16-04-10

Four Weddings and a Funeral

Four Weddings and a Funeral

 

Onze held zit in week 5 van gedwongen looprust. 

Gisteren, Redcordtraining 2 van deze week.

Een forse training, dat wel, maar ik moet toegeven dat het wat begint te vlotten.  Het spierkorset is sterker geworden en daardoor kost het me allemaal wat minder moeite. 

Het is nog steeds afzien, dat wel.

Van de maandagse marteling had ik in de rechterkuit toch nog wat schade; ik dacht zelfs een lichte verrekking.  Maar Tom stelde me gerust.  Het was niets alarmerends.

We vlogen de touwen in, voor reeksen spierverstevigende oefeningen.

In den beginne kon ik nog wel wat meebabbelen tijdens de reeksen, maar na een tiental minuten was het toch weer kiezen op mekaar klemmen, en concentreren op de  uitvoering, de balans, de pijn en de verzuring. 

Een lange trainingssessie werd het, ik stapte er pas rond 9 uur buiten.

 

*****

 

Kind 2, u inmiddels niet geheel onbekend, heeft deze middag wel een erg vreemde vraag gesteld.

Eentje die de eetlust bederft.

Misschien wel opzettelijk.  Op het menu stond  spaghetti, en wie weet wou Kind 2  op die manier wel een grotere portie veilig stellen...

 

Nu heeft hij dat wel eens meer gedaan, vreemde vragen gesteld. 

En telkens Kind 2 een vreemde vraag stelt, wijs ik met gestrekte arm naar mijn vrouw.

Zo kwam Kind 2 ooit met een vraag over de voortplanting. 

Ik wijs met gestrekte arm naar mijn vrouw, macht der gewoonte, omdat zij van dit onderwerp alle technische details beheerst.

Vroedvrouw, namelijk.

Ze kent de 'ins en outs', als ik mij deze uitdrukking in deze optiek mag permitteren.

 

Kind 2 wou ook het 'hoe' en 'waarom' van de voortplanting weten.

Van het 'hoe' heb ik geen kaas gegeten.

Ik was namelijk ziek tijdens de enige les seksuele voorlichting, lang geleden, bij de tirannieke meester Van Gils. 

En dat gemis is, volgens mijn vrouw toch, nooit meer goed gekomen.

Van het 'waarom' van de voortplanting hebben wij beiden inmiddels, na gedane zaken,  ook geen enkel idee meer.

Trouwens, seks was mid jaren zeventig van vorige eeuw ook iets louter functioneels, meen ik me te herinneren.  De paus, u weet wel.  Ook iets van een steen en zaad, en verspilling, maar dat zoek ik bij gelegenheid nog wel eens voor u op.

 

*****

 

Enfin, Kind 2 heeft ons deze middag de hamvraag gesteld, namelijk:

"Waarom zijn jullie nog niet gescheiden?"

Vooral dat woordje 'nog', bleef lang op mijn maag liggen.

 

Ja, wij zijn nog altijd samen. 

Al sinds 1986.

Dank u.

 

Van mijn bloedbroeders van weleer, de bende van zes vrienden, ben ik trouwens de enige die nog bij zijn originele vrouw is.  De vijf anderen zijn inmiddels al goed voor 8 echtscheidingen, en neen, dat is geen tikfout.

Pas op, ik begrijp het wel.  Als het écht niet meer gaat, dan moet je uit mekaar gaan. 

Punt.

Want het kan niet dat één van de partners zich rot voelt in het huwelijk.  We weten immers allemaal dat het huwelijk gemaakt is opdat allebei de partners zich rot zouden voelen.

Laat ons wel wezen.

 

*****

 

Dus ja, ik ben nog altijd bij mijn vrouw.

Maar het omgekeerde is ook waar.

Zelfs méér waar.

Mijn vrouw is tot op heden nog niet gillend van me weg gelopen.  Hoewel er meer dan genoeg redenen voor te vinden zijn....

Jarenlang gezeur over blessures en besttijden en opofferingen omdat meneer zonodig denkt dat hij moet lopen, het vreet aan een mens, ik besef dat.

Dat verdient respect!

Toen ik mijn boekhouder  vertelde dat mijn vrouw omwille van het feit dat ze met mij getrouwd wil blijven af en toe toch wel een complimentje mocht krijgen, reageerde die als volgt:

"Complimentje, complimentje?"

"Sukkelaar toch."

"Een standbeeld, zal je bedoelen.  Een standbeeld voor al die jaren van moed en zelfopoffering..."

 

 

*****

 

Dus Kind 2 vroeg waarom we nog bij mekaar waren.

Het viel me op dat mijn vrouw niet direct antwoordde.  Normaal gesproken volgt er stante pede een repliek, maar nu was er toch een seconde aarzeling.

Ik, van mijn kant,  kon niet antwoorden, wegens een mondvol pasta.

Mijn vrouw antwoordde even later met iets meligs dat uit de kalender van de Bond Zonder Naam was ontsnapt.

 

Daar trapt Kind 2 al lang niet meer in.

Toen zette mijn vrouw haar blik op waarmee ze wil zeggen: onderwerp afgesloten.

Ik ken die blik.

 

Kind 2 nog niet helemaal, want er volgde nog een (fatale) vraag.

Die vraag was:

"Stel dat jullie uit mekaar gaan.  Bij wie mag ik dan wonen?"

 

Ik wijs met gestrekte arm naar mijn vrouw, in de mening dat zij op haar beurt naar mij zou wijzen.

Maar dat deed ze niet.

Zij wou Kind 2 voor zichzelf.

AHA!

GAAN WE ZO BEGINNEN!

Dan ken ik ook nog wel een paar truukjes.

 

Ik zei daarop langs mijn neus weg:

"Als ik dan alleen ben, dan kan ik eindelijk een hond kopen."

Perfide, nietwaar?

Maar ja, All is Fair in Love and War...

Kind 2 draaide onmiddellijk zijn kazak en riep uit:

"Ik ga terug naar Pappa!"

Triomfantelijk keek ik mijn vrouw aan.

 

Mijn vrouw is van alle markten thuis.

Ze keek me met een scheef oog aan, en zei:

"Bij mamma is het zakgeld hoger."

Kind 2 verklaarde daarop weer tot Team Mamma te behoren.

 

Nu zijn we zeker; Kind 2 MOET de politiek in.

Moest Kind 2 burgemeester van Antwerpen worden,

moge God ons en alle sinjoren bijstaan,

dan lagen er nu al een brug of vier én een tunnel of zes en droeg Dewinter een hoofddoek....

 

*****

 

Ik wou nog uitpakken met meer toegevingen, maar mijn vrouw keek me aan met een ontradende blik.

 

Diezelfde ontradende blik heeft er trouwens voor gezorgd dat de buren hun overschot aan voertuigen niet meer kriskras parkeren rondom onze riante woning. 

Toch even situeren. 

De parkeerzone rondom mijn woning is omringd door kasseien, voldoende om een kleine helleklassieker op te rijden. 

De buren denken dat ze daar mogen op parkeren.  En beseffen niet dat ze daarmee het complete architecturale concept van rurale urbanisatie verknoeien.  Vooral omdat ze met blikken dozen menen te moeten rijden die, ja het bestaat, Nissan heten. 

Helaas, driewerf helaas.

Mijn vrouw gebruikt nu met succes haar ontradende blik om de parkerende buren tot nieuwe inzichten te brengen.

 

*****

 

"Waarom zijn jullie nog altijd getrouwd?"

Dat noemen ze een vraag van het kaliber:

V.G.M.G.N.T.D.I.D.R.

Deze afkorting staat voor:

Vinde Gij Mijn Gat Niet Te Dik In Deze Rok.

 

Heren, jullie weten allemaal wat ik bedoel.

 

Uw vrouw komt met een verwachtingsvolle blik uit het pashokje gestapt. 

U bent van zuivere uitputting gaan zitten op een te laag stoeltje, uw voeten helemaaaaaaaal stuk van met uw vrouw doorheen de winkelwandelstraat te flaneren.  Een halve marathon is kinderspel vergeleken met de Antwerpse Meir.

 

En uw vrouw stelt die vraag, terwijl ze voor een spiegel staat te draaien.

Vinde Gij Mijn Gat Niet Te Dik In Deze Rok?

 

WEES VOORBEREID!

WEES ALERT!

Indien u één milliseconde te laat antwoordt, dan bent u de sigaar.  Want vrouwen detecteren die aarzeling meteen en koppelen daaraan dat u een leugentje voor bestwil aan het verzinnen bent.

 

OPLETTEN!

Té snel antwoorden = liegen.

Té enthousiast antwoorden = liegen.

 

OPGEPAST!

Ook botweg de harde waarheid zeggen, strekt niet tot aanbeveling.

Vinde Gij Mijn Gat Niet Te Dik In Deze Rok.

Laat volgende reacties daarop vooral achterwege, ik smeek u:

  • amai, ja
  • dat ligt niet aan de rok,
  • wat denk je zelf?
  • ik weet het niet, het is nogal een smalle spiegel,
  • dik is niet helemaal correct, immens dekt de lading beter,
  • zo lang je niet bukt, valt het reuze mee,
  • niet alleen in deze rok, schat,
  • gaat die onnozelheid hier nog lang duren?
  • interplanetair gezien?
  • en dan zeggen ze dat zwart afslankt!

 

Vrouwen aller landen, mag ik u dit advies geven.  Zodra u de aandrang voelt om een vraag aan uw echtgenoot te stellen, hou dan voor ogen dat mannen enkel vragen begrijpen waarop het antwoord

2-0

zinvol is.

 

*****

 

Ja, verdorie, deze kroniek heeft als titel 'Four Weddings and a Funeral' meegekregen, en het moet wel kloppen.

Weddings genoeg, maar nog geen Funeral, merk ik.

 

Tom B. is ingeschreven voor de Antwerp Ten Miles, eind deze maand.

Maar gisteren gaf hij te kennen dat hij dat plan wellicht moet begraven (oef: dan toch een Funeral gevonden) wegens fysieke ongemakken.

Ik wil gerust in zijn plaats lopen, maar dat vond hij niet echt een goed plan.

Nu ja, uiteindelijk is mijn deadline binnen 43 dagen en 20 uren.

De 20 Km door Brussel 2010.

De Heilige Graal!

De commentaren zijn gesloten.