staarden wij vol ongeloof naar het straatnaambordje waar telkens hetzelfde stond te lezen: ofwel Groot Eyssel, ofwel Klein Eyssel. 

We dachten dat we gek werden.  Of in vierkanten aan het lopen waren.  Of een combinatie van de twee.

Wat we ook deden, overal dezelfde straatnaam.

Groot Eyssel, hoek om, opnieuw Groot Eyssel, andere straat, zelfde naam, hoek om, opnieuw, weer andere straat Kleyn Eyssel en dan weer een keer of zes. 

En dan weer helemaal opnieuw. 

Eerlijk gezegd zat ik de hele tijd rond te kijken of we niet in een of ander verborgen-camera-programma waren beland.  Je kan die van VT4 nooit vertrouwen.

Niet dus.  Helaas geen camera te bespeuren.  Of het moest zijn dat die ook verdwaald waren.  Goed mogelijk in dit doolhof van straatjes.

Kortom, we waren in de aap gelogeerd.  In het hol van Pluto.

 

*****

 

Achteraf heb ik er het stratenplan bijgehaald. Kijkt u even mee.  Want u gelooft bijna alles, maar dit is zo onwaarschijnlijk.

 

eyssel

 

En ik zweer u, niets is bijgewerkt met Photoshop.  Zou ik trouwens ook niet kunnen.  Het handboek van Photoshop al eens bekeken?  Daar word ik pas razend van.

Enfin, blijkt dat er zo maar even 11 (elf!) straten de naam Groot Eyssel en 7 (zeven!) straten de naam Kleyn Eyssel hebben meegekregen.  En allemaal in één kluwen van doodlopende straten. Een mierennest.

 

Je kan het stadsbestuur van mijn stad niet echt beschuldigen van een overdaad aan inspiratie. 

Een nieuwe straat, hoe zullen we die noemen?

Iemand een idee?

Niet allemaal tegelijk, mensen...

Zullen we eens een gedurfde straatnaamkeuze doen? 

Groot Eyssel, iemand? 

Prima idee!

 

En terwijl er zoveel briljant mooie straatnamen te verzinnen vallen:

  • de Tervurenlaan,
  • de MarklooptsnellerdanTomstraat,
  • de Tomisoptijdsteeg (fictief uiteraard),
  •  de Markiseenloopwonderdreef,

Ik noem maar wat.

Perfecte namen en nooit meer verwarring.

Je zal maar een hartaanval krijgen en de ziekenwagen is op zoek naar Groot Eyssel.

 

*****

 

Daar kochten wij ons geen brood voor tijdens onze lange duurloop, die nu langzaam het karakter van de voettocht naar 'Santiago de Groot Eyssel' begon te krijgen. 

We hadden al onze noodpijlen verschoten, op onze SOS-signalen in morse kwam ook al geen reactie, het spoor met broodkruimels dat ik had gestrooid bleek na een 'klein hongerke' van mijn vriend Tom helaas helemaal verdwenen. 

En zag ik daar in de verte trouwens geen ijsberg?

We keken elkaar in de ogen en wisten allebei dat we daar zouden sterven. 

Véél te jong, maar toch een vol leven geleefd.  Een paar edities van de 20 Km door Brussel te weinig op de teller, dat wel, maar goed...

Eerst was er nog een hoogoplopende discussie: zouden we in mekaars armen sterven (zoals de gebroeders Van Raemdonck), of gedisciplineerd naast mekaar, of in alfabetische volgorde.

We kwamen er niet uit.

Maar we gingen sterven, zoveel was duidelijk.  Ik dacht in een straat, genaamd Groot Eyssel, maar het kan ook Klein Eyssel geweest zijn, pin me daar nu niet op vast.

 

*****

 

We zijn er uitgeraakt, niemand weet hoe, Tom nog het minst van al, maar plots was de voorraad straten Groot Eyssel uitgeput, die van Klein Eyssel ook, en na nog een viertal trieste gemeenten in de Kempen doorzworven te hebben, kwamen we thuis. 

Een marathon op de teller, durf ik te wedden.

 

*****

 

Of moeder de vrouw ongerust was? 

Bijlange niet.

"Ben je al thuis?", vroeg ze droogweg.

Ik was een kilo of 6 afgevallen, 2 van het lopen, 4 van miserie.

 

*****

 

Je moet voor de aardigheid eens Groot Eyssel intikken op Google Maps.  Toen ik het deed, zijn er drie oude Russische navigatiesatellieten in mijn tuin neergestort. 

BLIEP BLIEP

Heeft nog een flinke duit aan oud ijzer opgebracht. 

Het gras was ook meteen af.

 

 

Commentaren

Mark, blijkbaar tasten de jaren toch je geheugen aan. We hebben NOOIT op Klein Eyssel of Groot Eyssel gelopen. Laten we eerlijk zijn. Een duurloop van 30km zou voor jou net iets te hoog gegrepen zijn :p. Maar het was de RAAMLOOPSTRAAT en VENNEWEG waar de mist plots de kop opstak zodat we elkaar nog nauwelijks zagen lopen. Alle ja, jij kon nog net mijn kuiten bewonderen, geloof ik ;)

Gepost door: Zijn vriend Tom | 06-05-10

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.