27-11-09

De Barbier van Sevilla

De Barbier van Sevilla.

 

Vanmorgen heb ik mijn haar verkocht.

Het mag duidelijk zijn: het is crisis. 

Ik moest verdorie 11 euro betalen. 

En u moet weten dat het bewuste haar uit dit briljante hoofd is gegroeid.  Dat zou toch reden genoeg moeten zijn om er een fiks bedrag voor te krijgen.  Een bijkomend argument is dat mijn haar in de loop der jaren een bijzonder schaars produkt is geworden. 

Zeldzamer dan uranium. 

Reden te meer om er véél geld voor te krijgen.

Maar neen, mijn barbaarse barbier rekende me 11 euro aan voor het terug aerodynamisch maken van mijn schedel.

Als loper scheelt dat toch weer wat in luchtweerstand.  Ik klief door luchtlagen...

 

*****

Vanmorgen vierde duurloop van de week: zaterdag, maandag, woensdag en vrijdag.  Telkens goed voor 1uur en 10 minuten, dus toch een kloeke 4u40 minuten op de teller.  Maandag een dip, want reactie van de bil ter hoogte van het zitbeen.  Ganse dag pijn.  Maar woensdag en deze morgen geen reactie achteraf, wel de traditionele lichte pijnopstoten tijdens het lopen.

 

*****

 

De naam van mijn kapper is Ad.  Zijn bijnaam Turbo-Ad.

Deze barbier scheert en knipt sneller dan zijn schaduw. 

Om 10 na acht ben ik thuis per fiets vertrokken en om negen uur was uw dienaar reeds begonnen aan zijn duurloop.

U zal zeggen, vijftig minuten later, zo snel is dat ook weer niet.

Ja, maar wat was er inmiddels allemaal gebeurd?

  • fietsen naar Ad,
  • er was één klant voor mij,
  • ikzelf onder de schaar,
  • afrekenen,
  • 524 gram Schelvishaas gekocht aan de viskraam (omega 1 tot 36 indachtig),
  • fietsen naar huis,
  • onderweg nog wat staan babbelen met een héél mooie vrouw (de mijne),
  • thuiskomen, alarm af,
  • loopkledij aan,
  • alarm op.

50 minuten.  Asjeblief.

Daarvan neemt Turbo Ad, de kapper, er hoogstens 4 voor zijn rekening.  In die vier minuten worden alle mannelijke gespreksonderwerpen afgehandeld:

  • Veronique De Cock,
  • de nieuwe BMW,
  • lachen met Anderlecht,
  • lachen met Leterme,
  • de bijdrage van bouwmeester Everaert Spoorwater en de dynastie Keldermans aan de flamboyante gotiek in het hertogdom Brabant.

 

Ad vraagt ook altijd hoe ik mijn haar wens. 

Ik wijs dan altijd met een op de wijze van E.T. gekromde wijsvinger naar een verkleurde foto aan de muur, waar een of andere machofiguur op ons neerkijkt, met een onwaarschijnlijke bos haar.   Zo'n bos haar had ik ook, eind jaren zeventig van het vorige millenium.

 

Turbo-Ad kijkt naar de foto aan de muur, vervolgens naar mijn hoofd, zucht dan meestal eens heel diep en zegt dan:

"Goed, kort dus, tondeuse 3 mm en daarna opblinken?"

Ik knik, berustend.

Meestal zegt hij dan nog iets beledigends, zoals bijvoorbeeld:

"Zou je beter niet 6 mm nemen, want met 3 mm lijken je oren ineens weer zo groot.  Zo Kai-Mook."

 

Nu ik er over nadenk. 

Telkens mijn vrouw naar de kapper gaat, zit ik te zagen dat dat een half maandloon kost en dat het  ook nog eens een halve werkdag duurt.  En dat Turbo-Ad  mijn wuivende haardos in een luttele 4 minuten tot de orde weet te roepen.

Maar als je dat begint uit te tellen, dan kom ik op bijna 3 euro per minuut. 

Mijn vrouw is twee uur naar de kapper, dat zou dan komen op een slordige 360 euro.  En ze betaalt hoogstens een euro of zestig!

En wat ze allemaal doen voor die zestig euro: knippen, bedwingen, bepotelen, opblazen, inkleuren, roosteren, croque monsieuniseren.

Elke keer ze naar de kapper gaat, bespaart ze een dikke 300 euro. 

Puur winst.

Waarom gaat ze niet elke dag?

En ze krijgt nog een kop koffie ook.  Bij Ad mag je al blij zijn dat er een druppel zweet per ongeluk in je bek valt.

 

*****

Maar de pijn tijdens het lopen blijft. 

Op de achtergrond, maar toch.

Te behappen, maar luxueus is het niet.  En wat gaat dat geven wanneer ik wat meer snelheid ga inbouwen? 

Een hoop miserie, sowieso.

Ik heb dan maar een knoopje doorgehakt en beslist om me volgende week dinsdag door een osteopaat onder handen te laten nemen. 

Mijn medicijnman, kinesist Tom, had al aangegeven dat de pijn een gevolg was van een blokkerende heup, of beter  een blokkage van de spieren ten gevolge van scheefstand.  Dat zullen we dinsdag eens voorleggen aan een osteopaat. 

Zo krijgen we een tweede mening, een andere aanpak en wie weet, een oplossing.  Zoals eerder gemeld, is deze meneer de toeverlaat van Zdenek Stybar, dus ik bevind me in select gezelschap. 

Niet meer dan terecht.

24-11-09

Le Bon Bonbon

Le Bon Bonbon

 

Sssst.

Hoort u het?

Sssssst.

Hoort u dat vage gerommel?

Wel, dat is Kind 2 die bezig is een tunnel onder ons huis te graven.

Kind 2 is namelijk op zoek naar onze geheime bergplaats.  Dat is de plaats waar wij onze koekjes, chocolade en snoepjes verstoppen.

 

U moet weten dat Kind 2 wel een koekje lust. 

Met als gevolg dat alles wat zoet is in een mum van tijd uit de snoep- en koekenkast verdween. 

Tot grote ergernis van uw dienaar, die na een lange duurloop 's avonds wel eens overvallen werd door een klein hongerke. 

Om dan teleurgesteld in een lege snoepkast te staan staren.  Met op de achtergrond het woest grommen van mijn maag.

 

Kind 2 vreet alles wat los en vast zit.

Daarom verstoppen wij al het snoep en de koeken. 

Maar het heeft een bizar neveneffect.  Kind 2 vindt dit pas een leuk spelletje.  De speurtocht naar de snoepdoos van Pandora!

Geen middel wordt hierbij geschuwd.  Springstof wordt desnoods ingezet voor het slopen van valse wanden.  Zo gaat Kind 2, voorzien van helm en houweel, fluitend op speurtocht.  Ergens wacht hem de heilige graal: de geheime voorraad snoep van casa Mark.

 

Inmiddels hebben we al een schuilplaats of twintig versleten.  Kind 2 vindt het allemaal prachtig.  En hij slaagt er telkens in de schuilplaats te vinden.  Een koekjesdrughond, lijkt het wel.

 

Nu ben ik ook wel een beetje vergeetachtig.  In die mate dat ik wel eens een schuilplaats durf te vergeten.  Zo is het me onlangs overkomen dat ik in een schuif een verdwaald pak Prince-koeken (met melkcholade vulling!!!!) heb gevonden.  Bijna zo goed als sex.

 

*****

 

En nu heb ik er meer dan genoeg van.

Ik weet het, het is mijn stomme fout. 

Had ik enkele weken geleden de dure eed gezworen enkel op zaterdag en woensdag te gaan lopen en pas de kilometers en het aantal loopmomenten per week op te drijven vanaf het moment dat ik compleet pijnvrij en onbezorgd zou kunnen lopen, maar wat bleek deze ochtend?

Inderdaad.

Zaterdag een relatief vlotte duurloop afgewerkt, met nauwelijks pijn en hier gaan we weer.  Meneerke dacht in zijn dwaze zelfoverschatting op maandag al een tweede sessie in te lassen, om op woensdag het aantal trainingen per week meteen op drie te zetten.

Gegokt en verloren.

De ganse dag zeurt mijn bil. 

Op mijn zitbeen rechts.

Zitten doet pijn, staan ook.  Niet monsterlijk, maar toch ambetant genoeg om een ganse dag geïrriteerd rond te lopen.

 

*****

 

Hoe kwam ik op dit onzalige idee??

Wel, bij het aanhalen van mijn broeksriem maandagochtend blijkt dat ik aan het verdikken ben.  Ik zit met de riem nog wel in hetzelfde gaatje, maar het gaat niet meer van harte. 

Dikker geworden dus.

Alarm!

Want kilo's kunnen we niet gebruiken.  Die moeten we meeslepen en wegen extra door op pezen, spieren, gewrichten....

Dikker geworden.

Niet onlogisch, gezien het feit dat ik de laatste weken 2 uur 20 minuten loop in plaats van de normale 4 uur per week.  En dat er dus een pak minder energie wordt verbruikt.

Maar deze jongen blijft wel schransen als vanouds.  Schep op die patatten, hier met die pasta. 

En af en toe iets zoets.

 

Leeeeeeeeeeeeeooooooooooooooooo.

Dat lust ik goed.

En Tuc-koekjes.

Chocolade met nootjes.

En elke avond een trappist Westmalle of twee.

Engelse drop. 

Cent wafers. 

Marsepein.

Of van die spekken, rood-wit....

 

*****

 

Een bijkomend probleem is dat ik quasi alles lust.  Zoet, zuur, hartelijk, laat maar komen. Als het maar veel is!   En eens een pak koeken open is, moet je het gewoon afpakken of ik buffel het helemaal op.

 

Altijd hetzelfde scenario.

Ik lig languit in de zetel met de afstandsbediening in de hand.  Me rot te ergeren aan al die imbeciele programma's op TV.

Ik kijk naar iets onnozels, bijvoorbeeld Expeditie Robinson.  Van al dat gezaag over een nijpend gebrek aan eten, krijgt een mens een klein hongerke.

Ik sluip naar onze geheime bergplaats om er een pak koeken te halen. Hiervoor volg ik een omslachtige route, via zolder en tuinhuis, om Kind 2, onze koekspeurhond, op een dwaalspoor te brengen.

Ik kijk slinks over mijn schouder of Kind 2 toevallig niet met zijn infraroodkijker op de loer ligt.

De kust is veilig.

 

Ik plof opnieuw in de zetel, terwijl op het scherm een deelnemer aan Expeditie Robinson zijn tanden zet in een rauw, lillend varkensoog.

Smakelijk!

Ik open het pak koeken.

Ik haal er vijf uit, sluit het pak en leg het pak vér buiten handbereik.

Ik eet de vijf koeken op.

Ik drink eens van mijn Trappist.

 

Ik sta op en ga het pak koeken weer halen.

Ik haal er vijf uit (en beloof dat het hierbij blijft), sluit het pak en breng het naar de geheime bergplaats.  Omweg maken, op mijn hoede voor een hinderlaag van Kind 2, in camouflagekleren gehuld.

 

Ik eet de vijf koeken op.

Ik drink nog eens van mijn trappist.

 

Even later....

 

Ik zeg 'fuck it' en sluip op mijn tenen weer naar de geheime bergplaats, pak het  ganse pak koeken terug mee en pak en passant een nieuwe trappist mee.  Ik vreet vervolgens het ganse pak koeken met huid en haar op.

 

Ik zap nog wat rond.  En in die reclameblokken zit er naast maandverband ook altijd eten, dus even later ben ik alweer op weg naar de ijskast om te checken of daar nog iets te eten valt.

 

*****

 

Neen, een halfvol pak koeken kan ik niet laten staan.

En dat heb ik ook met chips.  Ik lust dan ook nog eens alle smaakvarianten: zout, paprika, peper en zout, pickels, doritos nacho cheese, roept u maar!

Ik heb dat ook met M & M-ekes.

Of zoute nootjes.

Pralines van Leonidas!  Die witte!

Ik heb dat zelfs met Nutella.  Na een volledig avondmaal boterhammen mag ik absoluut niet een laatste boterham besmeren met Nutella.  Doe ik dat wel, dan ben ik vertrokken voor een boterham of 12.

 

*****

 

Duurloop dus deze ochtend.

De duurloop der zelfoverschatting.

Mijn immense pens deint op en neer.

En niet willen regenen!

Neen.

Stortregenen.

Blaaskes regent het, pijpestelen,...

Qua pijnbeleving was het zowat hetzelfde als gewoonlijk de laatste weken. 

Maar regenen! 

En waaien!

Het water sopte in mijn loopschoenen.  Mijn zwarte tight glansde van het nat.  Kliedernat was ik.

En het regende ook nog.

Water.

Zijknat kom ik thuis.  Vooraleer ik mag douchen, eerst het materiaal verzorgen.  Schoenen vol krantenpapier, zo drogen ze pijlsnel, zonder krimpgevaar..

Maar zoals gezegd, ganse dag pijnlijk zitbeen gehad.  Het baart me zorgen, maar woensdag testen we opnieuw.

Ik hoop dat het regent.

*****

 

Over snoep gesproken.

Toen mijn vrouw zwanger was van Kind 1, had ze drie verslavingen:

  • ribbekes van de Chinees,
  • Napoleonbollen,
  • overgeven.

 

Aan die verslavingen heb ik enthousiast mijn medewerking verleend, dat overgeven niet natuurlijk.

 

Ribbekes van de Chinees!

Hoeveel keer ik naar de Chinees heb gebeld voor 'nummelke deltien': libbekes.  Ontelbaar. 

Van die heel vettige ribbekes, heel pikant ook.

 

En Napoleonbollen dus.

images

 

U kent ze wel.

Le bon bonbon Napoleon.  Enkel de originele, de gele.

Overal waar mijn bolbuikige vrouw zich neerzette, moest er een familiezak  Napoleonbollen binnen handbereik liggen.  Wij haalden die per container in de Makro.

Omdat ik ook al eens meegeweest was naar de prenatale oefeningen,

....puf, puf, puf, puf, PERSEN GODMILJAAR !!!!,  u weet wel...,

vond ik dat ik het recht had evenveel Napoleonbollen te vreten als mijn vrouw.

 

Mijn gehemelte lag constant open.

Maar u weet dat ik mij enorm kan vastbijten in iets.  Als een pitbull met tandpijn en een slecht karakter.  

Dus kapot gehemelte of niet, hier met die bollen.

HIER ZEG IK!!!!

 

*****

 

Naargelang mijn vrouw zwangerder werd, werd ik inmiddels een volleerd, ervaren Napoleonboller.

Uit de cursus eten van Napoleonbollen voor gevorderden:

U neemt de bol uit de wikkel. 

Steek de wikkel in uw mond.

Geintje.

Steek de bol in uw mond.

Laat het genietend sabbelen een aanvang nemen.

Na enige tijd (de bol is inmiddels zo glad als gepolijst marmer), ontstaat er een piepklein gaatje in de Napoleonbol.  Door dat gaatje kan je, als je de bol weet te klemmen tussen tong en bovenstuk gehemelte vlak achter boventanden, lucht zuigen. 

Daardoor spuit de zure vulling van de bol op je tong.

Zalig.

Nadien bijt je de bol in twee. 

En vermaal je de rest tot splinters.

Succulent.

 

*****

 

En toen was er die fatale dag.

De dag dat het zonlicht bijna niet meer scheen.

Ik stond in mijn winkel.

Mijn hoogzwangere vrouw en uw dienaar zitten als twee verslaafde gekken Napoleonbollen te vreten. 

Ik achter de toog, zij in de privé-ruimte achteraan.

Het aantal lege wikkels achter de toog was immens.  Ik had al een Napoleonbol of twintig op.

Ik zuig door het gaatje het zuur binnen.  Plots schiet de bol los en in mijn keel.  Daar blokkeert de bol mijn luchtpijp.

Ik kan enkel nog ademen door het piepkleine gaatje in de bal. 

Nu ja, ademen...

 

Ik maak me echter nog geen zorgen.

Ben ik tenslotte geen échte vent?  10 maanden militair geweest in het roemruchte Belgische Leger.  In het bezit van een slijpschijf.  En een découpeerzaag.  Tek 7 ?

 

Ik probeer wanhopig de bal op te hoesten.

Rochel, rochel, rochel....

Lukt niet.

ROCHEL, ROCHEL, ROCHEL....

Lukt nog altijd niet.

Maar ik adem nog altijd, zij het erg moeizaam, door het kleine gaatje in de bal.

Plots draait de bal zich.

Weg is het gaatje.

 

Het is nu formeel: ik ben aan het stikken!

En de klokt tikt....

 

Mijn vrouw komt kijken wat dat walgelijke gerochel in godsnaam mag betekenen.

Eerst denkt ze nog dat ik een grap uithaal. 

Alsof ik zoiets zou durven....

 

Ik wijs eerst naar de zak Napoleonbollen en vervolgens naar mijn keel.

Ik word lichtblauw.

In noodgevallen sta ik meestal te gillen als een kip zonder kop, terwijl mijn vrouw altijd ijzig kalm blijft. 

Ik word donkerblauw.

Mijn vrouw heeft toen het Heimlich maneuver op mij toegepast en zo wellicht mijn leven gered. 

 

Nooit heb ik nog een Napoleonbol aangeraakt.

Napoleon is een vies manneke.

Vooral zijn ballen,....

.... heu, bollen.

20-11-09

Pantoffelheld

Pantoffelheld

 

Er stond een nota in de schoolagenda van Kind 2.

Dat is niet bepaald de eerste keer.

En ik begrijp dat. 

Het is genoegzaam bekend dat het onderwijzend personeel in het algemeen en de leraars van Kind 2 in het bijzonder een behoorlijk stresserende job hebben.  Wij hebben dan ook alle begrip voor het feit dat zij hun frustraties afreageren in de agenda van Kind 2. 

Spuw uw gal, het zal u bevrijden!  Dat Kind 2 u een uitlaatklep biedt voor uw opgekropte ergernis is gewoon de compensatie voor het feit dat Kind 2 meestal aan de grondslag ligt  van uw ongenoegen. 

Ja maar, u zoekt het ook zelf.  Geef Kind 2 wat Kind 2 wil en u heeft sereniteit binnen luttele seconden. Proefondervindelijk vastgesteld.

Anderzijds had u ook een écht beroep kunnen kiezen, maar dat geheel terzijde.

 

Volgende nota stond dus ter ondertekening in de agenda van Kind 2:

'Spreken is zilver, zwijgen is goud.'

 

Tja, Kind 2 heeft inderdaad problemen om zijn klep te houden.

Dat heeft hij geërfd van mijn vrouw.

 

Ogenblikje.

Ik duik even weg voor een voorbij zoevende pantoffel.

En een aardappelmesje.

Een snijplank.

Een soepbord.

250 gram gemengd gehakt.

 

Niks meer.

 

Ik neem aan dat de projectielen binnen handbereik van mijn vrouw uitgeput zijn.

 

Ik kan vervolgens niet nalaten luidop op te merken dat de trefzekerheid van mijn vrouw, sinds haar nieuwe bril, er niet op vooruit is gegaan. 

Luidop, dus, helaas.

 

Ogenblikje.

Andere pantoffel.

Nu wel raak.

 

Goed.

Goed raak.

 

Goed, er stond dus:

'Spreken is zilver, zwijgen is goud.'

En dan moet ik me beheersen om er niet onmiddellijk een reactie onder te schrijven. 

Een reactie in de trant van:

'En zonder chauffage, is het koud.'

Of

'Op vijfduizend kilometer, klein onderhoud.'

 

Maar ik vrees dat dit vanuit opvoedkundig oogpunt voor Kind 2 een verkeerd signaal zou zijn.

Dat ik ooit nog opvoedkundig en Kind 2 in één en dezelfde zin zou schrijven... de wonderen zijn de wereld nog niet uit.

 

*****

 

Eerder stond volgende nota al eens in de agenda van Kind 2:

'Kind 2 moet niet altijd het laatste woord hebben.'

 

Vermits mijn vrouw haar pantoffels terug in haar bezit heeft, kan ik u helaas niet melden van welke kant van de familie Kind 2 dat trekje heeft.

 

'Kind 2 moet niet altijd het laatste woord hebben'.

Ik herinner me nog dat ik en mijn vrouw toen over de grond hebben liggen rollen.  Niet van het lachen, neen,  we waren aan het vechten.  Inzet van het gevecht was de balpen én het recht om een reactie onder die nota te kunnen schrijven. 

'Familietrekje', heeft mijn vrouw toen onder de nota geschreven.

 

Nadien hebben we nog ruzie gemaakt om uit te maken van waar dit familietrekje kwam.  Omdat mijn vrouw altijd het laatste woord wil, heeft het nog een uurtje geduurd.

 

PANTOFFEL!

DEKKING!

 

*****

 

Woensdag laatstleden, opnieuw lange duurloop.

Begin deze week had ik een hartig woordje gesproken met God, dat het maar eens uit moest zijn met dat geregen tijdens mijn lange duurlopen.  U kan dat nalezen in een vorige kroniek.

Wel, het heeft geholpen.

Geen drup regen.

Maar waaien!

Een paar Beaufort. 

Vooral fort, weinig beau.

 

*****

 

Toch nog even terugkomen op schoolagenda's.

Tijdens mijn amechtige schoolse loopbaan heb ik ook mijn deel van nota's in de agenda of opmerkingen op schoolrapporten gekregen.

Meestal dat spreken zilver is en zwijgen goud en dat ik vooral niet altijd het laatste woord moet hebben, dat ik vééél beter kan, moet opletten, niet de clown mag uithangen,  ad infinitum...

 

Wanneer ik een tekst schrijf, dan durf ik wel eens tussenzinnen gebruiken zonder werkwoord.

Dat mag technisch gesproken niet.

In de marge van een of ander schooltaak had de leerkracht naast zo'n werkwoordloze zin in rode balpen geschreven:

'Geen zinnen zonder werkwoord.'

Begrijpt u dat ik de onstuitbare drang voelde om daaronder te schrijven:

Waar uw werkwoord?

De leerkracht dat niet grappig.

 

*****

 

Een paar Beaufort dus.

Ik vertrek met de wind in de rug.  Ik zet mijn zeilen naar de wind.

Vliegt de blauwvoet, storm op zee. 

Bij gebrek aan zee, dient u hier te lezen: Storm op het Bootjesven.

Het gaat goed vooruit.  Raar is dat rugwind niet gevoeld wordt.  De afkoeling is minimaal.

De wind heeft er zin in en jaagt de herfstbladeren voor me uit. 

Het bladertapijt mag dan wel magnifiek zijn, maar verbergt verraderlijke zaken.  Plassen, stenen met een slecht karakter,...  Het is uitkijken want een ongeluk zit in een klein hoekje.  De blik op scherp een paar meter voor me uit, speurend naar onregelmatigheden.

Het loopt lekker. 

 

*****

Kind 2 heeft het trouwens gepresteerd om een nota in de agenda van de leerkracht te schrijven.

Van de omgekeerde wereld gesproken.

De leerkracht was zélf zijn handboek vergeten.

Waarop Kind 2 op strenge toon zei: "Agenda bovenhalen!"

Er kwam een nota in over 'slordigheid en dat luiheid des duivels oorkussen is', te ondertekenen door de mamma (de leerkracht was een vrijgezel die nog thuis woonde).

Mamma heeft getekend.

Sportief...

 

*****

 

De lange dreef richting Bootjesven. 

Zand en kiezel wisselen elkaar af.  Tussen de bomen tempeest de wind vrolijk verder.  Linksweg weer een dreef in en dan kom ik via het wildrooster in open terrein. 

De wind heeft hier vrij spel en komt nu zijdelings op me ingebeukt.  Een tiental meter rechts van mij zeilt een blauwe reiger statig van me weg, gedragen door de wind.

De Rode weg over en nog meer ploegen door het zand.   De zandweg draait zodat ik nu de wind driekwart op de neus krijg. 

Mijn bil speelt een tweede keer op. 

Ik negeer de pijn, omdat ik inmiddels weet dat het maar voor eventjes is.

 

Terug de luwte van het bos in. 

Heerlijk zweten, hartslag 142.

De dreef uit, parallel langs de zoom van het bos.  Het hoofd staat weer richting huis.  De wind zit nu pal op de kop.  Dit wordt een heerlijk gevecht.  Nog een kilometer of vier knokken.

En zoals de traditie inmiddels wil, speelt de bil een derde keer op.  Je kan er bijna je horloge op gelijk zetten.

 

Thuis.

1 uur , 10 minuten en nog wat seconden later.

De kilometers zitten er alweer op.

Het hoofd helder.

De blik vastberaden.

Maar het blijft knagen.

Het gevoel dat we wel lopen, maar toch niet helemaal zoals het hoort.

We zien wel.

 

*****

 

Vandaag had Kind 2 nog een leuke verrassing in petto.

Kind 2 heeft namelijk de promotie van deze blog op zich genomen. 

Dat komt op het volgende neer. 

Kind 2 dwingt iedereen manu militari om de verhalen te lezen waarin Kind 2 de hoofdrol speelt.

Vandaag had zijn leraar Nederlands zo'n verhaal uitgeprint.

Een kroniek van een 6-tal pagina's.

En de fouten MET RODE BALPEN aangestreept.

Wat denkt u?

Dik geflest.

10 fouten.

Een dikke nul op tien.

 

RODE BALPEN.

DAT IS DUS ALS DE SPREEKWOORDELIJKE RODE LAP OP EEN STIER.

Wanneer is er een oudercontact?

Mijn wraak zal zoet zijn....

Ik breng mijn pantoffels mee...

 

17-11-09

Gdorik

Gdorik

 

We moeten eens klappen.

We, daarmee bedoel ik, God en ik.

Is het nu absoluut noodzakelijk dat het elke keer regent wanneer ik ga lopen? 

Wat heb ik U misdaan?

Hola, niet zo snel, dat was een retorische vraag.

 

Heeft U echt niks beters te doen? 

Zijn er geen varianten op het griepvirus meer te verzinnen waarmee U de mensheid in het algemeen, en griepcommisaris Van Ranst in het bijzonder mee kunt pesten?

Zijn er geen plagen meer?

Ik bedoel....

Heeft U echt niets meer over van de plagen voor Egypte?

U had toch keuze te over.  

Water wordt bloed (Uw zoon was ten minste nog iets spiritueler; die maakte er wijn van), kikkers, luizen, hagel, zweren en wat weet ik nog allemaal meer....

Een fijn tsunamike?

Desnoods iets met een vulkaan?

 

Is de verveling in het hiernamaals zo immens, dat U mij moet viseren? 

Mag ik U in die optiek het spel 'Mens erger je niet' sterk aanbevelen?  Misschien moeten we het spel speciaal voor U een nieuwe naam geven?  Wat denkt u bijvoorbeeld van: 'Almachtige, gooi nu godverdoemme een zes zodat U eindelijk een pionneke op het spelbord mag zetten.'

En moest het nu blijven bij motregen, dan zou ik het nog met de mantel der liefde bedekken, maar neen, het was weer pittig, zaterdagvoormiddag.  Het was weer geen weer om een hond door te sturen. 

Maar U stuurde me wél op pad.

Dank U daarvoor.

Was U misschien jaloers op mijn nieuwe loopschoenen? Kon U het niet verdragen dat ze nog niet vuil waren?  En stuurde U mij daarom door wind en regen de modderstroken op, om ze in te wijden? 

 

*****

Net op de radio gehoord dat er weer een aantal Belgen in de adelstand werden verheven. 

U mag drie keer raden wie er niet bij was. 

Hoeveel keer moet een mens de 20 Km door Brussel lopen vooraleer ie baron wordt?

 

*****

Vorige week nieuw schoeisel gekocht. 

U weet dat ik zweer bij loopschoenen van het merk Brooks.

Voor de aanschaf begeef ik mij naar de tempel der loopschoenen. 

Top Running in Wuustwezel. 

Zij zijn de enigen die mijn voeten mogen aanraken en mijn lichaam mogen verafgoden.

Ik had ze per mail verwittigd dat het loopwonder zijn opwachting zou maken voor het perfect aanmeten van nieuwe loopschoenen.

Het gesidder en gebeef had dus een aanvang genomen. 

Het personeel van Top Running kreeg meteen af te rekenen met paniekaanvallen, hyperventilatie en wild om zich heen spuitende diarree.

 

*****

 

Ik parkeer de limousine.

De rode loper lag al uitgerold.

Ik schreed naar binnen. 

De zaak was, zoals afgesproken, geheel voor mij gereserveerd.  Geen gewone stervelingen, niks proletariaat.  Muzak op de achtergrond.

Ik sprak het personeel bemoedigend toe:

"Brave mensen, kom kom, sta recht, u hoeft voor mij niet neder te knielen.  Ik ben Sinterklaas niet. Ik ben ook maar een gewone mens, zoals jullie allemaal.  Alleen beter, sneller, mooier, maar goed ....  verschil moet er zijn."

Onderwijl had ik mijn witte handschoentjes aangetrokken en streek met de wijsvinger over de bovenkant van een kast.

Zoals te verwachten viel....

.....vlekkeloos.

 

*****

 

Een man in driedelig pak kwam onderdanig naar me toe geschuifeld.  Hij stelde zich voor als de Chief Executive Officer van Brooks.  Hij begon een zenuwachtig betoog over CO2-neutrale productie en dat ze nog 5 jaar verwijderd zijn van hun 100-jarig bestaan.

Ik voorvoelde rottigheid.

En toen kwam het er uit. 

Met horten en stoten moest hij handenwringend toegeven dat ze het model van mijn type schoen Brooks, de  Adrenaline GTS, hadden veranderd. 

Zonder mij te verwittigen.

De gil die ik toen slaakte heeft men in Ukkel foutief geïnterpreteerd als een lichte aardbeving.

En ja, ik weet het, ik had de arme man niet mogen slaan (volgens Ukkel goed voor een bescheiden zesje op de schaal van Richter).

Maar met God als mijn getuige (u weet wel, Hij die het altijd doet regenen), dit is onaanvaardbaar.

Onaanvaardbaar.

ONAANVAARDBAAR.

 

Inmiddels was al het personeel van Top Running gaan schuilen in hoeken, in en achter kasten voor de blinde woede van het loopwonder.  Als een razende las ik links en rechts de levieten.

Ik ben afgelopen als een wekker.  Dat het van 'den hond zijn kloten' was dat ze, zonder overleg met mij te plegen, het model veranderen.  Alsof ik nog niet genoeg miserie heb.

Het luchtte me wel op.

 

*****

 

Ik keek om mij heen en stelde vast dat bijna iedereen in tranen was.  Dat speelde op mijn gemoed en ik zei vol mededogen:

"Ik sta open voor ideeën.  Verras me."

 

Er werd mij met de nodige schroom een paar Asics aangeboden. 

Daarmee heb ik het wereldrecord hamerslingeren gebroken.

Saucony. 

Een minachtende njet.

Nike, Reebok of Mizuno.

Ik keek met opgetrokken neus en wenkbrauwen hautain de andere kant uit.

 

Brooks moeten het zijn.

B - R - O - O - K - S.

 

Dan komt iemand aanzetten met een paar loopschoenen van Brooks.  Deze zijn grijs/oranje van kleur. 

Grijs, mijn lievelingskleur...

Ha, grijs, hoe rustgevend....

De schoenen kijken me aan met van die grote puppy-ogen.  Ik smelt een beetje, maar laat dat niet meteen merken.

Het blijken schoenen te zijn die quasi hetzelfde zijn als mijn vorige paar.  Alleen hebben deze schoenen 'tsjoepkes' onder de zool, voor meer grip.

Speciaal ontworpen voor geaccidenteerde ondergrond en winterse omstandigheden, voor modder en schuifpartijen. 

SPECIAAL VOOR WORTEL KOLONIE. 

Het mekka voor de natuurloper.

SPECIAAL VOOR MIJ.

Met tsjoepkes.

 

 

Ik kijk de CEO van Brooks aan.

Ik glimlach hem bemoedigend toe.

"Je hebt het hem weer geflikt, jongen", zeg ik.

Hij valt me huilend in de armen.

 

*****

 

Wanneer ik het pand verlaat, strijk ik met een wit gehandschoend vingertje over de bovenkant van de deurstijl. 

Mijn ultieme truuk.

En ja hoor, vuil.

Zonder er verder woorden aan vuil te maken, steek ik het vuile vingertje in de lucht en schud theatraal 'neen' met mijn hoofd.

We mogen uiteindelijk niet té soft worden.

 

*****

 

Mijn nieuwe schoenen.

Met deze schoenen heb ik inmiddels twee lange duurlopen afgewerkt.  Ze zitten prima.  Ik heb ze niet eens ingelopen.  Gewoon aantrekken en lopen. 

Brooks. 

Hun beursnotering zal zich straks, na deze kroniek, wel terug herstellen...

Maar zoals gezegd.  Twee duurlopen in de regen.  En bij momenten behoorlijke plensbuien. 

Hoe staat het met de heupstand?

Wel, ik loop nog niet geheel pijnvrij, maar ik maak me sterk (of wijs) dat er beterschap is.  Maar langzaam, zeeeeeeeeeeeeer langzaam.

 

Mijn kinesist heeft me een reeks oefeningen opgelegd, waarbij ik mijn houdingsspieren zou kunnen trainen. 

Maar het is ook altijd hetzelfde. 

Als ik me neerzet om die oefeningen te beginnen, dan gaat de telefoon... 

Populair zijn is niet altijd een voordeel.

En ik heb nog altijd een geheime troefkaart in de mouw.  Ik heb het telefoonnummer van de osteopaat die Zdenek Stybar behandeld.  Wanneer mijn rug/heup/bekken een algemene blokkage of verder ongemak zou veroorzaken, dan kan ik nog altijd die noodrem gebruiken.

 

*****

 

Vanmorgen weer maar eens een geboortekaartje in onze brievenbus.  De planeet is al overvol, maar dat belet niet dat mensen denken zich te moeten voortplanten.

 

Ik zal u besparen welke naam de ouders hun boorling hebben gegeven.

 

Wat bezielt de mensen tegenwoordig?

Wat is er fout aan een voornaam zoals de mijne: Mark.

Niks, dacht ik zo.

Een perfecte naam.  Voor Jan Modaal, maar ook voor helden van allerlei slag.

Waarom noemt u uw kind dan 'Gdorik'? 

Omwille van privacyredenen heb ik een paar medeklinkers en klinkers ingewisseld. 

Het betert er niet echt op.

Nu ja, slechter werd het ook niet.

 

Gdorik, dus.

Wat is dat?

Een jongen?

Een meisje?

Een monster?

Een Hobbit?

 

Gdorik lijkt wel de merknaam van een totale onkruidverdelger van Bayer.

Of een auto, de Lada Gdorik.  Zonder turbo.

Of een of andere Deathmetal band uit een obscuur Scandinavisch gat, als voorprogramma van Rammstein.

Of een geslachtsziekte.

 

En moest u nu een Tsjechisch gezin zijn, dan zou ik het nog begrijpen.  

Gdorik Stybar, ja dat heeft wel wat. 

Broer van.... 

Maar uw achternaam is zo oervlaams als maar kan zijn.

Denk toch eens na.

 

Gdorik.

Hoe is het toch mogelijk?

Dat kind moet ooit zijn eigen naam leren schrijven.  Heeft u daar al eens aan gedacht?

En wanneer u straks aan de achterdeur staat te brullen: "Gdorik, komen eten!!!!", moet u niet verbaasd opkijken wanneer plots de hond van de buren voor uw neus staat te kwijlen.

En bij een alcoholcontrole moet u met zo'n naam niet raar opkijken dat u niet eens hoeft te blazen, maar onmiddellijk de boeien invliegt.

Diploma's.  Nog zoiets.  Op geen enkel diploma zal de voornaam Gdorik correct staan. 

Neem dat gerust van mij aan. 

Minstens op de helft van mijn universitaire diploma's en doctoraten staat mijn voornaam foutief.  Marc in plaats van Mark.  Wat gaat dat geven met Gdorik?

 

Er is wel een voordeel aan die voornaam Gdorik.  Ja, eerlijk is eerlijk.  Je kan die naam erg goed combineren met een vloek. 'Godverdomme Gdorik' combineert krachtdadigheid met een soort alliteratie die erg goed bekt.   Iets dat niet zou misstaan als titel op een strip van Suske en Wiske.  Dat dan weer wel.

 

Wie weet betekent Gdorik wel iets vies in een of andere rare taal.

 

Ik heb even, voor de aardigheid, Gdorik gegoogeld. 

Slechts 23 hits. Dat is erg weinig.

Blijkt onder andere een Ierse achternaam te zijn.

En een personage in een of ander spel, Warhammer...

En ook iets in de medische sfeer, zo blijkt....

generic elimite wrnvoz order green tea wnaqrw abana pbpnzr avandamet ixwctc buy imuran online bzanuy artane izdsyo buy breast augmentation gdorik ..

 

Zat ik er toch niet zo ver naast met die geslachtsziekte....

13-11-09

Bruce Lee

Bruce Lee

 

Het fenomeen Tom R.

Ik probeer al jaren Tom R. tot de loopsport te bekeren.  Omdat ik vind dat hij slecht genoeg van karakter is om het ver te schoppen in deze sport. 

Maar Tom R. vindt dat in een witte short in de tenniskantine pinten zitten hijsen al ruim kan volstaan qua sportieve inspanning.

En dat is jammer.

 

*****

 

Toch heeft Tom ooit een periode geworsteld met een  bizarre fascinatie voor Oosterse gevechtsporten. 

In één of andere flutfilm met Jean-Claude Van Damme was er een scène waarin JCVD een zwaar trainingsschema afwerkt ten einde later hele busladingen slechterikken te kunnen afslachten.

Dat is nu eens echt iets voor Tom. 

David tegen Goliath. 

Ook op de Playstation kende Tom geen genade. 

Dus dit lag hem wel, dacht hij.

Tom ging de ultieme vechtmachine worden.  Stalen spieren.  Eiken balken zou hij met de blote vuist tot spaanders herleiden, dakpannen zou hij met zijn hoofd tot stof doen verkruimelen.

Of omgekeerd, dat viel nog te bezien....

 

 

*****

 

Een goede voorbereiding is het halve werk.

Tom heeft eerst alle films van Karate Kid gezien.

Didactisch materiaal.  

Een mens kan tenslotte niet goed genoeg voorbereid zijn als je je aan gevechtssporten gaat wagen.

 

Uit de films leerde Tom dat het lichaam van de ware Oosterse gevechtsmachine eerst en vooral een periode van harding moet ondergaan. 

Blootvoets door de sneeuw. 

Dat lag wat moeilijk, het was tenslotte augustus.

Met je vuisten hameren op een telefoonboek tot alle bladzijden er uit waren. 

Nergens een telefoonboek te vinden, dankuwel internet.

 

Maar dan is er plots toch uitzicht op een gepaste training. 

Jezelf geselen met takken, om zo je lichaam te harden.  Tegen pijn.

Dat leek Tom wel doenbaar. 

Uiteindelijk waren er heel wat flexibele boompjes te vinden bij hem in de tuin.

 

Hoe ging Tom hierbij te werk?

Hij plooide een tak van een jonge denneboom in een cirkel rond de stam en liet deze vervolgens schieten tot tegen zijn ontblote borstkast.

 

Zwiep en pets !

AAAGRH! 

AAAGRH!

Striemende pijn, als van een zweep, maar Ninja worden vraagt iets van een mens, dus de tanden op mekaar en verbijten die pijn. 

 

Jean-Claude lacht tenslotte met zulke uitdagingen. 

No pain, no gain, zoals Stallone zich ooit in een filosofische bui liet ontvallen.

 

Op één been kan een mens niet staan (een flamingo wel, maar dat terzijde).

Dus.....

 

Zwiep en pets !

AAAGRH! 

AAAGRH!

 

Enzoverder.....

Een twintigtal zwiepen en evenveel petsen later was zijn borstkas één ode aan de volharding, en ook wel één rood gestriemde zone.

 

*****

 

Tijd om de training naar de volgende stap te brengen.

De onthechting van de ware gevechtsmonnik vroeg om dat ietsiepietsie meer.

De ultieme uitdaging op weg naar de eeuwige glorie, zeg maar.

 

Tom ging een tak voluit in zijn gelaat laten zwiepen. Het gelaat moest ook gehard worden, was de redenering.

Tom besefte gelukkig dat enige bescherming hier geen overbodige luxe zou zijn. 

Met een eind kleefband bevestigde hij een beschermende hoes rondom de tak, zodat het geweld van de klap niet op één smalle streep zou komen.

Goed mikken (we willen tenslotte geen oog verliezen) en Tom laat de tak los.

In dezelfde fractie van een seconde ziet Tom het volgende vanuit zijn ooghoek:

  • een tak die als een razende op zijn gelaat afstormt,
  • een beschermhoes die al even razend van de tak wordt weggekatapulteerd,
  • een blote tak die hem voluit op de wang treft, een bloedrode striem nalatend.

De training was bij deze een doorslaand succes én  ....    ook wel afgelopen.

 

*****

Tijd voor de technische fase van de training.

Om dozijnen spleetogige tegenstanders uit te schakelen zou een wapen wel eens van nut kunnen zijn.

Werpsterren!

Mja, leuk.

Maar eens weggegooid, moet je er zelf toch weer achteraan sjokken om ze weer op te pikken. Dat is toch wel vermoeiend.

Neen, Tom zocht iets spectaculairders.

Iets visueel spectaculairder.

 

*****

 

Tom ging aan de slag met zelfgebouwde nunchaku (twee houten stokken, verbonden met een stukje ketting). 

Het eerste stuk hout is het handvat, het tweede is het rondslingerende wapen.

Je zwaait met het tweede stuk hout, maar je kan het bijvoorbeeld ook afklemmen onder de arm. 

Na ontelbare blauwe plekken kon Tom uiteindelijk als een waanzinnige tekeer gaan met die nunchakus. 

Niet normaal.  

Hij zou op warme dagen desnoods als ventilator aan de slag kunnen. 

 

*****

 

Maar u weet hoe dat gaat. 

Met het besef dat je iets goed kan, sluipen ook de nonchalance en de arrogantie binnen.  Eén seconde van onoplettendheid en Tom kreeg het slaghout keihard tegen het hoofd.  Hij sloeg zichzelf erg grondig knock-out met zijn eigen nunchakus. 

Héél erg grondig. 

De duisternis begon in te vallen vooraleer Tom terug bij bewustzijn kwam. 

 

*****

 

U begrijpt dat wanneer iemand met zulke inzet, zo'n verbetenheid, zo'n leergierigheid zich totaal zou geven voor de loopsport, we het einde nog niet gezien hadden.   Dit was materiaal waar medaillewinnaars uit gemaakt worden.

 

Helaas situeert Tom zich op dit eigenste moment nog altijd op een barkruk aan de toog van de tenniskantine. 

Hij draagt een witte short. 

Hij hijst.

 

10-11-09

Se non è vero

è ben trovato.

 

De trouwe lezer van deze kronieken weet dat ik een man ben, waarop u een huis kunt bouwen. 

Een kleintje toch. 

Zonder garage.

Een kerk misschien ook wel, hoewel ik in die richting geen enkele ambitie koester.  Voor je het weet ben je een icoon en hang je aan, pakweg, een kruis genageld in elke woonkamer.  En ik heb ooit als eens een duimspijker in mijn vinger gehad,  en dat viel al behoorlijk tegen, dus neen, bedankt.

 

Huis bouwen dus.

Ik ben als het ware uw rots in de branding.

U kan mij vertrouwen.  In de buurt van uw dochters en uw geld.  Hoewel de combinatie al wel erg verleidelijk wordt.

 

Ik haat te laat komen.  Wanneer ik, bij wijze van voorbeeld, in Antwerpen-Centraal de trein van 19u24 moet halen, dan hoef ik mij niet te haasten om die van 17u24 te halen. 

Taakspanning, noemt men dat in de psychologie. 

Ongezonde taakspanning, noemt men het in de psychiatrie. 

Aanstellerij, noemt mijn vrouw het.

 

Mijn vriend Tom, u kon hier al eerder iets over zijn stuitend gebrek aan tijdsbesef lezen, heeft absoluut geen last van taakspanning.  Stel dat Tom in Antwerpen-Centraal de trein van 19u24 moet halen, dan is de kans groot dat hij rond 19u55 het verkeerde perron opstormt en teleurgesteld in de verkeerde richting staat te kijken.  Met enig geluk staat hij ook nog in het verkeerde station, in de verkeerde stad of land.

Dat is Tom ten voeten uit. 

Wij hebben onze tanden stuk gebeten op hem.

We hebben het opgegeven. 

We weten wanneer we verslagen zijn. 

Ach, de zoete smaak van de nederlaag....

 

*****

 

Zo zal ik ook altijd ruim op voorhand vertrekken om ergens ten lande aan een of andere jogging deel te nemen. 

Marge inbouwen. 

Basisregel is dan:  Tom thuis laten, voor je eigen gemoedsrust.

Niets is zo vervelend voor de man met het startpistool met de vinger aan de trekker, dan dat er net op dat moment een loper op zijn schouder komt tikken met de vraag of hij nog een kwartiertje wil wachten, want Tom was wat aan de late kant. 

Ik moet ook niet op prins Filip afstappen net op het moment dat hij het startpistool ter hemel richt op de 20 Km door Brussel en hem zeggen:

"Excellentie (of is het Monseigneur), un instant svp, Tom est en retard. 

Oui, c'est toujours la même chose avec lui.

Je sais, c'est dégoutant. 

Mais, que peut on faire?

Quinze minutes, ça va?"

Pakt niet.

 

*****

 

Neen, ik ben altijd ruim op tijd ter plaatse.

Geen parkeerperikelen, ruim de tijd voor verkenning omloop, opwarming, enfin, ik acclimatiseer graag.

De lokale fauna bestuderen, quoi.

 

Enkele jaren geleden heeft me dit toch wel in een lastig parket gebracht op de Jaarmarktjogging in het landelijke R.

Ik durf me er nu nog altijd niet te vertonen.

 

Ik was ruim op tijd ter plekke.  De plaatselijke vrijwilliger met fluo-vestje was nog de prut uit de ogen aan het wrijven en uit de neus aan het eten alvorens de eerste nadar te gaan plaatsen, toen ik er met ronkende motoren de nog lege parking opspoot. 

Ploegen door grind.

Uit de weg iedereen, één getrainde atleet is in da house! 

IN DA HOUSE!

SAY YO! 

En nu jullie allemaal: YOHO! 

En ik dan weer YO!

 

Soit.

 

*****

 

De kantine in, op zoek naar de inschrijfbalie. 

Die was nog niet in bedrijf.

Een man met ringbaardje, 1m62 hoog, was driftig doende met alles en niets speciaals.  Delegeren heet dat, geloof ik.

Intermezzo: mannen met ringbaardje, ik dacht dat zulks bij wet verboden was nadat de Volksunie heeft opgehouden te bestaan.

 

Ik was duidelijk een indringer in zijn overdreven drukke leefwereld.  Hij stevent met zijn korte beentjes op me af.

"Kan ik u helpen?" 

Ik durf er inmiddels een vat op te verwedden dat dit een inspecteur van het Katholiek Onderwijs is, op rust.  Een man die geen tegenspraak duldt.

Ik zeg dat dit afgetrainde lichaam zich ter plekke heeft begeven om zich in te schrijven voor deelname aan de plaatselijke jogging.

Hij liep rood aan. 

Ik was duidelijk iets te vroeg.

Toen ik ook nog een deel van zijn papieren van de tafel afstootte (ik zweer het, het was bijna per ongeluk), ging het van rood naar bordeaux.

Interessant. 

Ik keek gebiologeerd naar een kloppende ader op zijn voorhoofd.

Bloeddruk ging door het dak. 

Dit was niet gezond.

 

Hij schreef me in, als eerste deelnemer aan de jogging.

 

Volgens de handboeken geneeskunde was het niet raadzaam de mens nog eens te bezwaren met een vraag, maar een duiveltje in mijn hoofd dacht er anders over, dus ik vroeg hem waar de kleedkamers zich bevonden. 

Hij keek me aan alsof ik een lastig insect was, dat hoognodig diende plat gemept worden.  Ter bescherming van de menselijke soort.

Ik begon het stiekem plezant te vinden deze mens te jennen. 

Ja, ik ook heb mijn kleine kantjes (in de coulissen weerklinkt: "ge hebt er geen grote").

 

Hij riep een jongeman bij zich. 

Flaporen. 

Niet normaal. 

Hoe beschrijf ik dat? 

Het leek wel een VW-kever met de deuren open.

 

Deze jongeman kreeg van kabouter Ringbaard de opdracht mij te begeleiden naar de kleedkamer.  Tevens kreeg hij de instructie de linkse kleedkamer voor de Heren te reserveren, de rechtse voor Dames en op de deuren een papier te hangen met daarop de overduidelijke mededelingen: Heren / Dames.

 

*****

 

De kleedkamer. 

Omkleedritueel begint. 

Het ordenen der spullen. 

Schoenen kleding, tape, nummer, speldjes. 

Het complete gamma.

Ik sta net in mijn onderbroek en voel een enorme jeuk opkomen.  Ik ben helemaal alleen en hoef me dus voor niets of niemand te generen. 

Krabben waar het jeukt.

Ik sta dus feestelijk mijn ballen te krabben, wanneer plots de deur open gaat en een dame me eerst pal in de ogen kijkt en vervolgens naar mijn rechterhand die, op de wijze van mijn grote voorbeeld Al Bundy, in mijn onderbroek zit. 

Zij trekt haar (verkeerde) conclusies.

Ik besef dat het haastig terugtrekken van de hand ook behoorlijk suggestief is, dus beperk ik me tot schaapachtig grijnzen, onderwijl op mijn beurt pioenrood wordend.

Ze sluit de deur en verdwijnt.

 

*****

 

Ik overdenk de situatie.

In films lopen deze zaken altijd anders.

In ondeugende films zou deze dame, die een Zweedse blonde stoot genaamd Inga zou zijn,  heel suggestief en in slow motion haar haren naar achter hebben gegooid, een ondeugend wijsvingertje aan de knalrode glossy lippen hebben gebracht en lispelend hebben gezegd:

"Wat heb je daar in je hand, baby?" 

"Is dat voor mij?"

En dies meer, waarna wufte kledingsstukken de kamer doorzweven, en op de achtergrond afgrijselijke muziek weerklinkt. 

Vervolgens komen haar vier Zweedse blonde vriendinnen binnen....

....(wilt u wel bij de les blijven; dit is nog steeds de film!!!)....

....die zich met inzet van al hun respectieve lichaamsdelen overgeven aan de orgie. 

Sappen vloeien rijkelijk.

Daarna komen er nog twaalf blonde stoten... (enfin, we korten een en ander wat in).

 

*****

 

Maar dit was de kleedkamer van de jogging in het dorpje R. 

Niet Emmanuelle 12.

Wat een vreselijk toeval dat deze dame zich van kleedkamer vergist, uitgerekend op het moment dat ik feestelijk aan mijn ballen zit te krabben.  Hoe groot is de kans? 

Groot genoeg, zo bleek.

 

*****

 

De deur gaat opnieuw open. 

Geen blonde stoten echter.

Een Bordeaux stoot. 

Het is Ringbaard.

"Awel, wat doet mijnheer in de kleedkamer van de Dames?" 

Ik ben er nu héél zeker van dat hij een gewezen inspecteur is.  Hij ruikt bloed.  En een schandaal.  Of beiden.

Een worstvormig vingertje tikt op het blad papier 'Kleedkamer Dames' op de deur.

Ik sta even perplex, maar herpak me snel en repliceer:

"Dat kereltje met die flaporen heeft het verkeerde blad op de deur gehangen nadat ik hier binnen was gegaan.  Die sufferd moet dringend het verschil tussen links en rechts leren!" was mijn reactie. 

Ik vond dat goed gezegd. 

Duidelijk, welbespraakt, de vinger op de wonde, man en flapoor bij naam noemend.

Ringbaard wordt opnieuw bordeauxkleurig. 

Ik herhaal,  niet gezond.

 

"Ik zal mijn zoon er even bijroepen", zegt hij.

Dit ging definitief de verkeerde kant uit. 

Flapoor sufferd was zijn zoon. 

Ik denk dat mijn krediet op is.

 

Om een lang verhaal kort te maken.

Ik kon een doortastend optreden van de politie van het landelijke R. nog net vermijden, maar ben wel onder begeleiding van Ringbaard en Flapoor naar de kleedkamer Heren gebracht en sta te R. wellicht definitief  te boek als de pervert!

 

*****

 

Ik ben me nadien bij de bewuste dame gaan excuseren (het rare was dat ze me geen hand wou geven)....

 

*****

 

Nawoord: U gelooft ook werkelijk alles. 

Uw goedgelovigheid gaat u ooit nog wel eens zuur opbreken.  Neen, u moet daar wreed mee oppassen.  Als ik u was, dan zou ik niet op de beurs gaan, geen tapijten aan de deur kopen, tweedehandsauto's kopen van Hollanders of ingaan op zakelijke voorstellen van Lernout en of Hauspie.

Wat is er van dit verhaal waar? 

Laat ons zeggen dat ik het verhaal lichtjes bijgekruid heb. 

Maar feit was wel dat ik een kleedkamer heren kreeg toegewezen, waar nadien dames werd opgehangen.  Voor ik tot krabben en dergelijke kon overgaan, was men zo vriendelijk om mij van de wijziging op de hoogte te brengen en me te begeleiden met pak en zak naar de juiste kleedkamer. 

De rest valt onder de categorie:  'se non è vero, è ben trovato'.

06-11-09

Genesis

Genesis

 

Woensdag.

 

November, een sombere maand.

Ik hijs me uit bed, schoolvakanties permitteren een soepel ochtendritueel.  De wekker wordt wel eens de mond gesnoerd, om zo een extra half uurtje in de nestwarmte van de donsdekens te vertoeven.

Maar, zoals altijd, roept de plicht.

De loopschoenen staan het baasje op te wachten, met grote, vragende ogen.  Ze hebben de leiband in de muil.

 

Eerst een licht ontbijt. 

De thee rookt.

De regen tikt tegen het keukenraam. 

Een bezorgde blik naar buiten.

De hemelsluizen staan helemaal open, het is een mistroostige dag.  Het lijkt wel alsof het vandaag niet licht wil worden.

 

*****

 

Zou ik niet beter een paar containers hout bestellen?

Om een ark te bouwen.

De Ark van Noach. 

Genesis, u weet wel......

......met Phil Collins op de drums.

 

De Ark van Mark.

Dat rijmt.

Klinkt zelfs beter dan Ark van Noach.

Ik had ook al parket besteld, maar dat blijft maar achterwege.  Even de bestelbon opsnorren. 

Wie was de leverancier ook al weer?  

De Planckaerts, tja...

 

*****

 

Schoenen

Check

Hartslagmeter

Check

Huissleutel

Check

 

*****

 

Zeg, wat heb ik nu vernomen?

Gaat de wereld vergaan in 2012 ?

Volgens bepaalde bronnen zou de Maya-kalender ophouden in 2012 en dus de wereld ophouden te bestaan.

Kunnen ze dat godver niet wat eerder zeggen. 

Mijn lening op mijn huis loopt namelijk af in 2011.  Zeg nu niet dat ik 20 jaar krom heb gelegen om amper 1 jaar schuldenvrij op de aardkloot rond te lopen en vervolgens tot stof en as te vergaan. 

Voor alle zekerheid snoei ik de haag niet meer tot begin 2013.

 

*****

 

En terwijl het matig regent, vertrek ik richting Kolonie.  Voor deugddoende kilometers.

Het is zigzaggen en springen rond en over de plassen in de dreven.  Zompige ondergrond zuigt aan de schoenen.

Schuiven op afgevallen herfstbladeren.

Het begint iets forser te regenen. 

De wind trekt aan.

Maakt niks uit, we zijn opgewarmd.

De zandwegen zijn herschapen in modderwegen.  Doorweekte voeten, het water dat door de ene voet wordt opgeworpen, schep je met de andere voet mee.

Het begint nog wat harder te regenen.  Mijn grijze lange tight kleurt donker van de regen.  Alles begint aan mijn lijf te kleven.  Ik krijg koude handen.  Ik trek mijn doorweekte regenvest over mijn handen.

Puur genieten.

 

*****

 

Daarnet een forse discussie gehad met de kapitein van de Ark van Mark.  De kapitein had het waanzinnige idee opgevat om van elke diersoort een mannelijk en vrouwelijk exemplaar in te schepen.

De onnozelaar.

Waar haalt ie het?

Dat schijt alles onder en dat vreet de oren van uwe kop.

Niks van!

Die kooien voor de beesten allemaal buiten en we bouwen  op de vrijgekomen ruimte een trendy loungebar.  LOOOOOUUUUNNNNGGGE.

Mojito.

Lijkt me een  veel zinniger plan.

*****

 

De regendruppels lopen van de klep van mijn pet.

Een wolkbreuk.  Stortbuien.  Rukwinden.

De zondvloed is bijna totaal.

Die ark moet dringend afgewerkt worden.

Dit is niet meer lopen, maar soppen.  Of aquajoggen.

Mijn kledij kleeft aan mijn ribben.  Ik ben koud tot op het bot.  Maar ik voel dat ik leef!  En dat mijn bil pijn doet, dat voel ik ook natuurlijk.

 

*****

 

In de krant:

De 'theorie' dat in 2012 de wereld vergaat, omdat dan de Maya-kalender zou aflopen, is gebaseerd op een simpele rekenfout. De hype, waarvan zelfs een bioscoopfilm is gemaakt, is onterecht: als de wereld al vergaat, dan is dat pas in 2208.

 

Seg, hoe zit het nu?

Moeten wij nu alle belangrijke data in de geschiedenis missen?

 

Toen Diana crashte lag ik nog in bed. 

Toen Boudewijn stierf ook. 

Niks geweten van de val van de Berlijnse Muur.  We zaten toen in de kroeg.  Toen we tegen een muur liepen 's nachts, wou die van geen wijken weten.

Dat België Rusland versloeg op het WK van 1986 (met 4-3, na verlengingen) hebben we niet meegemaakt.  Na de 1ste helft zijn we gaan slapen, België stond achter en was wéér maar eens grenzeloos aan het klungelen.

Tijdens de aanslagen op de Twin Towers waren wij keihard Gran Turismo op de Playstation aan het spelen en wisten we van toeten noch blazen. 

Toen de Bende van Nijvel haar eerste overval deed, lagen wij in het golfslagbad van Center Parcs. 

 

En nu zouden we eens een keer op de eerste rij kunnen staan wanneer de wereld vergaat. Eindelijk!

En wat doen ze? 

Uitstellen tot 2208. 

Lafaards!

En wij moeten het weer doen met een film, zeker.

 

*****

 

Het einde van de wereld is nabij.

Beloven, ja. 

 

 

Wat hebben de onheilsprofeten ons allemaal al voorgespiegeld?

 

Nucleaire winter na wereldomvattend nucleair conflict. 

Is niks geworden. 

De Rus wou niet meer.

Gat in de ozonlaag. 

Is alweer dicht.

Zure regen?

Allemaal op.

Een meteoriet zou de beschaving vernietigen?

Niks van in huis gekomen.

Ja, een flutfilm met Bruce Willis.

Opwarming planeet?

Het wordt heet? 

Vandaag toch alweer een ferme gasrekening in de bus gekregen.

Door het afsmelten der ijskappen zou de warmtestroom in de oceanen stilvallen en zou het hier ijskoud worden.

Ja maar, wat is het nu? 

Warmt het op, of koelt het af?

 

*****

 

Afkoelen, denk ik.

Want ik heb inmiddels blauwe handjes.

In de verte staat een hete douche me op te wachten.

Een uur en een tiental minuten rustige duurloop in de regen.  De bil protesteerde, zoals altijd, maar het blijft bij licht zeuren.  Dat kunnen we nog hebben.

Zaterdag opnieuw.

 

Als de wereld tegen dan nog niet vergaan is.

03-11-09

Bultenaar

Bultenaar

 

Zaterdag.

 

Voormiddag.

Duizend dingen te doen.

En dan sla ik tilt. 

Ik heb het namelijk lastig met een lange lijst verplichtingen.  Dan blokkeer ik. 

Ik besluit de lange duurloop te schrappen en te verplaatsen naar zondag.

Maar een tweetal uurtjes later is de lijst 'te doen' verdwenen als sneeuw voor de zon, en blijkt dat de lange duurloop toch nog kan voor de noen, dus ....

lange duurloop.

 

*****

De jacht is open.

Paniek onder het fazantenbestand. 

Ik draai een veldweg in te Wortel en zie aan de andere kant van de aanpalende weide, in de rand met struikgewas, een drietal jagers en honden.

Plots vliegt een fazant op. 

Saignant detail: de fazant vliegt in mijn richting.  De drie openen het vuur en een zestal schoten hagel blijken nodig te zijn om de fazant uit de lucht te halen.

Op hetzelfde moment loop ik voorbij een boerderij.  Ik hoor de hagel op het dak en in de dakgoot neervallen. 

Toffe kerels, die jagers.

 

Lopen is dus een gevaarlijke sport.

Laat daar geen twijfel over bestaan.

 

En hoe gaat het met mij?

Fijn dat u het vraagt.

Wel, we lopen, nog niet geheel pijnvrij, maar nu duurt het toch al een zestal kilometer vooraleer ik iets voel, en dan nog...

We ploegen verder.

 

*****

 

Lopen is gevaarlijk, ik heb het daarnet al even aangehaald.  Ten bewijze daarvan, volgend verhaal.

 

Op een dag ben ik aan het lopen door de straten van mijn thuisstad. 

Ik loop op het voetpad.  Ik ben dan altijd beducht voor openslaande portieren, wagens die tussen huizen uit komen rijden, laagvliegende ufo's.

Daar hoor je ook niets meer van hé, van de vliegende schotels.  Zouden de marsmannekes ons beu zijn?

Enfin, ik loop dus op het voetpad. 

Plots komt een fietser de hoek om en die knalt BOENK op mij. 

We vallen alletwee de grond op. 

Ik was te beduusd om de jongeman eens duchtig uit te schelden.  Hij krabbelde overeind en maakte dat hij wegkwam.

Wat blauwe plekken 's anderendaags, maar...

...toen begon het.

 

Ik was frontaal met mijn kop tegen die jongeman aangebotst.  Ik had toendertijd tussen de ogen een onderhuidse kalkafzetting.  Door de botsing was er een wondje ontstaan en dat begon nu te ontsteken.

Het voelde aan als een zweer, maar werd alras groter en groter en GROTER.  Onderhuids dus.

 

GROTER EN GROTER EN GROTER.

 

Nu is de rekbaarheid van de huid eindig. 

De huid rond mijn ogen stond zo dramatisch hard aangespannen dat ik zowaar spleetogen kreeg. 

Ik zag er uit als, hoe zal ik het beschrijven, een mix tussen een Chinees en de Bultenaar van de Notre-Dame. 

Maar dan lelijker.

Mijn vrouw vond het prachtig!

 

*****

 

Naar de dokter geweest.  Die heeft het gepresteerd om zonder verdoving met een scalpel een inkeping in die puist  te maken.  Ik zie die scalpel nog steeds naderen naar de zone tussen mijn spleetogen; die scalpel werd in navolging van de puist ook almaar groter en GROTER!

Maar de puist wilde van geen wijken weten.

Moest nog verder uitrijpen.

 

*****

 

Tot overmaat van ramp moesten wij het daarop volgende weekend naar een trouwfeest.  Nu zag ik er  die avond uit als een mix tussen een Chinees en de Bultenaar van de Notre-Dame die net een serieus pak slaag had gekregen van Mohammed Ali.  En met die smoel moest ik het  trouwfeest van onze vrienden opluisteren. 

 

Mijn vrouw zei nog: "Zou je niet beter thuisblijven, zodat het voor iedereen smakelijk blijft?"

Neen, de Chineesogende bultenaar die net slaag had gekregen van Cassius Clay moest en zou ieders eetlust gaan bederven met zijn puist.

Mijn vrouw zei nog: "Blijf thuis, want  door de antibiotica mag je niet drinken, en dat lukt je hoogstens tien minuten."

Neen, de goed van bult en spleetoog voorziene boksbal moest en zou meegaan, en beloofde plechtig dat hij niet zou drinken.

Mijn vrouw en uw dienaar, de spleetbult, togen naar het huwelijksfeest.

 

*****

 

Het (toen nog niet gescheiden en toen nog gelukkige) koppel was internationaal.  Hij een Brit, zij een Vlaamse deerne.

Toen de bruidegom ons (mijn vrouw en ik) de allereerste keer ontmoette, had hij het koosnaampje dat mijn vrouw voor mij had misbegrepen. 

Mijn vrouw noemde mij toentertijd "bolleke". 

Toen was nog alles liefde.

Nu noemt ze mij: "hé, jij daar".

 

Enfin, zij noemde mij dus "bolleke".

Hij begreep dat als "bollocks", inderdaad "kloten". 

Een ferm koosnaampje. 

Vonden wij wel behoorlijk stoer.

 

*****

 

Toen wij onze entree maakten op het huwelijksfeest, stelde hij mij aan zijn familie voor als Mr Bollocks.  Erg luidkeels.

Ik moet het toegeven, het vatte het plaatje behoorlijk samen.

Ik had een tronie die merkwaardig goed paste bij Mijnheer Kloten.

Ze keken me aan alsof ik net uit een vuilbak was gekropen.

 

*****

 

Mijn vrouw had middels een immens kleefverband zowat de helft van mijn gezicht afgekleefd,  onder het motto: alles wat we kunnen wegsteken, is puur winst.

Die klever wekte  natuurlijk enkel maar de nieuwsgierigheid op van iedereen, terwijl ik dan weer scheel van de koppijn zag omdat die klever de ganse tijd in mijn gezichtsveld hing.

Ik moest ook nog eens antibiotica slikken en mocht dus niets alcoholisch drinken. 

Dat is me gelukt. 

Zoals mijn vrouw dacht.

Ongeveer tien minuten. 

Daarna konden ze allemaal mijn "bollocks" kussen en ben ik zwaar in de drank gevlogen.

Ik (en mijn puist) hadden vééééél plaats op de dansvloer.

 

*****

 

's Nachts was ik baldadig genoeg om de confrontatie met de puist, die inmiddels ook behoorlijk aangeschoten was, aan te gaan.

Hoe zal ik het beschrijven?

Het leek wel een scène uit een té goedkope zombiefilm.

Ik bespaar u de details. 

U moet namelijk straks nog eten.