13-10-09

De ritssluiting

De ritssluiting

 

Zaterdag.

D-Day.

Hoe zou mijn bil reageren op een eerste looptraining na twee weken inactiviteit?  Dat was de grote vraag.

Ik sta lang te treuzelen vooraleer te vertrekken.  Wat prutsen aan de kledij, de veters nog eens minutieus opstrikken, de borstband van de hartslagmeter nog wat strakker aanspannen.  Het weer monsteren, windrichting inschatten...

Een slecht voorteken.

Ik rol de bal wat voor mij uit.  Puur in het besef dat ik me, zolang ik thuis blijf, nog de illusie kan maken dat er niets aan de hand is.  Zolang ik niet vertrek, ben ik niet gekwetst. 

Eens de hort op, is er geen weg terug. 

Op naar de opperste gelukzaligheid in het besef dat alles ok is, dat het terug 'business as usual' is, of ....  de doodlopende weg van de pijn en de ontgoocheling.

 

Ik stap buiten.

 

De hartslagmeter piept.

Diep ademhalen.

Start de chrono.

Ik vertrek voorzichtig.

 

Ik voel niets, maar daar gingen we van uit.  Het zou verdorie nog moeten mankeren!

Rechts de Lindendreef in, richting gevangenis (indien u via start komt, krijgt u geen 200 frank).

De dreef naast de gevangenis. Steenslag, plassen.

Herfstkleurenexplosie.  Duizend variaties op bruin.

De wind speelt speels met de bladeren.

De geur van natte bladeren.

God, wat heb ik dit gemist!

Dreigende luchten, zwanger van regenbuien. 

Wolken, gejaagd door de wind.

Links via het Stipstappevoetpad, ik loop nu tussen de velden.  De wind links in de flank.  Traag tempo.  Hartslag 134. 

Maar ik ben er niet gerust in.  Het is genieten, maar toch met een weerhaakje.  Je bent alert, op je qui-vive voor elk signaal, elke pijnprikkel.

Leven, of liever lopen tussen hoop en vrees.

Asfalt.  De 's Boschstraat.  Enkele bochten verder, rechts een zandweg in.  Tussen weiden, aan de achterkant van de gevangenis.

En ik kan me wijsmaken wat ik wil, maar daar is de pijn weer.  Rechterbil, zone zitbeen, uitstraling naar rug en lies zelfs.

En ik loop niet eens door. 

Gewoon een gezapig sukkeldrafje.

 

*****

 

Eerst proberen te negeren.  Inbeelding!

Maar de ontnuchtering volgt meteen.

De pijn is zéér aanwezig.

 

Links richting Wortel.

Dan weer links een zandweg in.

Ik kruis een asfaltweg.

Weer een oude, trage weg in.

 

Maar de pijn blijft, wordt zelfs erger.

 

Wat nu?

Doorlopen en hopen dat de pijn alsnog verdwijnt? 

Er doorheen lopen?

En meteen voor het uur of anderhalf uur gaan? 

Klinkt het niet, dan botst het maar.

Moedwillig worden en alles kapot lopen? 

Versnellen tot het scheurt?

Of stoppen, stretchen en terug proberen?

Of naar huis?

Wikken en wegen.

Twijfel.

 

 

Ik stop.

Ik wandel.

Ik kan wel janken.

Ik kijk moedeloos naar boven.

Op zoek naar hulp.

Die is er niet.

Nooit.

 

En tot overmaat van ramp begint het uitgerekend nu te regenen.

Hier sta ik dan.

Te dampen van het zweet.

In twijfel gevangen.

In de regen.

 

Ik keer terug naar huis.

Een illusie armer.

Alweer.

 

Herfstkleurenexplosie.

Is nu de minste van mijn bekommernissen. 

Duizend variaties op bruin. 

Bruin blijft een schijtkleur.

De wind speelt speels met de bladeren. 

En dan?

De geur van natte bladeren. 

Dat stinkt, dus.

God, wat heb ik dit gemist! 

En ik kan het godverdomme missen als kiespijn.

 

*****

 

Mijn huisgenoten weten meteen hoe laat het is.

"Ben jij nu al terug?", vraagt mijn vrouw.

En in een flits beseft ze wat er aan de hand is.  Moest het niet duidelijk genoeg zijn, dan is er nog altijd de donderwolk op mijn gezicht die boekdelen spreekt.

 

40 minuten.

Meer was me niet gegund.

 

Ik was niet te genieten.

Hadden er zaterdagmiddag getuigen van Jehova het aangedurfd om een poot tussen de deur te steken, dan hadden ze vrij snel hun Schepper ontmoet.

 

En op zondag wordt meteen duidelijk dat het leed nog niet geleden is.  De ganse bil straalt pijn uit.  Het is om cynisch en moedeloos van te worden.

En een absolute giller is dat ik spierpijnen in mijn kuiten heb.

Hilarisch!

Van 40 minuten veredeld joggen.

Spierpijnen!

Wat zijn we diep gezakt.

En de moed nog wat dieper in de schoenen.

De loopschoenen staan weer aan de kant.

 

*****

 

Pijn is relatief.

Stomme uitspraak.

Domme uitspraken over pijn zijn relatief.

 

Ik kan beter stoppen met mijn geklaag, want aangenaam gezelschap ben ik niet voor u, vrees ik.

 

*****

 

Mag ik u dan toch even verblijden met dit waar gebeurd verhaal.

Dat aantoont dat pijn inderdaad relatief is.

 

Eind jaren zeventig moest Paul S., een vriend van mij, zich op maandag melden op 'het Klein Kasteeltje' voor keuring voor zijn legerdienst.

Dat moest gevierd worden!

Vooral omdat wij wisten dat Paul S. geen enkele nuttige bijdrage kon leveren aan landsverdediging, of het moest in de kantine zijn.

 

Paul S. onder de wapens!

Dat we dat nog mogen meemaken!  Dat ze het aandurven om die nitwit een wapen in de hand te stoppen!

 

Dat vroeg om een grondig fuifje.  Kwestie van de onbezorgde jeugdjaren op een waardige manier af te sluiten.  Dat daarbij véél moest gedronken worden, was een zekerheid.  Fuifwaarts getrokken met de bende van zes vrienden.

Op een bepaald ogenblik is er wat getrek en geduw (fuiven in de Kempen zijn pas geslaagd als er geslagen is) en zien we Paul S., onze soldaat-milicien in spe, op de vlucht gaan richting uitgang, op de hielen gezeten door een paar gasten die overduidelijk zijn vel lusten. 

Dramatische aftocht, misschien was het Belgisch Leger toch wel iets voor hem.

De reservetroepen, in casu wij, zijn vijf kameraden, zetten de achtervolging in.  Net op tijd om onze vriend op volle snelheid door een glazen deur te zien lopen.

Een luide knal, glasgerinkel en overal bloed.

 

De bloeddorst van de belagers was bij deze gelest.

 

Wij met ons slachtoffer naar de dokter van wacht.

Die was erg blij met de klandizie van 6 benevelde jongeren, waarvan één exemplaar dringend wat hechtingen in het gelaat kon gebruiken.

Wegens behoorlijk wat alcohol in de bloedstroom, was verdoving niet aangewezen.  Dus werd onze soldaat genaaid zonder verdoving.

Dat werkte ontnuchterend.

Bij hem toch.

 

*****

 

Nadat iedereen genaaid was die genaaid moest worden, besloten we  terug naar de fuif te gaan.  Er stond immers nog een rekening open, en er brandden nog consumptiebons in mijn broekzak.

 

Per fiets terug.

Paul S. in helse pijnen.

Wij, vrolijk in alle nevels, voelden niets.

De nacht was nog jong en beloftevol.

 

Maar wat gebeurt er als je met zijn zessen vlakbij mekaar fietst?  Rekening houdend met de verzamelde promilles en het feit dat iemand had gezegd: "Om ter eerste bij de fuifzaal?"

 

Juist.

We haken in mekaar in volle sprint.

De gevolgen waren niet te overzien.

Toen het stof was gaan liggen, overschouwde ik het slagveld.

Overal fietsen en schaafwonden.

 

Maar het ergst er aan toe was Paul S.

De genaaide wonde was helemaal terug opengescheurd (voelt u het ook?).

 

Terug naar de dokter van wacht.

Die kon zijn lol niet op.

Andere stukken huid gevonden om terug dicht te naaien.

Vandaar het rare patroon van een ritssluiting op het gelaat van Paul S.

 

*****

 

Gisteren VRT-journaal.

Een pas binnengekomen bericht. 

Frank Vandenbroucke is overleden.

Ik neem aan dat het hart van Caroline Gennez ook een milliseconde oversloeg.

 

 

Commentaren

Lotgenoten Beste mark,
allereerst meegeven dat ik al maanden fan ben van je blog/schrijfstijl.
Ook mijn vrouw - niet loopster - leest met veel plezier over mijn schouder mee.
Ik vrees dat we alletwee in het zelfde schuitje zitten. We zijn immers beiden eigenaar van een weinig benijdenswaardige blessure, waarvan maar moeilijk het einde kan ingeschat worden.
Leuk is anders, kan je vast bevestigen.
Op mijn nederig blogje moet je 'een ramp?' er maar eens op nalezen. Haast een identiek gevoel als hetgeen jij nét beschreven hebt.

Bestaat er geen telefoonnummer waar mensen zoals jij en ik terecht kunnen? Iets in de trand van de drugslijn misschien...
De fu & ck groep ofzo? Fysieke Uppercuts en Chronische Kwetsuren?

Voor alles is er immers een markt, mark.

Succes met je herstel, enne...
blijven schrijven!

Groeten,
Filip.

Gepost door: Filip | 15-10-09

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.