09-03-10

De Smurf en de sofa

De Smurf en de sofa

 

Zaterdag 6 maart

Ik maak me zorgen. 

U moet weten dat ik vorige week behoorlijk wat rugbelastend werk heb verricht, in casu het verhuizen van huishoudelijke toestellen (droogkast en wasmachine), loodzware meubels en dozen met rommel.

Normaal laat ik anderen het tilwerk doen; als loper heb ik namelijk andere prioriteiten voor mijn lichaam. 

Liefde en Gini, zeg maar.

Hola, dat wil niet zeggen dat ik niet solidair ben met het werkvolk.

Zo ben ik bijvoorbeeld héél goed in het meezuchten en meekreunen terwijl anderen hun rug verknoeien.  Of in het geven van nutteloze instructies, zoals: opgepast voor de lamp... 

Maar mijn allergrootste specialiteit is:  het opdrinken van het verhuisbier.

 

*****

 

Bij gebrek aan dommekrachten, heb ik in een vlaag van overmoed deze keer zelf het tilwerk gedaan.

En mijn rug protesteerde achteraf. 

Lage onderrug.

Doffe pijngordel.

Zaterdag was het al iets beter en dacht ik nog even snel een sofa te versjouwen naar het containerpark.  Met een vouwmeter had ik gecontroleerd of de sofa in de lift paste én in de muil van de kofferbak van mijn auto.

De sofa paste inderdaad in de lift, maar veel overschot hadden we niet.  Zelfs de mat van de liftkabine heb ik moeten verwijderen om de sofa er in gepropt te krijgen.  En dan moest ik de zetelkussens nog opzij trekken opdat het veiligheidsoog van de lift vrij zou zijn, want anders wil de lift niet vertrekken.

Het zweet liep tappelings van mijn arme rug.

En die rug was terug om zeep.

 

De sofa paste vlot in de auto.  Zij het wel dat ik met open achterklep moest rijden en dat de sofa er ruim een meter uit stak.

 

*****

 

Ik sta aan te schuiven aan een kruispunt van mijn thuisstad, waar iedereen weer meent met de auto te moeten rijden, wanneer ik uit mijn rechterooghoek twee Smurfen zie aankomen. 

Flikken! 

Op parkeerschijfjacht.

Ja, zo zijn ze wel.  De arme burger nog snel 15 euro uit zijn zak kloppen omwille van een onnozele parkeerschijf, terwijl de Brusselse banlieus branden en het rapaille er heerst in de straat!

Als je een flik nodig hebt, dan staan ze er nooit, maar doe eens iets dat niet helemaal koosjer is en ze kruipen uit de onmogelijkste spleten tevoorschijn....

En daar sta ik dan, met een meter sofa uit de achterklep en de klep helemaal open.  Die klep steekt dan een frisse anderhalve meter boven mijn wagen uit.  Toegegeven, het ziet er uit alsof er een kapotgewaaide kermisattractie op het kruispunt staat.

Dat blijkt een rode lap te zijn voor de Smurfen....

Ik doe alsof ik de Smurfen niet zie.

Helaas zien de Smurfen mij.

 

*****

 

De Smurfin sluit mijn achterklep tot op de sofa.  Dat is behoorlijk zinloos, want ik weet dat die spontaan terug opent eens ik vijftig km per uur rij.  Vanaf honderd sluit ze terug door de windweerstand, vanaf honderdvijftig terug open en wat ze doet op 200 heb ik nog niet kunnen uittesten; onze bebouwde kom is zo lang niet om die snelheid te halen....

U vraagt waarom ik de achterklep niet met een touwtje vastmaak.

Goede vraag.

U bent een kenner!

Wel dat heeft te maken met die verkeersdrempels die overal te pas en te onpas worden gelegd.  Dan klapt mijn achterklep keihard op de inhoud, telkens ik de   drempel op- of afrij.

En natuurlijk heeft dat vooral ook alles te maken met mijn belangrijkste aangeboren eigenschap: mijn legendarische luiheid.  Daarnaast is er dan ook nog eens een nijpend gebrek aan touwtjes, een gevolg van het feit dat Kind 2 alles kan gebruiken wat ik nodig heb.

 

In die optiek, even een interne dienstmededeling:

TROUWENS, KIND 2, WAAR IS DE GROTE NAGELKNIPPER?

 

*****

 

Enfin, de Smurfin sluit mijn achterklep.

De Smurf loopt als een volleerde John Wayne gewichtig rond mijn wagen.  Met de handen op de wapengordel staat hij wijdbeens naast mijn raampje.  Hij roffelt op mijn raampje.

Ik bzzzzzzzzzzzzzz mijn raampje naar beneden.

 

*****

 

Goeiemiddag meneer, waar gaat de reis naar toe?

Ik denk: Naar Zimbabwe.  Ik rij met een zetel naar Zimbabwe.  Wat denk je zelf?  Kan jij überhaupt zelfstandig denken?  Mark, bijt op je tong, smaad aan de politie kost centen....

Ik zeg: Naar het containerpark, mijnheer.

 

U weet toch dat uw lading uit uw kofferbak steekt...

Ik denk: Tiens, daarstraks nog niet, maar blijkbaar heb ik mijn auto té warm gewassen en die is me toch beginnen krimpen!

Ik zeg: "Ja, mijnheer."

 

Normaal gesproken moet u daar een waarschuwingsbord of -vlag aan bevestigen.

Ik denk: Jaja, en een flikkerlicht, een fluovestje én een gevarendriehoek.  Gedurende de tijd die we hier aan het verschijten zijn met dit gemekker had ik al over en weer geweest en kunt u eens achter mij kijken...  Er staan een kleine driehonderd automobilisten hun stuur op te vreten omdat dat hier blijft duren....

Ik zeg: "Ja mijnheer."

 

En u dient de achterklep te sluiten met een touwtje of zo, want op deze manier kunnen wij uw nummerplaat niet zien.  Zo kunnen we u niet flitsen, bijvoorbeeld.

Ik denk: Juist, een touwtje.  Ik zal u het GSM-nummer geven van Kind 2 en vecht het dan maar eens met hem uit.  Fin de carrière, ongetwijfeld.  En daarbij, flitsen?  Dacht je nu echt dat ik tegen 160 ga scheuren met een sofa die bijna over de grond sleept?  Get a life!  GET A LIFE!

Ik zeg, heum, ik lieg: "Ik zal me iets verder aan de kant zetten en het nodige doen, mijnheer."

 

 

Ik zat als een schaap op weg naar de slachtbank te wachten op een fikse boete, of eventueel verdere pesterijen als controle houdbaarheidsdatum brandblusser (kijk dat na, er staat een houdbaarheidsdatum op!), inhoud verbandkoffer (zit er een schaartje in?), controle profieldiepte banden (minimum 1,6 mm), maar....

..... ik mocht gaan!

 

Geen boete!

Ik ben er nog niet goed van!

Er bestaan barmhartige flikken!

In België!

Toch na een rits Zuid-Amerikaanse landen het meest corrupte land ter wereld!

Laat Brussel desnoods tot aan de grond afbranden, leve het rapaille!

Heu, neen, bij nader inzien, Brussel heb ik nog nodig, op 30 mei....

 

*****

 

In het containerpark vonden ze dat mijn zetel iets voor de Kringwinkel was.  In de Kringwinkel vonden ze dan weer een miniem scheurtje in de stof (van de achterklep, merci Smurfin), zodat ik terug naar het containerpark mocht. 

Heen en weer,

heen en weer...

Had ik de sofa gewoon in de fik gestoken in mijn tuin, dan was er minder CO2-uitstoot geweest.

 

*****

 

Zaterdag na het sofa-avontuur toch de loopschoenen aangetrokken.  Het was een zonnige, maar koude dag.

De eerste honderden meters is de rug niet te spreken over mijn voornemen om te gaan lopen.

Luid protest!

Pijnscheuten!

Lopen, een feest! 

Maar gaandeweg wordt het beter en kan ik, tot mijn opluchting, gewoon mijn looptempo ontwikkelen.

 

Wat doe ik allemaal tijdens het lopen?

Niks, tiens.

Lopen.

Of toch, ik tel bomen. 

U zal nu zeggen: Je doet wat?

Ik herhaal: ik tel bomen.

En probeer per dreef te bepalen of het aantal even of oneven zal zijn. 

Maar oh ramp, nu zijn de heren van Bosbeheer aan het zagen geslagen, en ben ik niet meer zeker van het aantal bomen. 

Moet ik dus helemaal opnieuw beginnen...

 

*****

 

Dat tellen doe ik wel eens meer. 

Zo tel ik soms ook het aantal passen dat ik zet tijdens een lange duurloop.   Sterker nog: zodra ik daar mee begin, dan kan ik niet meer stoppen.

 

*****

 

Halfweg de Torendreef merk ik plots dat ik mijn chrono niet heb gestart op het moment dat ik thuis mijn schoenen de sporen gaf.  Ik heb dus geen flauw idee hoe lang ik al onderweg ben. 

Ik start alsnog mijn chrono en kan dan, bij bekende tussenpunten, gaan extrapoleren. 

Zo bepaal ik via de stelling van David Hilbert Pythagoras Da Vinci Iyenger Riemann dat ik een 25-tal minuten bij mijn lopende chrono moet optellen.

Dat is dus ook weer tellen.

Leuk!

 

*****

 

En natuurlijk nummerplaten van auto's memoriseren.  De cijfers optellen of vermenigvuldigen en de letters proberen om te zetten in een bericht, als ware het een afkorting.

TSS wordt dan bijvoorbeeld 'Trans Siberische Spoorweg'. 

VLP zou dan 'Vereniging der Lokerse Paardenworstenkwekers' kunnen zijn.

VRT: 'Vlaamse Radio en Televisie' of 'vuile rosse teef'.

Ik ken vermoedelijk een slordige duizend nummerplaten, geheel of gedeeltelijk, uit mijn hoofd. 

Mijn duurloop bracht me op 1 uur en plusminus 19 minuten en enkele tientallen seconden.

 

*****

 

Zondag.

De lage onderrug zeurt.

De zaterdagse duurloop heeft er geen goed aan gedaan. 

Gegokt en verloren.

 

 

*****

 

Maandag 8 maart

 

De rug is nog zuur, maar toch gaan we lopen.

Nu een kortere duurloop van ongeveer een uur en een tiental minuten.

Berekoud.

En het sneeuwt!  Het sneeuwt! 

Sneeuw!  Het sneeuwt sneeuw.

 

Pijnlijke onderrug.  En nu gaat het niet weg tijdens het lopen.

Dju.

Ik draai een wegje in waar een paar putten gevuld werden met grof steenpuin.

En blijkbaar steekt er een halve baksteen wat hoger dan de rest en deze jongen struikelt feestelijk over deze baksteen.  Gevolg: een zware elektrische schok davert als een trein doorheen mijn rug.

Nu is het feest compleet.

Ik loop verder, maar het gaat niet van harte. 

De schwung is er uit en de schrik er in. 

Mijn rug is nu in een kramp geschoten, waarvan ik het letterlijk op mijn heupen krijg.

Ik ben maar liefst drie keer gestopt om de rug wat te masseren.  Ik stop normaal voor niets of niemand (of er is minstens een jachtgeweer in het spel).

Nu wel, noodgedwongen.

Het besluit is: naar huis via de kortste weg.  Na 58 minuten ben ik thuis.

Mijn heupkammen zijn pijnlijk, mijn lage rug speelt op en de spierbundels die links en rechts van mijn ruggengraat naar boven lopen voelen erg pijnlijk aan.

Hoesten doet pijn, zelfs ademen is pijnlijk....

 

Wat is me dat allemaal?

En ik wil niet stoppen met lopen. 

Nu kan dat niet. 

Binnen luttele weken staan er 20 slopende kilometers te Brussel op mij te wachten.

Ik kan me niet permitteren nu uit te vallen.

Aan de arbeid.

De commentaren zijn gesloten.