18-08-09

Caramba

Caramba

 

Antilliaanse feesten in mijn thuisstad. 

Caraïbische muziek het ganse weekend door.  Exotische schonen met zenuwachtige tailles in het straatbeeld.  Een drukte van jewelste. Kleurrijk gewriemel.

Vrijdagavond voerde de wind flarden Sambadeuntjes tot op ons terras.

Zaterdagochtend worden we dan weer onthaald op motorengeronk.  Blijkt dat mijn thuisstad ook nog eens het decor is van een motorcrosswedstrijd.  Gans het weekend het zeurend geluid van jankende motoren op de achtergrond.

En dan mogen we ons nog gelukkig prijzen dat de Rimpelrocken en Marktrocken van deze wereld elders hun beslag krijgen.

 

En dan nu de hamvraag.  Welke onverlaat heeft het kind van de overburen een mondharmonica gegeven? 

WIE ? 

WIE ?

Ik wacht...

Een mondharmonica godbetert.   En het kind gaat als bezeten te keer op het instrument.  Men kan gewag maken van een doorgedreven enthousiasme en volharding waar een mens enkel jaloers kan op zijn.  Een getoet en gefwiep waarbij horen en zien vergaat.  Compositie in dissonanten.

Bericht aan de overburen: het kind heeft geen, ik herhaal, het kind heeft geen aanleg voor muziek, neen, er zit geen Toots Thielemans verscholen in het kind.  Nu niet, straks niet, nooit.  Het wordt eerder een motorcrosser, denken we.

 

*****

 

Zaterdag. 

Wedstrijd in Duffel.

Duffel.  De geboorteplaats van de 'Duffelcoat'.  Zo leerde me internet.  'Cinema plaza' in restauratie, u kent het misschien nog van de tv-reeks 'Monumentenstrijd'.

KWB wedstrijd over 15 km.

Duffelwaarts getrokken.

Werken op de E19, maar de impact daarvan was eerder beperkt.

In Duffel vonden ze dat er nog altijd een schepje bij kon qua omleiding.  En dat deden ze ook al met de zuiderse slag.  Eén enkele eenzame wegwijzer met daarop 'omleiding', daarna was het ieder voor zich.  Trekt uwe plan.

De temperatuur buiten bedroeg volgens mijn dashboard een frisse 30 graden.  De temperatuur in de wagen steeg inmiddels ook.  Want zodra ik afwijk van de route die mijn juffrouw van de GPS in haar koppige kopje heeft, breekt de hel los.

"Maak een U-turn, indien mogelijk", zegt ze ijskoud.

"Terug naar Rumst, ik dacht het niet, lompe doos", was mijn flegmatische antwoord. 

Een vrouw smalend tegenspreken, ik had beter moeten weten.

"Herberekenen, ...,  over 50 meter, linksaf slaan", meldt ze.

Daar aangekomen, zie ik dat deze weg ook afgesloten is.

"Lap, hier mag ik niet in.  Zijde gij blind of wa ? Stomme koe.  Kunde gij geen kaart lezen?"

Ik rij ijzerenheinig door, wild slalommend doorheen verkavelingen, waarbij de juffrouw van de GPS het noorden en haar geduld helemaal verliest.  Er komt rook uit de GPS.

"Herberekenen, herberekenen, herberekenen,..."

Elke oplossing komt te laat, want telkens ben ik alweer ergens afgedraaid.

"Hoe moeilijk kan dat zijn, achterlijk stuk technologie, om mij van punt A naar B te brengen", gil ik.

Ze geeft het op en trekt misnoegd de laffe trukendoos open:

"Herberekenen, wachten op minder miswijzing, zoek satellieten, 85 %"

Ik leg haar definitief het zwijgen op en viseer de kerk van Duffel.  Oude boerenwijsheid heeft me geleerd dat de kerk meestal centraal gelegen is, samen met de frituur en het volkse café.

Daar zie ik een man in loopuitrusting een sporttas uit de auto nemen.  De goden zijn me gunstig gezind.  Zomaar op de wilde boef ben ik op de juiste plaats aangekomen.   Eureka.

Ja, Eureka mijn gat.

De loper in kwestie had zijn GPS ook een doodschop verkocht en had mijn redenering gevolgd qua oriëntatie.  Wat navraag en overleg leerde ons dat we niet eens zo gek ver uit de buurt waren.  Hoogstens een dikke kilometer in de fout.

En wat is een kilometer voor het superieure ras, de loper ?  

Een peulschil.

 

*****

 

30 graden onder thermometerhut. 

Ernaast ook vrees ik.

Inschrijven en omkleden in een plaatselijke school.  Dan naar de startzone.  Daar staan de helden van de 5 Km uit te druppen en uit te hijgen.  Ze waarschuwen voor een kokende hel, waar niemand levend uit terug keert. 

Parcours: een lus.  Eerst rechts flauw naar beneden op een rode gravel weg.  Deze weg loopt in een soort afgeschermde natuurlijke kom: links de dijk van de Nete, rechts een bosrand.  Geen millimeter schaduw, geen zuchtje wind.  De temperatuur loopt hier nog een paar graden extra op.

Op het eind lichtjes bergop, dan links en weer links over de dijk naast de Nete richting start/aankomst.  Hier krijg je als extraatje de wind pal op de kop.  Hoera !

Een paar bekenden aan de start.  Er zijn 32 starters op de 15 km, 42 op de 10 km.

 

*****

 

Startschot.

Het aanvangstempo ligt bijzonder laag.  De eerste kilometer wordt op 4 minuten afgelegd.  We lopen in een gesloten groep van een man of 15.  De staart van deze komeet brokkelt af, in de vorm van mensen die het tempo niet aankunnen. 

Bizar trage eerste kilometer. 

Normaal schieten er enkele helden als windhonden weg, nu bleef het een compacte groep.  Ik weersta aan de verleiding om er van onder te muizen.  Gelukkig maar, want de tweede kilometer wordt fors sneller afgelegd: 3 minuten 40 seconden. De groep spat verder uiteen.

Ik koppel mijn wagonnetje aan bij Kris A.  We liepen ook samen in Booischot. 

Plots komt Stefan Van den Broek (AC Lierse, Belgisch Kampioen 10 000 meter alle categorieën) ons met blote bast voorbij gestormd.  Blijkbaar werd  er op hem gewacht.  Hij neemt niet deel, maar gaat naar de kop van de wedstrijd om te hazen.  Voor hem is dit hoogstens een veredelde training.

De dijk op.  Kris en ik remonteren een zekere Jelle.  Ver voor ons loopt een duo.  We lopen nu windop.  Ik spoor Kris en Jelle aan om rond te draaien en zo het gat te dichten op de 2 lopers voor ons.  Ik merk aan zijn ademhaling dat Jelle boven zijn limiet aan het lopen is.  Daardoor schuif ik telkens te snel weer naar de kop van ons groepje en investeer veel energie in de achtervolging.  Maar het loont wel.

Ronde 2.  We duiken op het rode gravelpad en de bakoven in.   Jelle moet lossen. Het duo voor ons valt uit mekaar.   Kris en ik halen één van hen bij, de rode loper,  heu, een loper met een rood shirt.

We lopen hem er ook af, maar ik voel dat de inspanningen beginnen te wegen.  De dijk op en ik moet Kris laten gaan.  Ik besluit even op adem te komen.  De rode loper en Jelle hebben de krachten windop gebundeld en naderen op mij.  Het feit dat ze succesvol inlopen zorgt er voor dat ze weer energie investeren om mij bij te kunnen halen. 

Laatste ronde.  Kris is weg.  Op het moment dat Jelle en de rode loper bij mij komen, begin ik weer te versnellen. 

Taktiek! 

Ze zullen cash betalen om mee te kunnen.  Jelle lost de rol opnieuw en nu definitief, maar de rode loper is taai en bijt zich vast in mijn zog.  Samen doorstaan we de rode hel en een groot stuk van de dijk.

De laatste honderden meters zijn er teveel aan.  De rode loper schuift tergend langzaam van me weg. 

Teveel met mijn krachten gewoekerd.

1 uur 3 minuten en 44 seconden over 15 km en 300 meter in helse omstandigheden.  Zware ondergrond, loden temperatuur, wind tegen.  Het was geen lachertje.

Een badhanddoek is mijn zuurverdiende prijs.  Geen prijs  gewonnen bij de ad random tombola.  Maar wel eeuwige roem in het Duffelse.

 

Kattewasje in een plastic teiltje water in een bloedheet klaslokaal. 

En één Ice Tea  later ga ik de auto opzoeken.  Wat kan een kilometer ver zijn te voet, zelfs voor het superieure ras, de loper. 

Ze was eerst nog wat nukkig, maar de juffrouw in mijn GPS heeft me toch weer naar de E19 geloodst, zodat ik fluks huiswaarts kon keren.

Het was een zware dag.  Toch wat randschade.  Een pijnlijke hiel links, lichte pijn buitenkant linkerknie, een blaar zowaar aan de dikke teen rechts.

 

*****

 

Gezocht:  een Chinese vrijwilliger die de mondharmonica van de kleine van hierover in beslag kan nemen. Dan zijn we er helemaal.

 

*****

 

De salsa en merengue weerklinken in de Blauwbossen, en de Mochito vloeit er rijkelijk. 

Maar het is goed zoals het is op ons terras. 

De zon verdrinkt in bloed en kleurt de kim,

terwijl Chet Baker op het gemoed speelt.

De nacht valt.

Stan Getz.

Misty.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De commentaren zijn gesloten.